Een kind met een gat in de hand

Financiële opvoeding Jongeren kunnen niet met geld omgaan. De helft van hen heeft een schuld. Tegelijkertijd betalen steeds meer ouders alles voor hun kinderen. En dan zijn er nog de online-verleidingen. Hoe voorkomen ouders dat later de deurwaarder op de stoep staat?

Illustratie XF&M

Het begint al als kinderen twee zijn en zich ter aarde storten in het gangpad van de supermarkt: de verleidingen, de keuzes. De tekenfilms die ze kijken, gaan vloeiend over in reclame, het verlangen naar al dat moois wordt continu gevoed. Jongeren willen niets liever dan dezelfde gadgets als hun favoriete vloggers. Zodra ze meerderjarig zijn gaat er een wereld van leningen en uitgestelde betalingen open waarin alles mogelijk lijkt.

Maar hoe voorkom je dat nadat ze het ouderlijk huis hebben verlaten, binnen de kortste keren de deurwaarder op de stoep staat? Vorig jaar bleek uit het onderzoek Voor mijn gevoel had ik veel geld van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat meer dan de helft van de jongvolwassenen tussen de 18 en 27 jaar een schuld had in de vorm van een studielening, koop op afbetaling, persoonlijke lening of schuld bij de Belastingdienst. In bijna 15 procent van de gevallen ging het om een risicovolle schuld of betalingsachterstand. Uit de jaarcijfers van de vereniging voor schuldhulpverlening bleek bovendien dat zo’n 10 procent van hun aanmeldingen betrekking heeft op jongeren.

Dat juist jongeren het moeilijk vinden om verleidingen te weerstaan, is niet zo verwonderlijk. „De hersenen van kinderen in de puberteit zijn nog niet helemaal ontwikkeld, ze hebben moeite met langetermijndenken”, zegt financieel coach Bianca Bastiaans van Bastiaans Budget. Daar ligt dus een belangrijke taak voor de ouders weggelegd. „Benadruk bij langetermijnverplichtingen, zoals een duur sportschool- of telefoonabonnement, dat die kosten elke maand terugkomen, waardoor er geen geld is voor iets anders.” En leer kinderen ook het nut van sparen, al vinden ze het moeilijk om vooruit te kijken. „Beloon sparen voor een grote aankoop met rente. En andersom: vraag een kleine rente als ze geld willen lenen.”

Ouders willen het té goed doen

Opvallend genoeg bleek onlangs uit het Scholierenonderzoek van het Nibud dat ouders hun kinderen juist steeds meer financiële verantwoordelijkheden uit handen nemen. Ruim de helft van de ouders betaalt de volledige kosten van kleding, schoenen en smartphone van kinderen tussen de twaalf en achttien jaar. Dat is een stijging van bijna 10 procent ten opzichte van drie jaar geleden.

„Ouders willen het graag té goed doen”, zegt Bastiaans. „Hun kind komt niets tekort, maar daarmee ontnemen ze het kind bepaalde vaardigheden.” Het merendeel maakt volgens Bastiaans de klassieke fout om bovenop het zak- en kleedgeld nog allerlei extra’s te betalen. „Een kind denkt dan: als ik niet uitkom, lossen mijn ouders het wel op. Vooral in welgestelde gezinnen is dit een probleem. Het is goed bedoeld, maar werkt averechts.”

Om kinderen weerbaarder te maken tegen verleidingen, moeten ze juist gevoel krijgen voor de waarde van geld. Als ze weten hoe hard ze ervoor moeten werken of sparen, geven ze het minder snel uit. „Geef ze verantwoordelijkheden die bij hun leeftijd en ontwikkeling passen”, zegt Marion Weijers, budgetvoorlichter bij het Nibud en medeauteur van de Gids voor financieel opvoeden. „Ieder kind is anders, dus binnen een gezin kan de gewenste aanpak verschillen.” Vaak is dat: zakgeld vanaf een jaar of zes (contant) en vanaf twaalf jaar een eigen bankrekening met pinpas.

