Als sportman van het jaar moet je wel impact hebben

Sporters van het jaarDiscussie over het jaarlijkse Sportgala, deze woensdag, is er altijd. Over de nominaties, over de criteria. „Sociale media worden belangrijker.”

Max Verstappen begin deze maand bij de uitreiking van de jaarlijkse awards in de Formule 1. Hij is genomineerd voor de titel Sportman van het Jaar, maar voor hem hoeft de prijs niet echt.Foto Joe Klamar/AFP

Helemaal niets heeft hij met gala’s. Niet in Nederland, maar ook niet in zijn woonplaats Monaco, waar ze aan de orde van dag zijn. Nou, één uitzondering dan dit jaar: de uitreiking van de prestigieuze awards in zijn sport, begin deze maand: voor de persoonlijkheid van het jaar, de mooiste inhaalacties. Dat zijn prijzen in de Formule 1 die er voor zijn gevoel toe doen. Maar sportman van het jaar in Nederland? „Nee. Geef die eretitel maar aan iemand anders”, zei Max Verstappen enkele weken geleden in Abu Dhabi, waar de slotrace in de Formule 1 werd verreden.

Het geeft allemaal gedoe, bovendien is hij tijdens het gala op vakantie, was de boodschap van de negentienjarige coureur in zijn korte spijkerbroek en teamshirt. De dresscode van het circuit past hem beter dan de black tie van de gala’s. Voor Verstappen telt maar één prijs: de wereldtitel. Hij weigerde al eerder de sportprijs van de provincie Limburg. Toen hij in het karten elke titel won die er te winnen viel, werd hij niet eens genomineerd. Als wereldster in wording zien ze hem pas staan: nee, dank u.

Het jaarlijkse sportgala van NOS en sportkoepel NOC*NSF moet het deze woensdagavond dus doen zonder Verstappen. Het grote racetalent is genomineerd voor de titel Sportman van het Jaar en krijgt grote kansen toegedicht. Zijn tegenstanders zijn weliswaar wielrenner Tom Dumoulin, schaatser Sven Kramer, windsurfer Dorian van Rijsselberghe en openwaterzwemmer Ferry Weertman, maar Verstappen is een fenomeen.

Een frontrunner

„Voor het eerst speelt dit jaar de factor maatschappelijke impact een grote rol”, zegt oud-volleybalcoach Joop Alberda, tot vorig jaar jurylid van de sportverkiezing. „Het is door sociale media bijna onmogelijk je aan Verstappens succes te onttrekken. Je hebt een new kid on the block, in een wereldsport waarin Nederland relatief weinig heeft gepresteerd. Het heeft iets van magie, de koningsklasse, hè. En Max is een bijzondere persoonlijkheid. Hij is een frontrunner, heeft zijn sport op de kaart gezet zoals Boris Becker dat in Duitsland met tennis heeft gedaan.”

Waar in de vorige eeuw nauwelijks iemand zich druk maakte over de sporters van het jaar – er werd acht jaar geen onderscheid gemaakt tussen man en vrouw – zijn er de laatste jaren felle discussies over de juistheid van de nominaties. Waarom wel de handbalsters en waarom niet de volleybalsters? Waarom wel volleybalcoach Giovanni Guidetti en niet handbalcoach Henk Groener? Of waarom geen nominatie voor dat andere toptalent uit de gemotoriseerde sport, motorcrosser Jeffrey Herlings die ondanks een sleutelbeenbreuk opnieuw wereldkampioen werd.

„Dat doet pijn”, zegt woordvoerder Bas Prins van motorsportbond KNMV. „Het zijn de traditionele sporten die altijd winnen. De nominatie van Verstappen geeft de gemotoriseerde sporten een impuls. Gelukkig zijn er volgend jaar geen Olympische Spelen.”

Het debat is bevestiging van de gestegen status van de verkiezing. Volgens Alberda is „ons collectieve bewustzijn van wat sport is en wat je ervoor moet doen op een hoger niveau gekomen”. „Iedereen ziet wel dat je in de Formule 1 enorm hard moet trainen om centrifugale krachten van vier of vijf G in de bocht in je nek te kunnen absorberen. De impact van sociale media, de samenvoeging van mens en techniek. Dat zijn axioma’s geworden in de beoordeling.”

Op sociale media is dit jaar de verontwaardiging groot dat darter Michael van Gerwen door de vakjury gepasseerd is. Mighty Mike wint alle grote toernooien in zijn sport, maar zijn darten is simpelweg te ‘klein’ om kans te maken tussen de traditionele, olympische sporten die de verkiezing domineren. Een niet-olympische sport moet minimaal 55 landen op een WK hebben, inclusief de voorronden. Darts zit daar onder, maar ook juryvoorzitter Jeroen Bijl geeft toe dat de prestaties van Van Gerwen „impact” hebben bij het publiek. „Dit is ook wel een punt waar we in de toekomst mogelijk meer naar moeten kijken”, zei hij tegenover de NOS.

Het gaat meer om gunnen

Voor Anky van Grunsven hoeft de sportverkiezing helemaal niet meer. Het gaat meer om gunnen dan prestaties, schrijft ze in haar column in De Telegraaf. Van Grunsven werd één keer – in 1994 – gekozen tot sportvrouw van het jaar. Haar gouden medailles op drie achtereenvolgende Olympische Spelen waren niet genoeg voor een herverkiezing. De dressuuramazone legde het af tegen twee wielrensters, Leontien Zijlaard-Van Moorsel (2000 en 2004) en Marianne Vos (2008).

Misschien, zegt Alberda, groeit Nederland toe naar de Engelse aanpak. De BBC kiest jaarlijks de sportpersoonlijkheid van het jaar. De invloed van sociale media kunnen daar een rol in spelen. „Het blijft nu appels met peren vergelijken, maar we hebben in Nederland intussen wel een geweldige fruitmand. Dat kunnen bijvoorbeeld de Belgen niet zeggen.”