‘Examens topbankiers moeten beter’

Dat is het oordeel van een onafhankelijke commissie die zich heeft gebogen over het beleid.

Robin van Lonkhuijsen

Het omstreden beleid van toezichthouders De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) om topbestuurders in de financiële sector een ‘geschiktheidsexamen’ af te nemen, moet op belangrijke punten verbeterd worden. Dat is het oordeel van een onafhankelijke commissie die zich heeft gebogen over het beleid.

De commissie benadrukt in haar eindrapport dat het beleid „in zijn algemeenheid” adequaat is. De toezichthouders houden zich aan de regels. Maar tegelijkertijd zijn er „aanpassingen en verbeteringen mogelijk en ook nodig. De commissie doet achttien aanbevelingen. De kern van de kritiek: de toezichthouders moeten inzichtelijker maken hoe de procedure verloopt en vooral hoe besluiten tot stand komen. Ook voor het waarborgen van de objectiviteit en onafhankelijkheid zijn extra stappen wenselijk en nodig.

De commissie beveelt onder meer aan om ‘externe adviseurs’ (andere ervaren bestuurders) een rol te laten spelen in de procedure.

De commissie stond onder leiding van Annetje Ottow, hoogleraar economisch publiekrecht en decaan aan de Universiteit Utrecht. Ook oud-topbestuurder Jan Hommen en hoogleraar leiderschap Janka Stoker zaten in de commissie.

DNB en de AFM hebben sinds de financiële crisis de bevoegdheid om sleutelmedewerkers bij onder meer banken en verzekeraars te toetsen op hun geschiktheid en betrouwbaarheid. De toezichthouders mogen iemand ook opnieuw toetsen (hertoetsen), als zij daar aanleiding toe zien. Wie de toets niet haalt, krijgt de baan niet of moet weg. De toezichthouders zien hier een essentieel middel in om nieuwe crises te helpen voorkomen. Problemen bij bedrijven zouden vaak worden veroorzaakt door falende bestuurders.

Binnen en buiten de sector is echter felle kritiek geuit op het beleid, onder meer in NRC. De examens werd tot voor kort vaak afgenomen door jonge beleidsmedewerkers die geen ervaring hadden op hoog bestuurlijk niveau. Ook zijn de toezichthouders regelgever, aanklager en rechter tegelijk. De bezwaarprocedure wordt door henzelf behandeld.

Het toetsingenbeleid stond centraal in een opzienbarende confrontatie tussen Delta Lloyd en DNB twee jaar geleden. DNB legde de verzekeraar toen een boete op van 23 miljoen euro wegens handel op basis van vertrouwelijke informatie en eiste het vertrek van de financieel directeur na een hertoetsing. Delta Lloyd vocht beide maatregelen aan. De boete bleef overeind, maar de rechter oordeelde dat de hertoetsing over moest omdat die slecht onderbouwd was.

Mede naar aanleiding van de kritiek, besloot DNB vorig jaar het beleid te evalueren. De toezichthouder deed eerst zelf onderzoek en voerde daarna al een aantal verbeteringen door. Het onderzoek van de commissie is „sluitstuk” van het verbeteringstraject.

AFM-bestuurder Femke de Vries en DNB-bestuurslid Frank Elderson zeggen in een interview „blij” te zijn dat de commissie vaststelt dat het beleid in zijn algemeenheid adequaat is, en dat uit het onderzoek blijkt dat in de hele sector het nut van toetsingen inmiddels wordt erkend. Over de aanbevelingen zeggen zij „een positieve grondhouding” te hebben. De komende tijd gaan de toezichthouders „nadenken” hoe hier invulling aan te geven.

Lees ook het interview met Femke de Vries en Frank Elderson: AFM en DNB zijn blij, maar toetsingsbeleid moet beter