„Het belangrijkste is dat ouders consequent blijven, dat op ook echt op is”, zegt Weijers. „Laat kinderen een bijbaantje zoeken of extra klusjes in huis doen, als ze niet uitkomen. En geef ze al vroeg de ruimte om zelf keuzes en fouten te maken.” Laat ze dus vooral dat prul bij de Action kopen en huilen als het kapot gaat, daar leren ze van.

Baudy Wiechers, moeder van drie kinderen van zestien, achttien en eenentwintig, deed het op een andere manier. „We zijn wel begonnen met zakgeld, maar dat voelde niet goed, omdat ze er niets voor hoefden te doen.”

Toen de jongste acht was, besloten ze met elkaar tot een klusjessysteem. Vaste bedragen werden gekoppeld aan taken als stofzuigen en opruimen (5 euro), koken (1,50) en afwassen (1 euro). Aan het eind van de week werden de bedragen opgeteld en werd het geld overgemaakt.

„Wij deden als ouders ook mee”, vertelt Wiechers. „Het viel de kinderen meteen op dat ik veruit het meest verdiende. De tijd die ik in het huishouden stopte, werd ineens heel tastbaar.”

Nu ze het drukker met school hebben, krijgen de jongste twee een basisinkomen van 150 euro per maand dat ze zelf beheren. Hierin is ook het vakantiegeld, reiskosten en kleedgeld verwerkt. Ook worden ze betrokken bij de gezinsuitgaven. „We laten bijvoorbeeld zien wat een auto eigenlijk kost. Als ze die willen lenen, betalen ze ons 20 cent per kilometer.”

De betaalpijn is verdwenen

Met de komst van internetbankieren en online winkelen en gamen wordt het jongeren nog makkelijker gemaakt geld uit te geven. „De betaalpijn, de tastbaarheid van een lege portemonnee is verdwenen”, zegt Weijers van het Nibud. „Het voordeel is dat de meeste jongeren wel precies weten hoeveel geld ze hebben. Ze checken allemaal hun saldo op hun app.”

Ook voor ouders heeft de digitalisering voordelen. Bianca Wateler, moeder van twee kinderen van vijftien en twintig, begon er al vroeg mee. „We hebben ze zo snel mogelijk internetbankieren en pinnen geleerd. Het geeft overzicht en als ouder kun je nog tot hun achttiende meekijken waar ze hun geld aan uitgeven. Onze kinderen zijn heel verschillend: de één wat impulsiever, de ander wat zuiniger, maar het werkt voor allebei.”

Bij sommige banken is het bovendien mogelijk om aparte potjes op de rekening aan te maken. Geld met de bestemming ‘vakantie’ komt dan automatisch in het vakantiepotje terecht.

Maar kinderen hebben wel begeleiding nodig. Laat zien hoe je een beveiligde website herkent, welke keurmerken er zijn voor webwinkels of welke kosten er bijkomen als je online koopt. Uit het Nibud-nderzoek blijkt dat 20 procent niet heeft geleerd hoe veilig te internetbankieren en eenderde krijgt zelfs geen uitleg over online winkelen. Terwijl ze het wel doen. Weijers: „Als kinderen gamen op hun mobiel worden ze continu verleid om geld in een virtuele wereld te stoppen.”

Veel vlogs zijn bovendien verkapte reclamefilmpjes en advertenties worden verpakt als Facebook-posts of filters op Snapchat. En alles lijkt eeuwig in de aanbieding. Sluwe verkooptechnieken, die ouders met hun kinderen moeten bespreken. Bijvoorbeeld door er samen naar te kijken.

Onbegrijpelijk dat er zo weinig aandacht voor is, zowel bij ouders als op school, vindt budgetcoach Bastiaans. „Jongeren met geldproblemen hebben vaak ook fysieke klachten, zoals slaapproblemen en verminderde concentratie. Er is onder ouders een enorme hype om gezond te eten, maar de financiële gezondheid is zeker minstens zo belangrijk.”