Hoe een mol bij de politie zijn gang ging

Politiemol Mark M.

Hij stal een recordhoeveelheid geheime politie-informatie, blijkt uit het onderzoek van de Rijksrecherche naar politiemol Mark M. Maandag staat hij met vier medeverdachten voor de rechter.

tekening ALOYS OOSTERWIJK/ANP

Iedere dinsdag om elf uur ’s ochtends is het prijs. Op dat tijdstip ontvangt politieagent Mark M. de berichten naar aanleiding van de ‘abonnementen’ die hij heeft afgesloten op de namen van de verdachte boeven die hem interesseren. Elke mutatie in de vertrouwelijke politieonderzoeken tegen personen op wie hij is geabonneerd, wordt automatisch naar hem gemaild. Het gaat om informatie over zaken als geplande huiszoekingen en financiële data tot bijvoorbeeld observatieverslagen.

Op discrete plekjes op de politieacademie zet de in 1986 in Weert geboren M. de informatie over op een usb-stick. Eenmaal thuis stopt hij de informatie in zijn Acer Notebook. M. runt een soort eigen inlichtingencentrale. In totaal heeft hij vanaf augustus 2011 tot aan zijn aanhouding in september vorig jaar 52 abonnementen lopen op mensen met criminele antecedenten, zo blijkt uit het forensisch digitaal onderzoek.

Alle gevoelige politie-informatie over een groot aantal kopstukken uit de Brabantse onderwereld belandt wekelijks in zijn postvak. M. is vooral geïnteresseerd in de naspeuringen die de politie en FIOD doen naar hennephandelaren onder wie de broer van zijn vader, René M.

De politieagent – die na een journalistieke opleiding in 2009 overstapte naar de Dienst Nationale Recherche – doet er alles aan zijn spionagewerk af te schermen. Hij maakt handig gebruik van de lessen op de politieacademie. In 2010 volgt hij bijvoorbeeld de cursus ‘Heimelijk waarnemen voor de tactische rechercheur’. M. verhult steeds beter zijn digitale sporen door het gebruik van encryptiesoftware.

Rotste appel

Via de zoekmachine voor politie-informatie – Blue View geheten – vraagt M. in de loop der jaren 28.521 bestanden op. Dat zijn vele duizenden pagina’s aan geheime persoonsinformatie, inlichtingen over afgeluisterde telefoongesprekken en vertrouwelijke informatie van de criminele inlichtingeneenheid. De inlichtingen vinden volgens de rijksrecherche gretig aftrek in de onderwereld. Afnemers, zo hoort de politie van informanten, moeten M. vijfduizend euro betalen voor het afsluiten van een exclusief abonnement. Daarna krijgen ze maandelijks een update. Voor duizend euro per keer.

Op verdenking van grootschalige corruptie is politiemol Mark M. op 29 september 2015 gearresteerd. Het gebeurde op dezelfde dag dat hem in Utrecht door zijn chef ontslag werd aangekondigd omdat hij zijn diploma niet wist te behalen. Een dag eerder had een speciaal observatieteam van de politie nog gezien hoe M. bij de Mediamarkt in Son en Breugel een prepaid telefoon en een usb-stick kocht. Op het politiebureau aan de Croeselaan jatte hij voor het laatst inlichtingen na een verzoek om informatie van een undercoveragent.

Aanstaande maandag moet hij met vier handlangers en vermoedelijke criminele afnemers van de politie-informatie verschijnen bij de rechtbank in Den Bosch. In een zogeheten regiezitting zal worden bepaald welke onderzoekshandelingen nog moeten volgen. Mark M. is sinds juni op last van de rechtbank op vrije voeten. Wegens gebrek aan voortvarendheid in het corruptieonderzoek liet de rechtbank hem vrij in afwachting van het begin van het proces dat in mei is voorzien.

De toenmalige korpschef van de nationale politie Gerard Bouman noemde de rechercheur al een paar weken na zijn arrestatie „de rotste appel sinds tijden”

De hoofdverdachte voelt zich overigens al veroordeeld. De toenmalige korpschef van de nationale politie Gerard Bouman noemde de rechercheur al een paar weken na zijn arrestatie „de rotste appel sinds tijden”. De verdachte agent heeft vier jaar lang ten onrechte kunnen beschikken over zeer vertrouwelijke informatie omdat zijn leidinggevenden hadden vergeten de autorisatiecodes voor toegang tot informatie uit strafrechtelijke onderzoeken in te trekken. Dat de AIVD al in oktober 2011 had laten weten geen ‘verklaring van geen bezwaar’ voor de rechercheur te willen geven omdat „over de betrokkene nadelige gegevens bekend zijn geworden”, was zonder gevolgen gebleven. Er was zo’n tekort aan rechercheurs dat zogeheten zij-instromers zonder deugdelijke screening aan de slag konden.

