Opinie

Rookvrij 2017? Rookvrije generatie!

Opinie Zieke rokers voelen zich schuldig. Maar het is de industrie die ze verslaafd heeft gemaakt en de overheid vond dat wel prima zo, schrijven een , en .

Illustratie Roos Koole/anp

Als artsen zien wij dagelijks de verwoestende gevolgen van roken, die zich meestal meer dan twintig jaar na het begin van de verslaving openbaren. De vaatchirurg amputeert benen bij verstokte rokers, de cardioloog ziet dagelijks hartinfarcten die aan roken te wijten zijn, terwijl de longarts longkanker en COPD behandelt. Ondanks vooruitgang in de geneeskunde zijn veel van deze ziekten maar gedeeltelijk te behandelen en niet te genezen.

Voorkomen is daarom het beste. Roken is een verslaving die meestal in de jeugd begint. Jongeren hebben niet door hoe verslavend nicotine is, en dat een roker een dikke kans heeft aan een vroegtijdig hartvaatprobleem of kanker te overlijden. De verslavende kant krijgt onvoldoende aandacht waardoor een ‘eigen schuld dikke bult’-mentaliteit overheerst, en zieke rokers zich schamen en schuldig voelen.

Roken veroorzaakt in Nederland twintigduizend doden per jaar. Drie op de tien jongeren rookt. In Nederland rookt bijna 25 procent van de mensen. Toch gloort er hoop want in de VS is dat percentage teruggebracht tot 15 procent. Met goede regelgeving en voorlichting moet het mogelijk zijn ook in Nederland het aantal rokers drastisch terug te brengen. Bizar dat in een ontwikkeld land als Nederland de tabaksindustrie nog zoveel ruimte heeft.

De tabaksindustrie heeft een groot belang bij het in stand houden van roken. Er staan miljarden op het spel. De industrie kan zich de inzet van duurbetaalde lobbyisten en advocaten jarenlang permitteren. Ondertussen verleiden zij een nieuwe generatie tot tabaksverslaving. Medici en politici weten dat roken slecht is. Toch blijft ferme actie van deze partijen uit. Blijkbaar besteden we zorggeld liever aan minder relevante aandoeningen. De overheid vindt de twee miljard euro belasting op sigaretten belangrijker dan de geamputeerde benen, beroertes, longkankers en hartinfarcten van hun burgers. In partijprogramma’s is nauwelijks iets terug te vinden over tabaksontmoediging. Wij vinden dit een schaamteloze vertoning.

Politici en artsen moeten krachtig optreden tegen roken. Maar het voortouw wordt vaak genomen door moedige burgers. Zo stapte in 2000 een medewerkster van de Post naar de rechter om een rookvrije werkplek af te dwingen. Nadat zij in het gelijk gesteld was, zette de minister van Volksgezondheid Els Borst, fervent tegenstandster van roken, dit om in wetgeving. En 17 december lazen we in NRC over twee moedige, doodzieke burgers die de frauduleuze praktijken van de tabaksindustrie aan de kaak stellen („Sjoemelsigaret”). Niet voor eigen gewin, maar in de hoop dat hun kinderen geen tabaksslachtoffers worden. Advocaat Bénédicte Ficq deed namens hen aangifte tegen de industrie.

Wij ondersteunen deze aanklacht en roepen politici op om de wet- en regelgeving snel aan te passen zodat een rookvrije generatie binnen bereik komt. De accijns op tabak moet fors omhoog, roken in (semi)publieke ruimtes moet verder teruggedrongen worden en het aantal verkooppunten drastisch omlaag, te beginnen bij tankstations en supermarkten.

Dit zijn relatief kleine stappen met grote positieve gevolgen voor de volksgezondheid. Met deze stappen kunnen politici veel meer voor de gezondheid van burgers betekenen dan wij artsen. Wij komen pas in beeld als het rookkwaad al geschied is. Politici, kom in actie!