Foto's Merlijn Doomernik

Het moment van Maarten Tjallingii, acceleratie op de Posbank

8 mei, 15.30 uur

In zijn laatste jaar als profwielrenner móet Maarten Tjallingii scoren in de Giro, die door zijn woonplaats komt.

Alle lessen uit het wielerleven van Maarten Tjallingii (39) komen samen. Al meer dan een half jaar draait hij het filmpje in zijn hoofd af, maar nooit stelde hij zich een dergelijk spektakel voor. Dat het druk zou worden was te verwachten, het weer was fantastisch. Maar zo veel mensen? En allemaal scanderen ze zijn naam alsof hij de veldslag die aanstonds is reeds in zijn voordeel heeft beslist. „Maar-ten, Maar-ten”. Niemand twijfelt aan zijn kunnen. En hijzelf nog het minst.

Tjallingii verkeert op zondag 8 mei in hogere sferen. Het geschreeuw van tienduizenden maakt hem ongevoelig voor het melkzuur dat in zijn spieren bijt, doof voor lichamelijke sensaties. Hij kan dingen met zijn lichaam die hij nooit eerder deed. Tjallingii is in staat de energie van anderen in zijn voordeel te gebruiken door zich daar op te concentreren.

Alles lijkt vanzelf te gaan

„Wat je aandacht geeft, dat groeit”, weet hij. Dat leerde hij tijdens een opleiding Neuro Linguïstisch Programmeren (NLP) – een methodiek die inzicht verschaft in gedragspatronen om die waar nodig te veranderen – en ten tijde van de Giro bevindt hij zich in het laatste van vier stadia: Tjallingii is onbewust bekwaam; de dingen lijken als vanzelf te gaan. „Alle factoren die ik kon beïnvloeden, boog ik in mijn voordeel.”

Met dat buigen is hij maanden terug begonnen. In zijn laatste jaar als prof komt de Ronde van Italië door zijn woonplaats Arnhem, sterker nog: de finishlijn van etappe drie ligt in het centrum. Hij moet en zal er gehuldigd worden, waarom maakt niet uit. Hij begint te analyseren: hij kan gaan voor de etappeoverwinning, de roze leiderstrui, de prijs voor meest aanvallende renner, de blauwe bergtui, en in geval dat allemaal niet lukt, kan hij altijd nog een dealtje sluiten met de sportwethouder van Arnhem. Die zal hem ook zonder sportief succes wel op het erepodium hijsen. Maar zover gaat hij het natuurlijk niet laten komen. Tjallingii is niet voor niets de renner die in het peloton geroemd wordt om zijn grinta, zijn ausdauer.

Maarten Tjallingii: „Ik kan het iedereen aanraden. Finishen op een berg.”. Foto Merlijn Doomernik

Op de macht omhoog

Bij de presentatie van de officiële route kent Tjallingii zijn missie: blauw in Arnhem. In 2014 droeg hij de bergtrui al eens zeven dagen in de Giro die startte in Noord-Ierland. Hij kan dit dus en „die gedachte hielp”. De Posbank is de plek waar het gebeuren moet, de laatste klim voor de Giro naar Italië trekt. Het is een heuvel op een kwartiertje fietsen van zijn huis, in nationaal park de Veluwezoom. Twee kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van bijna 3 procent. Het is ideaal voor hem: hier kan hij, 83 kilo zwaar, op de macht omhoog.

Traint hij voorheen 50 procent van zijn tijd in het gebied rond de heuvel, nu wordt dat 95 procent. Er zijn dagen bij dat hij zes uur lang rondjes om de Posbank fietst, steeds maar weer naar tachtig meter boven N.A.P., bijgestaan door de stem die hem via zijn koptelefoon voorleest uit het luisterboek The Seven Habits of Highly Effective People. Eén zin blijft steeds haken: ‘Finish off strong’.