De ontmaskering van de politiemol was louter toeval. In een onderzoek naar de van fraude verdachte autohandelaar Jan L. uit Oirschot ontdekte de Brabantse recherche in mei 2015 dat er een groot lek was in de eigen organisatie. De garagehouder had zijn administratie opgeslagen in een zogeheten ‘cloud-omgeving’ bij een provider in Tilburg. Tussen die stukken ontdekten de rechercheurs een mapje met daarin de achternamen van veel bekende Brabantse drugshandelaren. Er zat ook een map in met de naam ‘Sluipwesp’. Dat was de codenaam voor een nog lopend geheim strafrechtelijk onderzoek.

Uit nader onderzoek bleek het om vertrouwelijke politiedocumenten te gaan met daarop steeds dezelfde digitale vingerafdruk: accountnummer KLP08416. Dat was het verbalisantennummer van Mark M. Het leidde onmiddellijk tot een onderzoek naar hem „om vast te stellen of er sprake was van plichtsverzuim”.

Belangrijke politieonderzoeken in Brabant mislukten de afgelopen jaren door toedoen van M., concludeert de politie nu. Autohandelaar L. was bijvoorbeeld „volledig op de hoogte waar doorzoekingen zouden plaatsvinden”. Kort voor de huiszoekingen vloog hij naar Spanje. Ook zijn vrouw nam op tijd de benen.

M. lekte volgens de politie waarschijnlijk ook informatie naar de verdachte Eindhovense drugshandelaar Tommy van der S. Tegen hem liep jarenlang een strafrechtelijk onderzoek maar de politie merkte destijds al dat sommige plekken vlak voor de doorzoekingen „bewust geschoond waren van belastend materiaal”. Van der S. bleek vlak voor zijn aanhouding in september 2014 verdwenen. Hij is nog steeds voortvluchtig.

Zwijgrecht

De rijksrecherche weet nu welke geheime informatie er is gestolen maar aan wie het materiaal is verkocht, blijft goeddeels een raadsel. De afnemers hebben ruim voldoende tijd gehad sporen te wissen. En bijna alle vermoedelijke klanten van M. beroepen zich op hun zwijgrecht. Dat geldt ook voor de politiemol zelf: hij houdt in alle verhoren zijn mond stijf dicht. Alleen enkele voormalige vrienden, van wie de telefoons door de Rijksrecherche werden getapt, hebben uitgelegd dat M. over verdacht veel contant geld beschikte. M. zou louche handeltjes drijven met zakenmannen in Oekraïne en in Nederland actief zijn geweest in de hennepteelt.

Bij huiszoeking zijn bij verschillende verdachten telefoons en computers in beslag genomen. „Veel van deze gegevensdragers zijn versleuteld. Het Nederlands Forensisch Instituut is nog doende de encryptie van deze gegevensdragers te doorbreken”, aldus de Rijksrecherche.

Men denkt te kunnen bewijzen dat M. in ieder geval aan vier criminelen „een grote hoeveelheid politie-informatie verstrekte en daarvoor ook zeer waarschijnlijk beloond is”. Zij staan maandag ook voor de rechter.

Dekmanteloperatie

De laatste maanden voor zijn aanhouding is M. onvoorzichtig geworden. Hij trapte bijvoorbeeld in een val die undercoveragenten voor hem hadden opgezet. Twee agenten van de dienst Werken onder Dekmantel – die als een stel poseerden – wisten contact te leggen met M. die in september 2015 met zijn Oekraïense echtgenote op vakantie ging naar Curaçao. Na een paar etentjes bleek M. bereid in te gaan op het verzoek van de undercoveragent om in de politiecomputer informatie op te zoeken.

In ruil voor politie-info wilde M. „telefoons met encryptie” verkopen aan zijn nieuwe vriend. Het ging volgens hem om telefoons zonder sim-kaart die alleen via het internet werken en niet kunnen worden getapt. M. bood de agenten ook aan een handel in ruwe, onbewerkte diamanten te beginnen die hij in de Oekraïne zou laten slijpen.

