Waarom de prijs van kooldioxide maar niet wil stijgen - vijf vragen

Europese emissiehandel

De milieucommissie van het Europees Parlement wil de handel in emissierechten verbeteren. Maar de vraag is: hoe doe je dat?

Duitse kolencentrale in Niederaussem bij Bergheim. Na 2050 moet de CO2-uitstoot in de wereld met 98 procent verminderd zijn. Foto Wolfgang von Brauchitsch / Bloomberg

Emissiehandel is de motor van het Europese klimaatbeleid – of zou dat moeten zijn. Energieproducenten en industrie betalen voor het lozen van broeikasgassen in de atmosfeer. Die koolstofprijs vormt een prikkel om de uitstoot te verlagen en klimaatverandering te voorkomen. Maar de motor hapert al een tijdje. Brussel is naarstig op zoek naar een oplossing. De milieucommissie van het Europees Parlement moet daarover donderdag een besluit nemen. Maar of de partijen het op tijd eens worden is de vraag.

1. Wat is het probleem?

Een ton kooldioxide kostte begin deze week 4,60 euro. Afhankelijk van wie je het vraagt is dat vijf tot tien keer te laag voor een effectief klimaatbeleid. Met zo’n prijs is het voor bedrijven aantrekkelijker om emissierechten te kopen dan om maatregelen te nemen om de uitstoot van kooldioxide te reduceren. Energiebesparing en efficiënter produceren, waardoor bedrijven emissierechten overhouden die ze mogen verkopen, wordt in dit systeem nauwelijks beloond. De vervuiler betaalt, maar niet genoeg om de schade die hij veroorzaakt te dekken.

2. Wat is er misgegaan met het emissiehandelssysteem?

Veel. Om te beginnen werden er aanvankelijk veel te veel emissierechten (gratis) uitgedeeld. Dat kwam vooral door onervarenheid. Bedrijven drongen aan op voldoende rechten, uit vrees dat hun internationale concurrentiepositie in gevaar zou komen. Politici waren bang dat bedrijven zouden vertrekken naar landen met een minder stringent klimaatbeleid. Deze zogeheten carbon leakage komt het klimaat zeker niet ten goede.

Voordat het systeem van die kinderziekten genezen was, brak er een economische crisis uit. Die leidde na 2008 tot een forse daling van de industriële productie – en dus ook het energieverbruik. Bijna twee miljard emissierechten staan ongebruikt in de boeken. En dus stortte de prijs in.

Lees ook: Bijna niemand betaalt voor de uitstoot van CO2

3. Dus de prijs moet omhoog?

Daar zijn de meeste deskundigen het wel over eens. Maar hoe hoog? Daarover verschillen de meningen. Jos Cozijnsen, consultant voor emissierechten, noemt 20 euro in 2020 een mooi minimum, oplopend naar ongeveer 35 euro in 2030. Volgens Cozijnsen kan de prijs lager zijn dan eerder werd gedacht, omdat duurzame energie snel goedkoper is geworden en doordat er steeds meer betaalbare manieren komen om CO2 te reduceren.

Energie- en milieueconoom Arthur van Benthem van de universiteit van Pennsylvania pleitte dit voorjaar in een opiniestuk in NRC voor ‘een minimumprijs die de markt wakker schudt’ – 30 tot 40 euro. Dat is volgens hem nodig om technologische innovatie te stimuleren. Ook Job Swank, directielid van De Nederlandsche Bank, wil een koolstofprijs die „gaat bijten”. In een interview in NRC zei hij: „We moeten schaarste creëren, anders gebeurt er niets. Zoals het systeem nu werkt, speelt de koolstofprijs geen enkele rol bij investeringsbeslissingen.”

Sander de Bruyn van onderzoeksbureau CE Delft wijst op de klimaatafspraken die een jaar geleden in Parijs zijn gemaakt. Daarin staat dat de ontwikkelde landen na het midden van deze eeuw hun CO2-uitstoot met ten minste 95 procent moeten reduceren. Daarbij past volgens veel economen in 2050 een prijs van 500 tot 1.000 euro per ton, aldus De Bruyn. „We zitten dus nu niet op een efficiënt prijspad, waarin de kosten van de reductie zo laag mogelijk zijn.”

4.Hoe zorg je ervoor dat de koolstofprijs stijgt?

Dat is een politieke kwestie waarover nu al tijden in Brussel wordt gesteggeld. Er zijn al wel verbeteringen aangebracht, zegt De Bruyn. Zo wordt een groot deel van het oude overschot opgeslagen in een reserve die nauwelijks nog beschikbaar komt. En in het verleden is de veiling van emissierechten herhaaldelijk uitgesteld als het aanbod te groot was. Maar de regels worden steeds gecompliceerder – het is bijna niet meer uit te leggen.

De Nederlandse Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks) vindt de ambities in het huidige voorstel veel te zwak. Veel partijen pleiten er nog steeds voor om emissierechten gratis uit te delen. Eickhout zou het liefst zien dat het plafond van rechten die jaarlijks worden verdeeld veel sneller daalt dan tot nu toe is afgesproken. Invoering van een minimumprijs voor CO2, waar sommige deskundigen op aandringen, is volgens Eickhout onhaalbaar, omdat dat door velen zou kunnen worden uitgelegd als een belasting. En dat is in Europa een no-go-area.

5.Wat betekent een hogere CO2-prijs voor particulieren?

Dat valt moeilijk te zeggen. Het systeem is pas effectief als de kosten worden doorberekend aan de gebruiker van een product. Want uiteindelijk is de consument de echte vervuiler. De onafhankelijke voorlichtingsorganisatie Milieucentraal heeft berekend dat een gemiddeld huishouden in Nederland 8 ton CO2 verbruikt voor huis en vervoer, en daarnaast nog eens 15 ton voor voeding en kleding. Bij een CO2-prijs van 20 euro zou dat een huishouden dus 460 euro per jaar gaan kosten.

Maar het is niet de bedoeling dat bedrijven hun uitstoot afkopen met CO2-rechten, waar de consument vervolgens voor opdraait. Ze moeten juist hun productieproces efficiënter maken en energie besparen. Want daarmee is uiteindelijk iedereen beter af.

    • Paul Luttikhuis