Zijn strijdplan is snel helder: op een meter of driehonderd van de top vlakt de Posbank iets af. Bij een boom op rechts die alleen voor hem een markeringspunt vormt, moet hij een gat zien te slaan met zijn tegenstanders. Tjallingii is te zwaar voor het steilste stuk. Hij moet gaan voor de verrassingsaanval.

Dit is zijn klim

Fase 1 begint een dag eerder, op zaterdag 7 mei. Tjallingii moet meezitten met de ontsnapping, want in Berg en Dal liggen ook punten voor de bergtrui. Als hij daar niet wat sprokkelt, heeft hij niets aan de punten op de Posbank. Het lukt, Tjallingii wordt tweede, achter de Spanjaard Omar Fraile. Maar hij baalt. Wat als Fraile zondag weer meezit? Na afloop van de etappe stapt hij op Fraile af, en hij grijpt hem in zijn nek. „Leuk hoor, dat je meezat, maar dat ga je morgen niet doen. De Posbank is mijn klim”, bijt hij de kleine Spanjaard toe, die instemmend knikt.

De volgende dag rijdt Tjallingii met drie medevluchters over de Arnhemsestraatweg, al 130 kilometer in de aanval in de warme voorjaarszon. Hij vreest voor de Zuid-Afrikaan Johann van Zyl, die tien kilo lichter is dan hij. Bij de rotonde tegenover Pannenkoekenhuis Strijland gaat het parcours naar rechts, naar de Schietbergseweg, zo’n beetje het startpunt van de klim. De spanning in zijn lijf stijgt. „Rustig blijven, rustig blijven”, klinkt het van binnen. Zijn handen trilden al bij de start.

Daar is de boom

Vijfhonderd meter voor de top laat Van Zyl zich van de koppositie zakken. Tjallingii aarzelt niet: „Get into my wheel, pick in, and stay there.” Hij bluft met de overtuiging van een professioneel pokeraar, en het werkt nog ook: Van Zyl duwt een andere belager, Giacomo Berlato, zowat van zijn fiets. De Italiaan schudt het hoofd. Wat is dit voor curieus verbond?

Daar is de boom. Tjallingii schakelt op naar een verzet dat hij in een andere situatie niet rond zou krijgen en begint als een bezetene aan zijn stuur te trekken, staand op de pedalen. Hij slaat meteen een gat. Hij publiek draagt hem, omkijken komt niet in zijn hoofd op. „Zat er in mijn lichaam één vezel die had getwijfeld, dan was het niet gelukt.” Zijn krachtsexplosie duurt 36,5 seconden.

ANP/Bas Czerwinski
Maarten Tjallingii krijgt de blauwe trui op het podium na de derde etappe van de Ronde van Italie.
ANP/Bas Czerwinski
ANP/Bas Czerwinski
Maarten Tjallingii krijgt de blauwe trui aangemeten.
Bas Czerwinski/ANP

„Heh, heh”, klinkt het boven. Meer kan Tjallingii niet uitbrengen. Als hij een bordje met 45 kilometer tot de finish ziet, moet hij hardop lachen. Zijn hamstrings slaan op slot, hij heeft geen idee hoe hij in Arnhem komt. „Ik dacht er serieus aan om mijn fiets langs de kant te parkeren.” Zijn fans staan het hem niet toe en afdalend kan Tjallingii weer op adem komen. Hij is zo ontzettend blij dat hij later aan zijn kleinkinderen kan vertellen wat hier gebeurd is. In het centrum van Arnhem wordt hij als een held onthaald.

De Posbank is zijn anker

Zeven maanden later blikt hij terug achter een kop koffie, bovenop de Posbank bij het gelijknamige paviljoen. Gisteren kreeg hij kippenvel toen hij een presentatie gaf en zijn klim als metafoor voor het leven gebruikte. Tjallinggii is tegenwoordig ‘succescoach’. „Als ik in de buurt fiets, gaat mijn hartslag omlaag en verandert mijn stemming. De Posbank is mijn anker geworden. Ik kan het iedereen aanraden. Finishen op een berg.”

    • Dennis Meinema