Column

Steunt Wilders de rechtsstaat nog wel?

En toen gebeurde na de veroordeling van Wilders precies wat je kon zien aankomen. Zij het dat zijn simpele beelden, halve waarheden en sluwe omkeringen nooit helemaal zijn te voorspellen. De PVV-leider keerde zich hard tegen de rechtspraak, die hij ‘nooit’ zou gehoorzamen. Het vonnis was volgens hem een symptoom van een ziek land. En hij beloofde „schoon schip” te zullen maken, waarna menigeen zich afvroeg wat dát nou weer betekende.

De Telegraaf noemde Wilders daarop een „volleerd demagoog” die polarisatie dreigt te veroorzaken tussen zijn achterban en de rechterlijke macht, „één van de fundamenten van de democratie”. Dimmen dus. Ook het AD merkte op dat dit over „iets groters” gaat. „Tegen rechters zeggen dat zij je niet kunnen stoppen is als tegen een politieagent zeggen: rot toch op. Dat doe je niet. Rechters en agenten zitten er voor ons.”

Maar dus niet voor Geert Wilders, die rechters heeft ingedeeld bij de elite die hem het zwijgen wil opleggen. En met dit vonnis Marokkanen tot ras zou hebben bestempeld en daarmee iedereen heeft verboden daar voortaan vragen over te stellen. Zou Wilders nog wel de rechtsstaat steunen, of zijn we terug in de jaren ’70 toen autonomen en krakers op spandoeken schilderden ‘Jullie rechtsstaat is de onze niet’?

Dan was Wilders’ uithaal gezien zijn positie als parlementariër dus een revolutionair moment, vergelijkbaar met dat van de socialist Troelstra die in 1918 het einde van het ‘burgerlijke regeeringsstelsel’ aankondigde en de proletarische revolutie onafwendbaar vond. Zover kwam het toen niet – en nu ook niet, althans nog niet. Want later liet Wilders in de Telegraaf weten dat hij „geen alternatief heeft dan in de rechtsstaat te geloven”. En dat ‘schoon schip maken’ breed moest worden opgevat. Dat ging niet over het ontslaan van rechters, vond hij. Hooguit dienen rechters tijdelijk te worden aangesteld, zodat herbenoeming en dus ontslag mogelijk wordt, voor wie niet bevalt. Zoek de verschillen.

Het einde van de rechtsstaat heeft Wilders kennelijk uitgesteld totdat hij wel een alternatief heeft om in te geloven. De elite kan niet helemaal gerust zijn. „Als een volk in beweging komt, is eigenlijk alles mogelijk”, zei hij tegen de Telegraaf. Schoon schip slaat vooralsnog op „dingen die mensen gewoon spuugzat zijn”. Denk aan misdragingen bij migranten, EU-bijdragen en ontwikkelingshulp. Oké, dat is de gewone kost.

Heeft de rechter trouwens Marokkanen inderdaad als ras geherdefinieerd, zodat alle kritiek voortaan als racistisch kan worden afgedaan? Nee natuurlijk, maar dan moet je wel willen begrijpen dat wetten en verdragen nooit geïsoleerd worden gelezen, maar altijd in samenhang. Zeker als er strijd is over de interpretatie, die er dus altijd is. Het betreffende wetsartikel (137c) dateert uit 1971 waarbij de wetgever destijds toelichtte dat het woordje ‘ras’ hetzelfde betekende als ‘ras’ in artikel 1 van het Verdrag van 1966 dat álle vormen van rassendiscriminatie moest uitbannen. Dat verdrag verstaat sinds jaar en dag onder rassendiscriminatie elke vorm van uitsluiting – dus niet alleen kleur of ras, maar ook afkomst of afstamming, zowel nationaal als etnisch. De veelgemaakte twittergrap dat Nederlanders, Belgen of Zweden ‘dus’ ook een ras zijn klopt dan ook precies – ook die groepen mogen niet worden uitgesloten, beperkt of gediscrimineerd. Dat het wettelijke begrip ras veel breder is dan in het dagelijkse spraakgebruik of in de wetenschap, kunnen alle juristen begrijpen. Maar wie legt dat de leek uit, of al die journalisten, die Wilders’ Jip & Janneke-uitleg napraten? En oordeelde de rechter écht dat ‘vragen stellen’ over Marokkanen voortaan verboden is? Nee, natuurlijk niet. Strafbaar is denigreren, in diskrediet brengen, aantasten van de eigenwaarde, gehele groepen wegzetten als minderwaardig. Zolang je dat vermijdt, wat echt niet moeilijk is, zijn alle vragen toegestaan. En die worden dan ook iedere dag luidop gesteld – over van alles en nog wat, ‘Marokkanen’ incluis.

De auteur is juridisch commentator. Facebook @nrcrecht