Justitie becijfert dat M. door het verkopen van informatie minimaal een slordige 800.000 euro heeft verdiend. Dat geld heeft hij wel goed verstopt want de politie heeft het maar voor een deel kunnen vinden. Op zijn ING bankrekening doet hij kasstortingen voor een bedrag van 59.986 euro. De Rijksrecherche vermoedt dat de politiemol nog geheime bankrekeningen heeft in België en Oekraïne. „Het uitgavenpatroon lijkt groter dan op grond van zijn inkomen van de Nationale Politie kan worden verantwoord.”

Bij de aanhouding van zijn belangrijkste handlanger, de 46-jarige Mark S. die op dezelfde dag als M. werd opgepakt, heeft de politie wel vermoedelijk crimineel geld gevonden. In een geheime bergruimte onder de trap in zijn woning in Veldhoven vond de politie politiedossiers en 235.330 euro. Het contante geld werd bijeengehouden door oranje elastiekjes. Dezelfde elastiekjes vond de politie bij M. thuis en die zaten ook om de 4.000 euro die werd gevonden in de woning van de ouders van Mark M.

Naast de Rijksrecherche is de Nationale Recherche een onderzoek begonnen naar de schade die het lekken door de politiemol heeft opgeleverd voor lopende onderzoeken. Geschat wordt dat M. informatie uit meer dan honderd verschillende strafrechtelijke onderzoeken heeft gestolen. Een aantal infiltratietrajecten die de politie in Brabant had lopen zijn naar verluidt met spoed afgebouwd om te voorkomen dat politieambtenaren en informanten gevaar lopen. Bij de Rijksrecherche bestaat overigens veel ongenoegen omdat het onderzoek door de politie naar de consequenties van het lekken te weinig doortastend zou zijn uitgevoerd.

Onder de opleiders van M. op de politieacademie bestaan overigens veel vraagtekens hoe het mogelijk is geweest dat hun foute pupil zo lang ongestoord zijn gang kon gaan. Docenten vonden M. op grond van zijn laconieke houding en slechte studieresultaten ongeschikt als rechercheur en drongen verscheidene keren aan op zijn ontslag. Die adviezen werden volgens hen door de leiding genegeerd.

„Het is onbegrijpelijk dat niet eerder alle alarmbellen zijn afgegaan over het functioneren van Mark M.”, zegt een bij het onderzoek betrokken bron. De jonge agent in opleiding poseerde op Facebook met zwarte bontjas en hoed. Hij reed een BMW 750i en ook enige tijd een Porsche Cayenne. Hij had op zijn woonadres een BV geregistreerd en was bestuurder en enig aandeelhouder van dit autoverhuurbedrijf.

M. verbleef bovendien per maand een week in Oekraïne en klaagde op de academie over geldzorgen. Hij bood zich ook aan bij de onderzoeksleider die de MH17-ramp onderzocht omdat hij Russisch sprak en over goede contacten beschikte in Oekraïne. Begin 2015 trouwde hij in Kiev met de vier jaar jongere Oekraïense Olena. Zo’n vijftien Nederlandse vrienden woonden op zijn kosten de uitbundige feestelijkheden bij.

De vraag blijft of niet meer collega’s van M. op de hoogte waren van zijn mollenwerk. Binnen de politie snapt ook niet iedereen dat het onderzoek naar M. al na vier maanden stopte met diens aanhouding. Waarom is hij niet langer getapt en geobserveerd, is een veelgehoorde vraag. En waarom staan er nu maar vier ‘afnemers’ voor de rechter terwijl er 52 abonnementen liepen? Het Openbaar Ministerie laat desgevraagd weten deze vragen nu niet te willen beantwoorden.

Mark M., die inmiddels weer bij zijn ouders thuis in Weert woont, zegt niet te willen reageren. „Ik vind dat deze zaak bij de rechtbank besproken moet worden en niet vooraf in de media”, schrijft hij in een mail. Zijn advocaat Jan-Hein Kuijpers verwijt justitie en vooral de in februari opgestapte politiebaas Gerard Bouman „de zaak veel te zwaar te hebben aangezet. Er is geen bewijs voor handel in stukken.”

Op 6 juni van dit jaar heeft de politie aan M. diens ontslagbesluit toegezonden. M. heeft tegen dit ontslag bezwaar aangetekend.