Al dolgelukkig omdat je kies is getrokken

Kerstactie

Kruispost biedt onder meer medische hulp aan daklozen en onverzekerden. De stichting krijgt steun van het NRC-lezersfonds.

Dokter A. Stol-Jappie in de spreekkamer met een ziek kind met haar ouders. Bram Budel

De man loopt op krukken door een smalle gang. Hij is zojuist door de fysiotherapeut behandeld. „Ik heb hernia”, zegt Aaron Kanu. De 32-jarige elektricien is al vijftien jaar in Nederland. Vooralsnog illegaal, want twee jaar geleden werd zijn verblijfsstatus niet verlengd. De autoriteiten weigeren te geloven dat hij uit Sierra Leone komt en niet uit Nigeria, een zogenoemd veilig land.

Kanu: „Mijn achternaam is dezelfde als van een Nigeriaanse voetballer die bij Ajax heeft gespeeld, maar ik kom toch echt uit Sierra Leone.”

Hij heeft een Nederlandse opleiding tot elektricien voltooid, maar naar zijn diploma kon hij fluiten. Hij woont op een kamer bij een dominee in Amsterdam. „En daar krijg ik ook te eten.”

Kanu is een van de ruim drieduizend bezoekers die Kruispost per jaar ontvangt. Deze ideële stichting, aan de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam, biedt medische en psychosociale hulp aan mensen die in de reguliere zorg niet aan bod kunnen komen: onverzekerden, daklozen en asielzoekers. Het centrum is een van de bestemmingen van de jaarlijkse kerstactie van het NRC-lezersfonds. De opbrengst is bedoeld voor het lenigen van „regelrechte nood” onder bijvoorbeeld drugsverslaafden, jeugdprostitués, daklozen, vluchtelingen en mensen die ‘stille armoede’ lijden.

„Ontbering is daarvoor het juiste woord”, zegt Marie-Louise Tiesinga van de Stichting Fonds van NRC Handelsbladlezers. „En hoe kort dat ook duurt, het kan blijvende effecten hebben, tot in de volgende generaties. Ontbering gaat vaak gepaard met stress, en samen vormen ze een giftige mix in onze maatschappij.”

Jaarlijks krijgt het fonds zo’n 135.000 euro aan giften. Vorig jaar ging het om ruim 142.000 euro.

Wederkerigheid en gastvrijheid

Kruispost maakt deel uit van een christelijke woongemeenschap, met ruim zeventig leden in de Amsterdamse binnenstad, die volgens de waarden van „wederkerigheid en gastvrijheid” leeft. „We willen goed werk doen, maar daarbij ook de andere mens ontmoeten”, zegt Albertine de Bruijn, directielid van Kruispost en lid van de woongemeenschap. „Wij mensen zijn geneigd om wat ons vreemd is, buiten te sluiten. Door de ontmoeting worden mensen vertrouwd met elkaar. Door de ontmoeting wordt de ander een stukje van mij.”

Kruispost fungeert als een soort huisartsenpost. Er werken tientallen receptionisten en een kleine veertig artsen; vrijwilligers die soms van heinde en verre komen om te helpen. Voor de patiënten – met hoge bloeddruk, suikerziekte, verwaarloosde wonden en wat al niet – is er tweemaal per dag spreekuur. Er worden kleine chirurgische ingrepen verricht. Ook is er hulp van een neuroloog, een diëtist, een psycholoog en enkele tandartsen, die zich vaak moeten beperken tot extracties. „Niettemin gaan sommige mensen hier dolgelukkig weg omdat hun kies is getrokken”, vertelt Albertine de Bruijn.

Voor een raam van Kruispost aan de gracht ligt een man te slapen. Vaak zijn de bezoekers dakloos. Albertine de Bruijn: „Dakloos worden kan snel gaan. Na een scheiding zijn onder anderen veel mannen niet zo redzaam, en belanden in moeilijkheden. Ze raken hun huis kwijt, krijgen schulden, en dan is het heel lastig weer op te krabbelen.”

Dat laatste is wat Kruispost voor ogen staat; mensen behandelen volgens een „holistisch mensbeeld” en helpen zichzelf te helpen. „Bij een eerste consult zoeken we meteen samenwerking met het maatschappelijk werk. Want we willen weten hoe dit heeft kunnen gebeuren.”

Een uur consult

Een consult bij een huisarts aan de Oudezijds duurt geen tien minuten, zoals gebruikelijk, maar een half uur tot een uur, vertelt een gepensioneerd basisarts, die sinds twaalf jaar twee keer per week spreekuur houdt. „Heel ontspannen” noemt ze haar werk, „plezierig en zonder concurrentie met collega’s”. De omgang met patiënten is een vak apart. Het kan „heel dankbaar” zijn als patiënten zich daadwerkelijk laten helpen.

Andere patiënten verscheuren een recept als blijkt dat hun een bijdrage van vijf euro wordt gevraagd

„Een uitdaging” is het werken met mensen uit Syrië. „Hoe leg ik uit dat ze een tolk mee moeten nemen?” Laatst had ze een man uit Egypte die aanvankelijk bij alles wat ze vertelde en opschreef knikte dat hij het begreep. „Pas later ontdekte ik dat hij analfabeet was.”

Andere patiënten zijn „hondsbrutaal” en verscheuren een recept als blijkt dat hun een bijdrage van vijf euro wordt gevraagd. „Ik probeer dan laconiek te blijven.” Weer anderen weigeren haar een hand te geven, of zich door haar te laten behandelen. Ze eisen een man. „Dan zeg ik: take it or leave it.”

Niet alleen onverzekerde Nederlanders, daklozen of uitgeprocedeerde asielzoekers doen een beroep op Kruispost, ook mensen die verdwaald raken in de reguliere zorg. Vaak spreken ze geen Nederlands, lijden aan trauma’s of psychiatrische stoornissen, kunnen zich bij een apotheek niet legitimeren. Van deze groepen is iedereen welkom, vertelt Albertine de Bruijn: „Ieder mens heeft recht heeft op een menswaardig leven, onafhankelijk van zijn of haar herkomst.”

De enige groep die na behandeling wordt doorverwezen naar de reguliere zorg, zijn verzekerde toeristen. „Daar zijn we in principe niet voor.”