Tergooi-ziekenhuis erkent fouten bij dood hockeyer

Het ziekenhuis stelt dat er fouten zijn gemaakt bij de behandeling van de 21-jarige Rogier Mooij, die in november 2014 overleed.

In november 2014 ging Rogier Mooij met hevige pijn op de borst naar de eerste hulp. Dertien uur later overleed hij plotseling. Foto: Bas Czerwinski / ANP

Het Tergooi-ziekenhuis heeft fouten gemaakt bij de behandeling van de 21-jarige hockeyer Rogier Mooij, die in november 2014 onverwacht overleed. Ook betreurt het ziekenhuis de overeenkomst die met de nabestaanden werd afgesloten. Dat heeft het ziekenhuis maandag toegegeven.

Mooij stierf aan de gevolgen van een ontstoken hartzakje. Hij ging begin november 2014 met hevige pijn op de borst naar de eerste hulp en werd vervolgens opgenomen. Zijn toestand werd niet goed ingeschat: dertien uur later overleed hij plotseling.

Lees ook de reconstructie van NRC: Een vermoeide jongen met pijn op de borst

Tergooi: eens met conclusies

Tergooi zegt zich te kunnen vinden in de conclusies van de onafhankelijke onderzoekscommissie-Meurs, onder leiding van hoogleraar Pauline Meurs, die onderzoek deed naar de kwestie. De commissie concludeert onder meer dat de toestand van Mooij niet goed is ingeschat en dat de gebeurtenis niet als calamiteit is gemeld. Hoewel er volgens de commissie geen sprake was van een eenzijdig zwijgcontract met de moeder van Mooij, zijn er ook fouten gemaakt bij het sluiten van de vaststellingsovereenkomst. Het ziekenhuis onderschrijft de conclusies:

“Naast de constatering dat de medische zorg bij deze patiënt beter had gemoeten, concludeert men dat het ziekenhuis er beter aan had gedaan het overlijden meteen als een calamiteit te melden bij de Inspectie. En beter had Tergooi geen overeenkomst met de nabestaanden gesloten waarin beperkende voorwaarden werden opgenomen.”

‘Tragische gebeurtenis’

Voorzitter van de raad van bestuur Ruurd Jan Roorda zegt het incident te betreuren:

“Deze tragische gebeurtenis heeft een grote impact gehad, in de eerste plaats op de ouders en familie van het slachtoffer, maar ook op andere direct betrokkenen en het ziekenhuis in het algemeen. Het ziekenhuis wil zo goed mogelijk leren van deze gebeurtenis. Dit rapport helpt ons daarbij en het ziekenhuis is de commissie dan ook erkentelijk.”

Volgens Roorda moet het ziekenhuis in het vervolg “duidelijker communiceren met direct betrokkenen”, “transparanter zijn” en zich “beter rekenschap geven van de maatschappelijke opinie”. Het ziekenhuis zegt inmiddels maatregelen te hebben genomen.

Volgens Tergooi zal het medisch tuchtcollege nog een oordeel vellen over het handelen van de betrokken medisch specialist. Het Openbaar Ministerie startte in mei dit jaar een strafrechtelijk onderzoek naar het ziekenhuis, naar aanleiding van een rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg uit maart 2016 waarin werd geconcludeerd dat de zorg door een longarts ernstig tekortschoot.