Rekenkamer: 132 miljoen extra nodig voor onderhoud dijken

Van 32 miljoen euro is het onduidelijk waar dit vandaan moet komen. Volgens minister Schultz bedraagt het tekort 18 miljoen.

Windmoles achter de dijken van de Noordoostpolder. Foto ANP / Remko de Waal

Er is extra geld nodig voor het onderhoud aan belangrijke dammen, dijken, stuwen en stormvloedkeringen. Om precies te zijn 132 miljoen euro. Een groot deel van die kosten kan minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu, VVD) de komende drie jaar betalen uit bestaande potjes, maar van 32 miljoen is dat onduidelijk.

Dit stelt de Algemene Rekenkamer in een donderdag verschenen onderzoek naar de kosten van onderhoud van het zogenoemde hoofdwatersysteem, dat de hoeveelheid en kwaliteit van het water in goede banen leidt.

De uitgaven vallen volgens het onderzoek de komende jaren hoger uit vanwege prijsstijgingen, onderhoud aan extra infrastructuur en onvoorzien onderhoud bij de Oosterscheldekering. „Daar spoelt door de stroming grond weg bij de kering, waardoor in de zeebodem kuilen zijn ontstaan die op termijn een risico kunnen vormen voor de veiligheid”, aldus de Rekenkamer.

Schultz: tekort niet 32 maar 18 miljoen

In een reactie op het rapport heeft minister Schultz van Haegen laten weten dat volgens haar het tekort niet 32 miljoen maar slechts 18 miljoen euro bedraagt. De minister acht zo’n tekort volgens het rapport bovendien aanvaardbaar, „omdat zo’n spanning prikkelt tot innovatie en doelmatigheid”.

Vijf jaar geleden informeerde de minister de Tweede Kamer al over tekorten bij het onderhoud, niet alleen bij het water, maar ook bij snelwegennet en vaarwegennet in de jaren 2012-2020. Het ging daarbij om 4,8 miljard euro, waarvan 151 miljoen voor het hoofdwatersysteem. Dat laatste bedrag is dus opnieuw niet voldoende, aldus de Rekenkamer.