‘Anne Frank werd mogelijk niet verraden’

Onderzoek van de Anne Frank Stichting wijst op illegale arbeid en bonnenfraude als mogelijke redenen voor de inval.

Deze foto van Anne Frank werd genomen op 1 januari 1942. Foto: via AFP

De arrestatie van Anne Frank en zeven andere onderduikers op 4 augustus 1944 in het Achterhuis was misschien niet het gevolg van verraad. Mogelijk hebben fraude met voedselbonnen of illegale arbeid een rol gespeeld bij de inval. Dat blijkt uit onderzoek van de Anne Frank Stichting, dat vrijdag naar buiten werd gebracht.

Het onderzoek richtte zich niet op de vraag: “wie heeft Anne Frank verraden?”, maar op de vragen “waarom vond de inval in het Achterhuis plaats, en op grond van welke informatie?”, zo schrijft de stichting. Tot nu toe werd aangenomen dat de inval van de Duitse Sicherheitsdienst (SD) het gevolg was van verraad. De SD zou zelfs telefonisch getipt zijn door een onbekend persoon.

Nieuw perspectief

De focus op verraad zorgde er tot nu toe voor dat andere scenario’s niet eens in ogenschouw werden genomen, zo zegt de stichting. Volgens directeur Ronald Leopold van de Anne Frank Stichting “weerlegt het onderzoek de mogelijkheid van verraad niet”, maar blijkt wel dat er in het bedrijfspand aan de Prinsengracht 263 “meer aan de hand was dan het verbergen van onderduikers”:

“Het onderzoek levert een nieuwe invalshoek op: mogelijk doorzocht de Sicherheitsdienst het pand vanwege illegale arbeid en bonnenfraude en kwamen de agenten hierbij op het spoor van Anne Frank en de zeven andere onderduikers.”

In het nieuwe onderzoek werd onder meer gekeken naar de dagboeknotities van Anne Frank uit maart 1944, die niet eerder met hetzelfde doel werden gebruikt. Hierdoor werden politie- en justitiestukken uit verschillende delen van het land onderzocht. Uit de notities blijkt dat twee handelaren van de firma Gies & Co werden gearresteerd vanwege de handel in illegale distributiebonnen. De genoemde firma was gelieerd aan Otto Franks Opekta en in hetzelfde pand gevestigd. Dit biedt volgens de stichting een mogelijk aanknopingspunt:

“Een onderneming waar illegale arbeid werd verricht en waarvan twee vertegenwoordigers voor bonnenhandel waren opgepakt, liep daardoor vanzelf risico op belangstelling van de autoriteiten. Bij zoeken naar onderduikers kon bonnenfraude worden aangetroffen, omdat zij veelal op clandestiene verzorging waren aangewezen. Andersom kon opsporen van zulke fraude natuurlijk ook naar onderduikers leiden.”

Ook de telefonische tip wordt in het onderzoek geproblematiseerd: zo waren de telefoonnummers van de SD niet bekend en werden in 1944 veel telefoonverbindingen afgesloten. Daarnaast noemt de stichting het opvallend dat er ruim twee uur zat tussen aankomst en vertrek van de SD: “Dat lijkt voor het ophalen van verraden onderduikers wel wat lang”.

Anne Frank stierf op februari 1945 op 15-jarige leeftijd in concentratiekamp Bergen-Belsen, een half jaar na de inval.