‘Twijfelen aan integriteit intellectuelen is probleem ’

Prins Constantijn bezorgd

Namens het Prins Claus Fonds komt prins Constantijn op voor intellectuelen. Ook hier.

Prins Constantijn Foto Merlijn Doomernik

Prins Constantijn maakt zich zorgen over het anti-intellectuele sentiment in Nederland en andere westerse samenlevingen en de gevolgen die dat heeft voor het werk van kunstenaars en intellectuelen. „Journalisten, kunstenaars en wetenschappers waarvan het werk en de integriteit bijna per definitie in twijfel wordt getrokken. Ook feiten lijken er steeds minder toe te doen. Dat vind ik echt problematisch.”

Dat zegt de prins in een interview met NRC als erevoorzitter van het Prins Claus Fonds, dat zijn twintigjarig bestaan viert. Hij noemt het fonds door deze ontwikkeling „misschien wel relevanter dan ooit. Wij helpen sinds twintig jaar mensen in andere delen van de wereld om op te komen voor vrije kunst, voor vrije media, om zich intellectueel en creatief te kunnen uiten. Nu zie je die dingen ook in het Westen spelen.”

Het Prins Claus Fonds werd in 1996 opgericht ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van Prins Claus en zet zich in voor organisaties en kunstenaars en intellectuelen die actief zijn op het gebied van cultuur en ontwikkeling. Donderdag reikt prins Constantijn aan zes mensen en organisaties uit Azië, Afrika en Latijns-Amerika in het Koninklijk Paleis in Amsterdam de Prins Claus Prijzen uit. „Wat ik altijd verbazingwekkend vind bij onze prijsuitreikingen, is dat ongeveer de helft van de winnaars een strafblad heeft. Het zijn mensen die vechten voor de vrijheid om zich uit te drukken zoals zij willen onder omstandigheden die heel moeilijk zijn”, zegt hij.

Hij waarschuwt dat we in onze westerse samenlevingen „te frivool omgaan met kunst”. Hij noemt cultuur „ook belangrijk om mensen aan het denken te zetten op een niet-alledaagse manier, om mensen over hun stereotypes na te laten denken, om dogma’s in twijfel te trekken.”