Weer aan het werk dankzij voetbal

Sociaal programma

Voetbalclub Sparta kent sinds 2014 de Sparta Banen Marsch: een leerwerktraject van maximaal anderhalf jaar.

Rien Zilvold

Jongeren helpen bij Sparta - en Sparta helpt hen. Foto’s Rien Zilvold

Het is 9 uur precies als werkbegeleider Mourad Mghizrat de klussen van vandaag verdeelt. „Michael, Remco en Philip: stoelen repareren! Yvan, Shamshad en Burhan: reclameborden rechtzetten! Bon-Ann en Manouk: schoonmaken!”

We zijn in Het Kasteel, het stadion van Sparta, waar ‘wajongers’ (jongeren met een arbeidsbeperking) hun kans grijpen om terug te keren in het arbeidsproces. Zoals de 27-jarige Burhan, die sinds twee jaar thuis zit. „Ik was magazijnbediende, maar na geruzie ben ik vertrokken. Nu werk ik veertig uur per week bij Sparta. Ik heb al van alles gedaan: van schoonmaken tot papier prikken.”

Elke maand levert het UWV gemiddeld twee nieuwe wajongers af bij het leerwerktraject Sparta Banen Marsch. De jonge werklozen komen eerst twee maanden op proef. Als ze die doorstaan, krijgen ze een halfjaarcontract en verlaten ze de uitkering. Dat contract kan vervolgens maximaal nog twee keer worden verlengd, waarna de jongeren het buiten Sparta moeten zien te redden.

Remco (26) heeft net z’n eerste halfjaarcontract op zak. Ingespannen werkt hij aan de reparatie van een tribunezitje. Vroeger had hij een baan in de bouw, maar daar liep het fout. „Ik kwam vaak te laat, vandaar. Nu, bij Sparta, ben ik over het algemeen op tijd.” Remco heeft een contract van 32 uur per week en hoopt via de Banenmarsch in de groenvoorziening terecht te komen. „Want ik werk het liefst buiten.”

In jeugdhonk De Bosselaar is Manouk (28) - sinds drie dagen op proef - net klaar met het schoonmaken van de tafels. „Straks stofzuigen. Ach, schoonmaken is niet mijn hobby, maar ik doe het omdat ik graag weer aan het werk wil. Welk werk? Nou, het liefs actrice.”

Of dát via Sparta zal lukken moet nog blijken, maar uit de cijfers van Stichting De Betrokken Spartaan, waar de Banenmarsch onder valt, mag enig optimisme worden geput. Van de 25 wajongers die dit jaar instroomden, hebben er negentien een halfjaarcontract van Sparta bemachtigd, en zijn de overige zes buiten de voetbalclub aan de bak gekomen.

„Bij dat zestal gaat het om banen bij sponsors van Sparta”, legt directeur Perry Leijdsman (50) van De Betrokken Spartaan uit. „Ook daar draait het meestal om halfjaarcontracten. Vaste banen zijn immers bijzonder schaars voor jongeren. Maar wij bekijken het positief. Elk halfjaarcontract betekent een half jaar geen uitkering en een grotere kans op de arbeidsmarkt. De sponsors spelen daarbij een cruciale rol. Dankzij hen kan de banencarrousel in ons stadion doordraaien.”

Zeven dagen per week

En een carrousel is het. Zeven dagen per week gaat het werk door: 460 uur aan klussen. Rond wedstrijden is het ’t drukst: stoelen afnemen (twee dagen werk), verkeer regelen, horecawerk, en na afloop alle rommel in het stadion opruimen (ook twee dagen). Tribune 29 is een geval apart, weten de jongeren. Want daar zit het uitpubliek en is de ravage het grootst.

De eredivisieclub heeft zelf ook enig belang bij het leerwerktraject: Sparta kan allerlei noodzakelijke arbeid met loonsubisidie laten verrichten. Maar misschien nog belangrijker: de club verstevigt zijn positie als maatschappelijk rolmodel in de stad. Leijdsman, oud-Spartaprof: „We ontdekten dat Sparta landelijk goed bekend stond, maar dat de binding met de buurt gering was. En dat terwijl Het Kasteel midden in de wijk staat. Nu hebben we die relatie met de omgeving weer terug: zondag komen hier ambtenaren vergaderen.”

Maar het voornaamste is natuurlijk dat moeilijk plaatsbare wajongers weer uitzicht krijgen op werk. Leijdsman: „Iedere wajonger kan via de Sparta Banen Marsch aan een baan komen, behalve zij die écht niet willen.”