Kamer wil sterkere controle op hackende politie

Beeld iStock

Als de politie apparaten mag hacken, moet dat strenger worden gecontroleerd dan het kabinet nu wil. Dat vindt een meerderheid van de Tweede Kamer. Deze dinsdag bespreekt de Kamer een wet die het hacken door opsporingsambtenaren mogelijk maakt.

Politie en OM zeggen grote moeite te hebben met het opsporen van criminelen doordat die zichzelf online makkelijk kunnen verstoppen door communicatie en bestanden te versleutelen.

Traditionele opsporingsmethodes zoals huiszoekingen en telefoontaps zijn meestal nutteloos bij dit soort verdachten.

Lees ook het achtergrondverhaal: Justitie wil nu terughacken

Foutjes en ‘mazen’

Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) wil dat de politie apparaten mag hacken van mensen die worden verdacht van ernstige criminaliteit. De politie kan dan bewijs verzamelen door bijvoorbeeld mee te kijken op het beeldscherm van een verdachte.

Voor dat digitaal inbreken zal onder meer gebruik worden gemaakt van foutjes en ‘mazen’ in computerprogramma’s en apps. Daar hebben privacyvoorvechters kritiek op: als de politie kwetsbaarheden laat ‘openstaan’ die de fabrikant nog niet kent, kunnen ook criminelen ze gebruiken om burgers te hacken.

Het kabinet wil dat het OM een nog onbekend lek niet altijd direct hoeft te melden aan de softwarefabrikant. Tweede Kamerlid Jeroen Recourt (PvdA) wil dat een lek „in principe direct” wordt gemeld. Als het OM dat niet wil – bijvoorbeeld als de software zelf geschreven is door een criminele organisatie – zou het een onderzoeksrechter om toestemming moeten vragen. Recourt krijgt voor dit voorstel dankzij de steun van coalitiepartner VVD naar verwachting een Kamermeerderheid.