Cultuur

Interview

Interview

Bij een kerstmarkt op het Breitscheidplein in Berlijn worden betonblokken geplaatst.

Foto: Hannibal Hanschke/Reuters

Een open samenleving? Die is voorbij, zegt terrorisme-expert

Volgens de Franse terrorisme-expert François Heisbourg heeft Duitsland na de aanslag in Berlijn „geen andere keus” dan strenge veiligheidsmaatregelen te nemen. „Wir schaffen tout ça? Ik moet dat nog zien.”

In Frankrijk kregen veiligheidsdiensten na de aanslagen in 2015 verregaande bevoegdheden en op risicovolle plekken als theaters en winkels moeten mensen door veiligheidspoortjes. Duitsland probeert koste wat kost een open samenleving te blijven. Dat is begrijpelijk, gezien de geschiedenis, zegt de gezaghebbende Franse terrorisme-expert François Heisbourg die voor onderzoek geregeld tussen Parijs en Berlijn vliegt. Maar Duitsland heeft „geen andere keus” dan nu te veranderen.

Heisbourg, voorzitter van het Britse International Institute for Strategic Studies, zei eerder dit jaar in NRC de Duitse reactie op een mogelijke aanslag te vrezen. Het land leek zich tenslotte lang „immuun” te voelen voor terreur. „Als de botsing tussen migratie en terrorisme in de hoofden doorzet, dan kan dat ernstige gevolgen hebben voor de samenleving als geheel”, zegt hij. „Wir schaffen tout ça? Ik moet dat nog zien.”

Lees ook dit interview met Heisbourg van afgelopen voorjaar : ‘Parijs weigert lessen te trekken uit de aanslagen’

Hoe heeft Duitsland gereageerd?

„Zolang terrorisme op relatief grote schaal niet voorkomt, ziet een samenleving de werkelijkheid van de dreiging niet onder ogen. De autoriteiten zeggen al maanden dat een aanslag mogelijk is en dat het dreigingsniveau hoog is, maar zolang er niets gebeurt horen mensen dat niet.

Wat ik altijd tekenend vind is de controle op vliegvelden. Als ik het vliegtuig van Parijs naar Berlijn neem, dan word ik intensief gecontroleerd en moet ik zelfs vaak langs het poortje voor niet-Schengenlanden. Terug in Frankrijk, wordt je paspoort opnieuw bekeken. Maar als ik het vliegtuig uit Berlijn neem of daar arriveer, dan is er geen enkele controle. Nooit.

Zolang mensen niet geregeld met veiligheidscontroles te maken hebben, neemt een samenleving die dreiging niet serieus. Het is heel prettig om zo te open en vrij te kunnen leven, dat begrijp ik ook. Maar dat is nu wel voorbij. Alle actoren, iedereen, gaat zal nu zijn gedrag moeten veranderen.”

En de reactie van de overheid?

„Duitse inlichtingendiensten hebben in het verleden veel problemen gehad. Er was veel versnippering van inspanningen. Dat kwam deels door het soort dreiging: die was heel divers. Tot nu ging het vooral om extreem-rechts. De islamistische dreiging zorgde voor infiltratieproblemen. Dat de Duitse binnenlandse veiligheidsdienst, het Bundesamt für Verfassungsschutz, onlangs een jihadist als agent bleek te hebben ingehuurd, was natuurlijk een misser. Maar ik waak voor snelle kritiek op de diensten, we moeten het onderzoek afwachten. De zaak deze week met de Tunesiër lijkt op wat in Frankrijk is gebeurd: het is iemand die door inlichtingendiensten is opgemerkt en aangemerkt, maar die blijkbaar niet uit te zetten was en toen uit beeld is verdwenen.”

Na ‘Nice’ spraken Franse politici meteen over een aanslag, in Duitsland waren ze voorzichtiger.

„Maar dat is logisch: in Nice reed de vrachtwagen nog twee kilometer door, in Duitsland was het maar 50 meter. De plek waar hij de kerstmarkt opreed was bovendien niet heel evident: elders had hij veel meer slachtoffers kunnen maken. Ik had daarentegen geen enkele twijfel over het doelwit: een kerstmarkt heeft deze tijd van het jaar een sterke symboliek natuurlijk, religieus ook.”

Franse kerstmarkten zijn zeer strikt beveiligd met betonblokken.

„De belangrijkste Franse kerstmarkt is in Straatsburg. Daar is in 2000 dankzij Frans-Duitse samenwerking van inlichtingendiensten een ingrijpende aanslag van Al-Qaeda verijdeld die voorbereid was vanuit Frankfurt. Je hoeft ze in Straatsburg dus niets te vertellen, daar weten ze al jaren dat dit een logisch doelwit is. Maar ik denk niet dat iemand in Duitsland bezwaar heeft tegen betonblokken.”

In Frankrijk lopen militairen op straat, in Duitsland niet. Wat zijn de verschillen?

„Frankrijk, België en andere Europese landen hebben geen probleem met soldaten op straat. Mensen vinden dat geruststellend. Onder de Eiffeltoren staan al twintig jaar soldaten, de patrouilles zijn na de aanslag bij Charlie Hebdo alleen veel uitgebreider geworden. In Duitsland is het om begrijpelijke historische redenen minder makkelijk om soldaten op straat te zetten.

„Maar er is ook een ander cultureel verschil. In de jaren 70 en 80 heeft West-Duitsland in de strijd tegen de Rote Armee Fraktion zeer strikte maatregelen genomen die lijken op de Franse noodtoestand nu. Je had de Notstand en het Berufsverbot: mensen die banden met de communistische partij hadden, mochten niet als ambtenaar werken. Duitsers hebben slechte herinneringen aan die tijd en het is de vraag of het veel geholpen heeft in de strijd tegen terrorisme.

„Wat in de terreurbestrijding uiteindelijk het verschil maakt is de kwaliteit van de binnenlandse inlichtingenverzameling. En daartegen bestaat door de onthullingen over de enorme spionageactiviteiten van de Stasi in de voormalige DDR enorme weerstand. De film Das Leben der Anderen heeft daarin een rol gespeeld.”

Is dat nu nog vol te houden?

„Nee, dat lijkt me heel moeilijk. Ik denk niet dat de Duitsers soldaten in de straten willen, maar ze zullen geen andere keus hebben dan veel ingrijpender inlichtingen te gaan verzamelen.”