Recensie

De dag dat Adolf woedend werd

Studie brengt de radicalisering van een brave, linksige soldaat in kaart. Hij loog er vaak op los.

Foto door Heinrich Hoffmann/Keystone Features/Getty Images

In Mein Kampf schrijft Adolf Hitler (1889-1945) dat ‘alles zwart werd voor zijn ogen’, toen hij op 10 november 1918 in het militair hospitaal in het Noord-Duitse stadje Pasewalk hoorde dat keizer Wilhelm II in Berlijn was afgezet en dat de oorlog voorbij en voor Duitsland verloren was. ‘Ik baande me struikelend een weg terug naar de slaapzaal, gooide me op mijn bed en begroef mijn gloeiende hoofd in de lakens en kussens.’ Toen het hem duidelijk was geworden dat er een socialistische revolutie in Berlijn had plaatsgevonden, nam hij het besluit om politicus te worden, beweert hij.

In Hitlers metamorfose. Hoe een gewone soldaat de architect van nazi-Duitsland werd laat de Duitse historicus en hoogleraar aan de Universiteit van Aberdeen Thomas Weber (1974) lezen dat er weinig waar is van het verhaal dat Hitler in Mein Kampf opdist. Toen Hitler op 20 november 1918 werd ontslagen uit het ziekenhuis van Pasewalk, waar hij herstelde van de verwondingen als gevolg van een Britse gasaanval aan het front in België, reisde hij via Berlijn naar München. Hier voegde hij zich bij zijn Beierse regiment waar hij zich in 1914 als vrijwilliger had gemeld. Zonder uitzicht op betaald werk had hij besloten om zo lang mogelijk bij het Beierse leger te blijven, schrijft Weber die eerder Adolf Hitler en de Eerste Wereldoorlog (2010) publiceerde. Hierin liet Weber uitvoerig zien dat Hitler als soldaat aan het westelijk front een veel minder heldhaftige rol speelde dan hij de lezers van Mein Kampf wilde laten geloven.

Linkse Hitler

Twee weken voor Hitler zich weer bij het List-regiment voegde, was in München de Beierse koning Ludwig III afgezet en was een radenrepubliek onder leiding van de radicale socialist Kurt Eisner uitgeroepen. Hoewel hij nu diende in een leger dat Eisners republiek moest beschermen, bleef Hitler in dienst. Op 7 december 1918 werd hij naar het Beierse dorpje Traunstein gestuurd om een krijgsgevangenkamp te ontmantelen. Hier viel hij op door zijn braafheid en discipline, schrijft Weber.

Door in het leger te blijven hielp Adolf Hitler een links regime waarvan hij in Mein Kampf beweert dat hij het van begin af aan had bestreden. Hij werd zelfs gekozen tot Vertrauensmann van zijn compagnie en speelde in deze hoedanigheid een rol in de propaganda voor Eisners radenrepubliek.

In de eerste maanden na afloop van de Eerste Wereldoorlog was er dan ook nog geen spoor te bekennen van de rechts radicale opvattingen die Hitler later had. Sterker nog: alles wijst er volgens Weber op dat Hitler toen, zoals de meeste soldaten in zijn regiment, eerder linkse dan rechtse sympathieën had.

Ook nadat Eisner was vermoord – hoogstwaarschijnlijk woonde Hitler de begrafenis bij, schrijft Weber – en een tweede, communistische radenrepubliek het Beierse leger wilde omvormen tot een Rood Leger, bleef Hitler in dienst. Pas toen de radenrepubliek in München door het Duitse leger uit Berlijn en leden van Freikorpsen was opgerold, kreeg de aartsopportunist Hitler rechtse opvattingen.

Een paar weken na de val van de radenrepubliek beleefde Hitler zijn ‘Damuscusmoment’, zoals Weber het noemt. Toen hij begin mei 1919 vernam wat de Vrede van Versailles voor Duitsland inhield, was hij geschokt en veranderde hij in korte tijd van een brave, linksige soldaat in een boze, rechtse politicus die zich verraden voelde door de Amerikaanse president Wilson die een ‘eerlijke’ vrede had beloofd.

Weber (1974) beschrijft de tijd voor Hitlers plotselinge radicalisering buitengewoon uitvoerig. Hitlers metamorfose is hogere Hitlerkunde. Vooral in het eerste deel kan Weber het bovendien niet laten om vaak op te merken dat andere historici iets over het hoofd hebben gezien of het ronduit bij het verkeerde eind hebben, hoewel het meestal slechts om details gaat die het bestaande beeld van Hitler niet drastisch veranderen.

Het antwoord op de vraag of Hitler nu al in november 1919 besloot politicus te worden of pas negen maanden later, leidt tenslotte niet tot een herziening van de geschiedschrijving. Ook dat Hitler in Mein Kampf de feiten verdraaide en er vaak ronduit op los loog, is geen nieuws. Wel geeft Hitlers metamorfose een nieuw en precies inzicht in Hitlers radicalisering die verbluffend veel lijkt op die van islamitische jongemannen die wegens het vermeende onrecht dat moslims wordt aangedaan aan het moorden slaan.

Boze bijbel

Het tweede – en beste – deel van Hitlers metamorfose gaat minder gebukt onder een betweterige toon. Zonder zijn collega’s voortdurend te kapittelen beschrijft Weber vaardig hoe Hitler als legervoorlichter die soldaten moest afhouden van het communisme zijn grote redenaarstalent ontdekte. Daarna ging het snel. Hitler trad toe tot de Deutsche Arbeiter Partei (DAP), werd al gauw wegens zijn meeslepende redevoeringen de grote man van die splinterpartij en vormde die om tot de NSDAP. Hierbij pikte hij in hoog tempo links en vooral rechts ideeën en opvattingen van anderen op die hij kon gebruiken als ondersteuning van zijn heilige geloof dat Duitsland zo sterk moest worden dat het nooit meer een oorlog zou verliezen.

Hitlers antisemitisme, waarvan hij vóór 1919 nooit blijk had gegeven, was volgens Weber in eerste instantie ‘instrumenteel’, in twee opzichten zelfs. Niet alleen moest de verwijdering van de joden uit Duitsland het land sterker maken, maar ook was zijn toenemende woede over de ‘Joodse parasieten’ een middel om de NSDAP te onderscheiden van de vele andere rechtse antisemitische partijen en groeperingen in Beieren. Hitlers vroege antisemitisme was ook anti-kapitalistisch, en niet, zoals gebruikelijk in Beieren, gericht tegen de bolsjewieken in de Sovjet-Unie. In de eerste jaren na zijn gedaanteverwisseling vond Hitler dat Duitsland zelfs samen met Rusland, dat volgens hem spoedig van het communisme zou worden verlost, moest optrekken tegen de door het joodse Finanzkapital geregeerde Angelsaksische wereld. Maar nadat de Sovjet-Unie na het overlijden van Lenin in 1924 bleef bestaan en Hitler zelf na een mislukte staatsgreep in de gevangenis in Landsberg was beland, veranderde hij van opvatting. Plotseling was Rusland, het land waar de Slavische bevolking werd geregeerd door communistische machthebbers van veelal joodse komaf, de grote vijand. Toevallig lag in dit immense land ook de Lebensraum die het overbevolkte Duitsland zo hard nodig had, schreef hij ten slotte in de boze bijbel van het nationaal-socialisme Mein Kampf.

    • Bernard Hulsman