Een rechtbanktekening: eerst rustig met potlood schetsen, daarna inkten

Expositie

De Kunsthal toont een halve eeuw rechtbanktekeningen door Chris Roodbeen.

„Een rechtszaak is ook een beetje theater.”

Bejaardenzorg (1995) Chris Roodbeen

‘Advocaten bewegen heel veel. Dat is wel eens lastig om te tekenen,” vertelt Chris Roodbeen (86). Hij is een van Nederlands bekendste rechtbanktekenaars, die onder meer voor De Telegraaf werkt. Van de ongeveer zes rechtbanktekenaars in Nederland die voor landelijke media werken, oefent hij het vak het langst uit. In de Kunsthal in Rotterdam zijn tot en met 26 februari 150 van zijn levendige rechtbank-tekeningen te zien, die bijna een periode van een halve eeuw Nederlandse rechtspraak bestrijken. Ze liggen onder glas in de ruimte waar de Kunsthal normaal foto’s toont – maar in Nederland (en vele andere landen) is het niet toegestaan in de rechtbank te fotograferen. Vandaar dat tekeningen in dit geval toepasselijk zijn. Filmen en fotograferen tijdens een proces waarin verdachten terecht staan, wordt als een te grote inbreuk van de privacy gezien. Maar om in de media toch een beeld te kunnen geven van wat zich afspeelt, is tekenen wel al sinds jaar en dag toegestaan – al kunnen verdachten bezwaar maken.

„Er kan getekend worden,” staat er volgens Roodbeen in de richtlijnen voor wat toegestaan is in de rechtbank. „We worden gedoogd, zeg maar; we houden ons gedeisd.” Hij bedoelt ook dat rechtbanktekeningen geen spotprenten moeten worden, maar een min of meer neutraal beeld moeten geven van wat er te zien is.

Holleeder (2011). Roodbeen

Reclametekenaar

Chris Roodbeen (1930) is bij toeval in het vak gerold, vertelt hij. Hij was reclametekenaar, opgeleid aan de Rotterdamse kunstacademie. In de jaren zeventig, toen de processen tegen de Zuid- Molukkers die de Indonesische Ambassade in Wassenaar hadden bezet begonnen, zat de Haagsche Courant zonder rechtbanktekenaar. „Je moet snel kunnen tekenen. ’s Ochtends een zaak, ’s avonds tekening in de krant. Kan je dat?” had de chef van de redactie gevraagd bij Roodbeens sollicitatiegesprek. „Natuurlijk,” had hij gebluft. Roodbeen had geen ervaring. „Ik heb een speciale vulpen gekocht, want om je pen in een potje te dopen, daar was vast geen tijd voor tijdens de zitting, dacht ik.”

Na een proeftekening werd hij aangenomen. Hij leerde al snel dat er toch meer tijd was, en zag hoe collega’s, zoals Wim Boost (WiBo) van de Volkskrant, rustig eerst met potlood schetsen, en daarna inkten. Op de eerste tekeningen op de expositie uit de jaren zeventig van Roodbeen, over de processen van de Zuid-Molukkers, zie je hoe hij nog met vulpen met zoekende lijnen de rechtbank-tekeningen maakt – zonder voorschets.

Treffende tekenstijl

„Daarna ging ik ook met potlood schetsen en zette de beste composities in inkt – er bleek tijd genoeg. Soms zat ik ook delen van de ene tekening uit te knippen en die voor een compacter beeld te combineren met een andere. ” Maar scharen („zelfs een nagelknippertje”) zijn inmiddels verboden in de rechtszaal. Tegenwoordig schetst hij met potlood, en werkt de tekeningen met pen en inkt thuis uit.

Het is ook een beetje theater, een rechtszaak

De expositie biedt een mooi overzicht van zijn treffende tekenstijl, waarin verdachten, rechters en advocaten te zien zijn. Hun uiterlijk, maar ook hun uitdrukkingen weet Roodbeen goed te vangen. Ze zijn op de expositie beter te zien dan in de krant – want de tekeningen op ongeveer A3-formaat zijn veel groter dan ze in de krant worden afgedrukt: „Ze weten er altijd wel weer een tweekolommertje van te maken”, zegt hij lachend.

De tentoonstelling is in blokken van decennia ingericht, van de jaren zeventig tot nu, en tonen zo verschillende bekende gezichten in de rechtszaal. Roodbeen was bij rechtszaken rond Janmaat, Ferdi E en Johan Cruyff in de jaren tachtig. Er zijn ook prachtige portretten van opmerkelijke types in de rechtbank, zoals de ‘zweetvoet-terrorist’ die steeds zijn schoenen uittrok in de bibliotheek – en ook de rechtbank. En van zigeunerkoning Koko Petalo en zijn zoon, van de weduwe Rost van Tonningen en nog vele anderen.

Moeders van Sebrenica (2014). Roodbeen

Echte rechtbanktekening

Ook rechters, aanklagers en advocaten komen in beeld, zoals de gebroeders Anker tijdens de zaak tegen de Groningse ‘engel des doods’, een ouderenverzorgster die in de jaren 90 vier demente bejaarden vermoordde. Krijgt hij wel eens reacties of kritiek over hoe hij mensen afbeeldt? Roodbeen: „Ik ben wel eens aangesproken door advocaat Hiddema. Die zei: elke keer als u mij getekend heeft en het staat in de krant, word ik gebeld door een oudtante die zegt: ‘Theo, jongen, eet je wel genoeg?’”

Tegenwoordig gebruikt Roodbeen ook kleur in zijn tekeningen, omdat dat druktechnisch nu mogelijk is. Maar de meeste van zijn tekeningen op de expositie zijn nog zwart wit.

Janmaat, Ferdi E, Cruyff - Roodbeen ving allen in tekenende portretten

„Dat voelt ook als de echte rechtbanktekening”, zegt hij. Roodbeen heeft een heldere, zwierige penvoering, met een stijl die ergens ligt tussen die van tekenaars als Peter van Straaten en de door hem bewonderde Eppo Doeve. Hij heeft een scherp oog voor details en maakt uitdrukkingsvolle portretten. „Dat gaat gewoon vanzelf als ik aan het tekenen ben”, zegt hij. Als tekenaar vond hij het Lockerbie proces van de naar Nederland uitgeweken Schotse rechtbank in 2001 een hoogtepunt om te tekenen, met rechters, aanklagers en advocaten met pruiken op. „Dat zouden ze in Nederland ook moeten doen. Het is ook een beetje theater, een rechtszaak.”