Waarom de wereld van bankiers en advocaten een mannenwereld blijft

Zakenbankiers en advocaten

Banken en advocatenkantoren willen graag meer vrouwen op hoge posities. Maar de wereld van fusies, overnames en beursgangen blijft een mannenwereld. Waarom?

Diny de Jong, managing director bij ABN Amro. Foto’s Mieke Meessen

Ze hoorde het pas achteraf. ‘Waarom stuurt ABN Amro nou een vrouw’, had een klant in eerste instantie gedacht toen Diny de Jong namens de bank binnenstapte om een transactie te begeleiden. Toen de deal geslaagd was, had deze klant aan een van haar collega’s opgebiecht dat hij aanvankelijk verbaasd was dat vrouwen ook zakenbankier zijn. Na de eerste bijeenkomst was hij over zijn verbazing heen.

„Je moet soms een perceptie overwinnen”, zegt De Jong, die als managing director een topfunctie heeft in de zakenbanktak van ABN Amro. „Ben je wel hard genoeg? Ben je wel een dealmaker? Maar vrouwen zijn heel goede dealmakers.”

De wereld van fusies, overnames en beursgangen is een mannenwereld. Bij ABN Amro, ING en Rabobank bestaan de afdelingen ‘corporate finance’ voor 10 procent uit vrouwen. Bij advocatenkantoren die grote deals begeleiden zijn vrouwelijke partners in de minderheid, het percentage varieert tussen 15 procent (Brauw Blackstone Westbroek) en ruim 30 procent (Allen & Overy). In de lagen onder de partners werken bij advocatenkantoren een stuk meer vrouwen. In het buitenland is de verdeling niet anders. In de Londense City, hét internationale zakencentrum, wordt zo’n 20 procent van de hogere posities bezet door vrouwen, onderzocht zakenkrant Financial Times.

Afgelopen donderdag bleek weer hoezeer de Nederlandse top wordt gedomineerd door mannen. Tijdens de uitreiking van de jaarlijkse M&A-awards – prijzen op het vlak van fusies en overnames, mergers & acquisitions – waren onder de 24 winnaars twee vrouwen.

De politiek vindt het belangrijk dat vrouwen de top bereiken. Bedrijven moeten ernaar streven hun raden van bestuur en commissarissen voor ten minste 30 procent uit vrouwen te laten bestaan. De bedrijfstop bepaalt wat er gebeurt, maar maakt veelvuldig gebruik van zakenbankiers en fusie-en overnameadvocaten.

Deze adviseurs komen met overname-ideeën, berekenen wat een bedrijf waard is en voeren onderhandelingen. Ook werken ze mede uit hoe een bedrijf er na samengaan uit komt te zien. Waar komt het gezamenlijke hoofdkantoor te staan, hoeveel mensen kunnen er blijven werken? Het werk van deze adviseurs heeft grote invloed op bedrijven, hun werknemers en hun aandeelhouders.

NRC sprak met vrouwen die op hoog niveau aan fusies en overnames werken. Waarom zijn er maar zo weinig vrouwen die dat doen? Vinden ze dat een probleem?

50 procent psychologie

Natuurlijk zijn niet alle vrouwen hetzelfde, net zomin als alle mannen. Dat benadrukken alle vrouwen die aan dit artikel hebben meegewerkt. De oorzaken van het geringe aantal vrouwen in hun vakgebied is niet zo simpel te vatten, zeggen ze ook. Maar op basis van hun jarenlange ervaring hebben ze wel een paar ideeën over wat zou kunnen meespelen.

Zo is er het imago dat de wereld van fusies en overnames heeft. Het imago van „een mannenwereld”, zegt Elena Ilina (34) van ING. „Vrouwen vragen zich af: pas ik daarbij? Kan ik dat aan?” „Het heeft de naam een macho-achtige praktijk te zijn”, zegt partner Teska van Vuren (48) van NautaDutilh, waar ze leiding geeft aan de M&A-praktijk. „Meer dan bijvoorbeeld arbeidsrecht.” Bij haar kantoor zijn 15 van de 72 partners vrouw.

Teska van Vuren, partner bij NautaDutilh. Foto Mieke Meesen

Een onterecht beeld, vinden ze zelf. Machowerk is fusies en overnames begeleiden „helemáál niet”, zegt Van Vuren. „Dit werk is 50 procent psychologie. Je moet inschatten wat mensen aan de overkant van de tafel willen. Je kan alleen maar slagen als je weet waar de ander uit wil komen.” Vrouwen die over de juiste expertise beschikken, passen er prima tussen, zegt Ilina. „Als je zelfverzekerd bent en je durft uit te spreken – dat moet je wel in je hebben.”

Competitief is het wél. „Iedereen wil de beste zijn”, zegt Diny de Jong van ABN Amro. „Iedereen wil betrokken zijn bij grotere transacties.” De eenvoudigste manier om betrokken te zijn, is zélf met een overname-idee komen en de klant overtuigen. Ze heeft „heel veel koffiegesprekjes” met getalenteerde vrouwelijke collega’s – en met „minder masculiene mannen” – om ze te motiveren van zich te laten horen.

En dan moet je ook nog houden van hard en veel werken. Er staan vaak gigantische belangen op het spel. Zodra je verslapt, doet de andere kant daar zijn voordeel mee.

„Het is een deal-gedreven omgeving. Je moet beschikbaar zijn”, zegt Yvonne Rooijakkers (33) van Rabobank. „Ook tijdens avonden, in weekenden en vakanties.” Dat is „een keuze die vrouwen traditioneel lastiger vinden”, denkt ze, „hoewel dit niet anders zou hoeven te zijn voor mannen”.

