Zestien jaar cel geëist tegen ‘Utrechtse serieverkrachter’

Het OM eist in hoger beroep de maximaal mogelijke straf – dezelfde straf die ook de rechtbank hem eerder oplegde.

Protest tegen de serieverkrachter in een tunnel bij De Uithof, Utrecht, 2002. Foto: ANP

Gerard T, verdachte in de Utrechtse serieverkrachtingszaak, heeft maandag in hoger beroep zestien jaar gevangenisstraf tegen zich horen eisen. Dat meldt het Openbaar Ministerie. Het OM eiste hiermee de maximaal mogelijke straf - dezelfde straf die ook de rechtbank in Utrecht hem eerder oplegde.

Naast de celstraf heeft het OM ook een schadevergoeding van 15.000 euro geëist. Het gaat om een tegemoetkoming voor immateriële schade, die moet worden betaald aan alle vier de vrouwen. Slechts één van de slachtoffers had om een schadevergoeding gevraagd. Volgens het OM kan juridisch gezien geen tbs worden opgelegd, omdat vanwege zijn stilzwijgen niet kan worden vastgesteld of er bij T. sprake is van een stoornis.

“De hoogste mogelijke straf is hier op zijn plaats”, betoogde de advocaat-generaal bij het gerechtshof in Arnhem. Hij noemde onder andere de gruwelijkheid van de verkrachtingen en de houding van de verdachte als reden om een hoge straf op te leggen.

Forensisch bewijs

T. staat terecht voor vier gewelddadige verkrachtingen, gepleegd in september 1995 en in oktober 2001. De zogenoemde ‘Utrechtse serieverkrachter’ zou toen actief zijn geweest in en om Utrecht, waar hij grote onrust veroorzaakte. De man greep fietsende jonge vrouwen van achteren vast en nam ze mee naar een afgelegen plek.

Het onderzoek naar de verkrachtingen duurde bijna twintig jaar. Op basis van DNA-bewijs werd T. in juli 2014 gearresteerd. Eerder dat jaar had hij na een fietsdiefstal zijn DNA afgegeven.

Voor het OM staat vast dat T. de dader is, mede op grond van het forensisch bewijs. Het verweer van T. is dat de DNA-sporen die op de lichamen en de kleding van de slachtoffers gevonden zijn vervuild zijn. De rechters van de meervoudige kamer in Utrecht noemden dit “volstrekt onaannemelijk” en gaven T. de hoogste celstraf. Hij ging vervolgens in hoger beroep.