Column

Willemsbrug

Freelancejournalist en stadsgids van Rotterdam Mirjam de Winter schrijft wekelijks over haar stad.

De Willembrug in de mist (2008)/ Foto: ANP/Robin Utrecht

Het mooiste zicht op Rotterdam heb je vanaf de Maasboulevard, daar waar je vanuit het oosten de stad binnenkomt. Rijdend vanaf de stoplichten tegenover het Shell-station tot aan het voormalige Tropicana ontvouwt de stad zich als een pop-upkaart. De iconen worden een voor een uitgestald om samen een indrukwekkend geheel te vormen.

Het is natuurlijk gezichtsbedrog, maar met de Nieuwe Maas op de voorgrond en de skyline aan de horizon, lijkt het vanaf dit punt alsof Noord en Zuid niet door water gescheiden zijn. De bocht in de rivier ontneemt ons het zicht op de verdere loop van de Maas waardoor ze de kans niet krijgt de stad in tweeën te splijten. Van links naar rechts zien we het Unilevergebouw, de (ingepakte) Hef, het Noordereiland, de Kop van Zuid, Erasmusbrug, Euromast, Willemsbrug, Willemswerf, Red Apple en de hoogbouw in het centrum. Een doorlopende skyline, zonder onderbrekingen. Oogverblindend.

En hoewel ik bijna dagelijks over de Maasboulevard rijd, viel me pas onlangs op dat er iets wezenlijks veranderd is aan dat uitzicht.

Sinds de bouw van de Erasmusbrug telt de Willemsbrug als icoon niet meer mee, behalve op vergeelde ansichtkaarten bij de sigarenboer. Ze is weggevallen tussen al die fraaie hoogbouw en staat letterlijk in de schaduw van haar grote zus.

Maar daar is sinds kort verandering in gekomen. ’s Avonds stralen haar rode jukken en lijkt de brug imposanter dan ooit, indrukwekkender dan de Erasmusbrug zelfs. Niet omdat de brug van kleur is veranderd, overdag is ze nog net zo vaal-rood als altijd, maar sinds dit najaar wordt de brug ’s avonds aangelicht met rode led-lampen, waardoor ze weer tot leven komt en eindelijk de aandacht krijgt die ze verdient. Want het was tenslotte de Willemsbrug die ons voor het eerst met Zuid verbond en andersom. En belangrijker nog: het was bij deze brug – weliswaar nog in haar oude gedaante – waar zo’n 200 mariniers en soldaten zich doodvochten in een poging te voorkomen dat in mei 1940 de Duitsers Rotterdam binnenvielen. Er is bij de brug niets wat nog herinnert aan die dappere, maar verloren strijd die vier dagen later eindigde met het Duitse bombardement op de binnenstad en de capitulatie.

Rotterdammers zouden de fysiek en emotioneel verwaarloosde Willemsbrug alleen al daarom opnieuw in hun armen moeten sluiten. Het uitlichten van de brug is een eerste poging. En wat mij betreft zou het volgende gedicht van Hans Sleutelaar een prominente plek mogen krijgen op een van haar rode pylonen, opdat wij de geschiedenis van onze stad en de betekenis van deze brug niet zullen vergeten:

Willemsbrug, mei 1940
Smeulend puin. Een graflucht. Meeuwen krijsen.
Maar ik ben achter vaders rug niet bang. Hij wijst –
De jongenslijken die de Willemsbrug bevolken.
Nog zie ik het zwarte water om de pijlers kolken.

(Uit Vermiste stad, 2004)

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelancejournalist en stadsgids in Rotterdam