ProRail bellen bij overweg

veiligheid op het spoor

Zwaar verkeer dat een overweg oversteekt, moet instructies krijgen, vindt Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Bij overwegen moeten instructies komen voor chauffeurs van zware voertuigen om hen te helpen veilig over te steken. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in zijn dinsdag verschenen rapport over het treinongeluk bij Dalfsen, op 23 februari dit jaar. Toen botste een passagierstrein op een langzaam rijdende hoogwerker. De treinmachinist kwam om, de bestuurder van de hoogwerker sprong op tijd van zijn voertuig.

Volgens de OVV moet ProRail bij overwegen weggebruikers uitleggen in welke gevallen ze contact moeten opnemen met het spoorbedrijf om informatie te krijgen over een veilige oversteek. Die informatie zou vooral gelden voor bestuurders van zware wegvoertuigen, zoals hoogwerkers.

De informatie moet vervolgens door een nieuw op te stellen procedure „adequaat en efficiënt” aan de weggebruiker overgebracht worden. Daar zijn nu nog geen mogelijkheden voor. De botsing in Dalfsen kon gebeuren doordat de bestuurder van de hoogwerker een verkeerde inschatting maakte en dacht dat er voorlopig geen trein zou komen.

Volgens de OVV was ook het ontbreken van een noodsignaal bij de machinist een probleem. In sommige andere landen krijgt de machinist wel een alarmsignaal als een voertuig vast komt te staan op een overweg. Zo’n signaal betekent niet per se dat een botsing vermeden kan worden, maar het kan wel zorgen voor een kleinere impact.

ProRail heeft een aantal jaar geleden al eens geprobeerd een regeling in te voeren voor zware voertuigen bij spoorwegovergangen. Die moesten dan echter 52 uur tevoren worden aangemeld, wat volgens de transporteurs veel te lang was. Structurele afspraken zijn daardoor nooit gemaakt.

De OVV beveelt verder aan dat de staatssecretaris voor Infrastructuur en Milieu de norm voor de botsveiligheid van bestuurderscabines aanpast. De machinist kon bij het ongeval in Dalfsen niet snel genoeg een veilige ruimte bereiken, omdat hij de hoogwerker door een bocht in het spoor niet tijdig zag staan. De OVV vindt dat de botsbestendige plekken in de cabine zich dichter bij de bestuurdersstoel moeten bevinden.

ProRail laat in een reactie op zijn website weten de aanbevelingen te „omarmen”.

Opvallend is dat de onderzoeksraad ook vermeldt dat hulp van ProRail niet slechts nodig is voor zware voertuigen. Het kan ook gaan om „bijzondere situaties”, zoals onbeveiligde overwegen waar het zicht op de omgeving slecht is. Omwonenden van de spoorwegovergang in het Groningse Winsum, waar op 18 november een treinongeluk plaatsvond en waar al eerder doden vielen, betogen samen met nabestaanden al jaren dat dit daar het geval is.