Vergeten

Het was zaterdagavond en ik was mijn bril kwijt. Het was al de zoveelste keer sinds mijn brillen de lievelingsspeeltjes van de dochter (1) waren geworden. Nadat ik eerst woedend het hele huis was doorgekropen, bedacht ik me dat hij net zo goed in de rookruimte van het buurtcafe zou kunnen liggen, waar ik zo lekker in kranten had zitten lezen.

Ja hoor, daar was mijn bril!

Niet op het tafeltje naast de asbak waar ik hem had neergelegd, maar als een kroontje in het grijze haar gestoken van een buurtgenote in beschonken toestand.

Nou niet uit de hoogte gaan doen, dacht ik nog, want daarmee kwam mijn bril echt niet sneller op het juiste hoofd terug.

„Volgens mij is dat mijn bril”, zei ik dan ook quasi-nonchalant. „Ik was ‘m vergeten.”

Ze keek me aan en zei dat ze zelf ook wel eens wat vergat en dat haar dat al veel geld had gekost.

„Had ik boterhamworst gehaald was ik ’m vergeten op te eten. Was de houdbaarheidsdatum verlopen… Moest ik die worst weggooien. Hij zat helemaal onder van die groene stippen. Dat is toch niet normaal?”

„Dat hangt er vanaf hoe lang die worst al in de koelkast lag”, zei ik. „Of heb jij geen koelkast?”

Dat laatste was grappig bedoeld.

Ze had toevallig wel een koelkast.

„Een veel te grote.”

Gekregen van de SP, de enige politieke partij die hier letterlijk wel eens bij de mensen op de stoep staat om ze op hun rechten te wijzen.

„Ik had recht op een koelkast”, zei ze. „Ieder mens heeft recht op z’n koelkast.”

Daarna: „Maar er zit niets in. Ja, m’n biertje. En die boterhamworst, maar die zat helemaal onder de stippen. Dat is toch niet normaal…”

„Nee”, zei ik, „dat is niet normaal. Maar mag ik nu mijn bril terug?”

„Ik zou ook wel bier lusten”, zei ze. „Mag ik een pilsje?”

Ik liep naar de bar en terug, zette een biertje voor haar neus en hoorde een verhaal aan van een boze nieuweling in de rookruimte. Hij had geld verloren omdat je in de gokkasten van tegenwoordig ook biljetten kon stoppen zodat je niet telkens naar de bar hoefde om te wisselen.

Hij zei: „Ze hebben me mijn remmingen afgenomen.”

Ik ging maar weer eens.

„En? Heb je je bril terug?”, vroeg de vriendin terwijl ik thuis de trap beklom.

Weer vergeten.

„Nog niet helemaal”, riep ik.

Marcel van Roosmalen valt vandaag in voor Ellen Deckwitz.