Bij vrouwen speelt de vraag hoe het werk te combineren met een gezin „iets meer” dan bij mannen, denkt Gaby Smeenk (37), partner in Shanghai voor De Brauw Blackstone Westbroek, waar 10 van de 64 partners vrouw zijn. De keuze om partner te willen worden, een veeleisende positie, is „een heel persoonlijke”. Maar: „Het is wel goed om als vrouw alert te zijn op sociale normen die misschien impliciet worden opgelegd.” In Nederland werkt driekwart van de vrouwen in deeltijd.

Parttime partner

Banken en advocatenkantoren willen graag meer vrouwen op hoge posities, zeggen ze, en proberen dat ook te bevorderen. Zo heeft ABN Amro dit jaar workshops georganiseerd over ‘similarity attraction’, het fenomeen dat je geneigd ben iemand aan te nemen of te promoveren die op je lijkt. In het geval van banken en advocatenkantoren zijn dat vooral witte mannen. Stibbe heeft het vaderschapsverlof uitgebreid naar tien dagen en is een mentorprogramma begonnen voor vrouwen én mannen die een kind verwachten. Loyens & Loeff heeft een streefcijfer: 30 procent vrouwelijke partners in 2024. Bij enkele kantoren is parttime partner zijn een mogelijkheid.

Laetitia Thate en Elena Ilina van ING. Foto Mieke Meesen

De meest pragmatische reden om meer vrouwen op hoge posities te willen: de klant wil het. „ Voor cliënten wordt het ook steeds belangrijker”, zegt Gaby Smeenk. „Als we bij bedrijven pitchen voor een opdracht, vragen ze steeds vaker om informatie over diversiteitsbeleid. Dan is het een beetje vervelend om te moeten zeggen: 15 procent van onze partners is vrouw.”

Daarnaast brengen vrouwen in het dealteam andere kwaliteiten mee. „Een vrouw luistert wat meer, stelt wat meer vragen”, is de ervaring van Laetitia Thate, die bij ING leiding geeft aan de afdeling die leningen voor overnames verstrekt en donderdag een M&A-award won. Elena Ilina, ook van ING, belt af en toe met klanten, gewoon om te vragen hoe het gaat. „Ik wil zo goed mogelijk begrijpen wat hun zorgen zijn, wat ze willen bereiken.” Vrouwen hebben daar gemiddeld „meer geduld” voor, zegt Thate. Met een knipoog: „Dat is misschien een beetje moeder-eigen, ik ben ook geduldiger dan mijn echtgenoot.”

Charmes

In een artikel met de kop London: Sexism and the City schetste de Financial Times vorig jaar een beeld van de City als een omgeving waar het voor vrouwen veel moeilijker is om op hoge posities te komen. Dat herkennen de Nederlandse vrouwen met wie NRC sprak helemaal niet. Teska van Vuren van NautaDutilh heeft wel eens meegemaakt dat de advocaat aan de andere kant van de onderhandelingstafel zei: ‘Ik begin er niet meer aan hoor, vrouwen op kantoor.’ „Maar dat was in de jaren negentig. Nu is het echt niet exotisch meer.”

Verder vindt Van Vuren werken met veel mannen wel praktisch. „Je kan over het algemeen directer zijn”, zegt ze. „Tegen een man kan je gewoon zeggen dat je vindt dat hij iets niet goed aanpakt. Vrouwen trekken zich dat sneller persoonlijk aan.” Ook is werken met veel mannen gezellig, vindt Gaby Smeenk van De Brauw. „Als je na het werk nog wat gaat drinken, wordt het met mannen meestal toch wat later.”

Het kan bovendien een voordeel zijn om als vrouw te werken in mannenwereld. „Je bent zo goed als je laatste deal”, zegt Laetitia Thate van ING. „Maar per definitie ben je als vrouw anders dan driekwart van de anderen in de kamer. En dan heb je je mond nog niet opengedaan.” Het is wel belangrijk, zegt ze, „dat je een vrouw blijft, charmant blijft”. Maak niet de fout hetzelfde te willen zijn als de mannen. „Blijf jezelf. Servéér gewoon de koffie, doe het met een glimlach. Ben je daardoor minderwaardig? Natuurlijk niet.”

Advocaat Derk Lemstra, bestuursvoorzitter van Stibbe, beaamt dat vrouwen in het voordeel kunnen zijn. „Ik heb vrouwen gezien die met inzet van charmes een hele onderhandeling naar hun hand zetten. Vrouwen hebben een wat rustiger onderhandelingsstijl. Dan zie je kerels zichzelf overschreeuwen en het afleggen tegen vrouwen die dan terugkomen met één goed argument.”

Sommige vrouwen letten extra op of ze binnen hun bedrijf getalenteerde vrouwen zien en helpen hen een handje als ze kunnen. Bij jongere collega’s met potentie peilt Gaby Smeenk van De Brauw wat ze willen. Hebben ze ambitie om partner te worden? Dan probeert Smeenk die persoon „exposure” te geven binnen kantoor, bijvoorbeeld door haar aan te bevelen bij andere partners.

Meer vrouwen zouden „gewoon moeten proberen” de top te bereiken, vindt Elena Ilina van ING. Dat zegt ze ook tegen ambitieuze collega’s als ze moe zijn na een periode van extreme drukte, of als ze weer een avond met vrienden moesten afzeggen. „Je moet even doorbijten”, zegt ze dan. „Maar straks kun je meer delegeren. Hoe hoger je komt, hoe leuker het wordt.”