Hoe de maffia wraak neemt met brandende katten

Bosbranden op Sicilië

Fraude met Europese landbouwsubsidies heeft maffiosi veel geld opgeleverd. Ze zijn woedend over nieuwe regels die het voor hen moeilijker maken landbouwgrond te pachten.

Marktkooplui op de Vucciria-markt in Palermo. Foto: AFP

Toeristen die van het prachtige Sicilië komen genieten, zeggen vaak, soms opgelucht en soms met een ondertoon van spijt, dat je nauwelijks iets ziet van de maffia. Maar voor het geoefende oog is het een kwestie van kijken en weten wat je ziet.

Neem de littekens op de steile hellingen bij Piazza Armerina, in het hart van Sicilië. Of langs de autostrada van Cefalù naar Palermo, met een glinsterende zee aan de rechterhand. Overal staan zwartgeblakerde staketsels van eiken en cipressen, zwaar gehavende pijnbomen, grote stukken verschroeide grond.

Dit zijn geen getuigen van een natuurramp of van de onachtzaamheid waarmee vaak peuken uit het open autoraam worden geworpen. Vrijwel alle branden zijn aangestoken, zegt de Guardia Forestale, de Siciliaanse boswachterij. En meestal zit de maffia erachter.

Miljoenen claimen

Het zijn wraakacties, zegt Giuseppe Antoci, de voorzitter van het natuurpark van de Nebrodi. „Ze wachten tot de scirocco [de harde wind uit de Sahara] waait voor het maximale effect en stichten dan brand. Want de mafia is woedend over de nieuwe regels die we hebben ingevoerd. Daarom leek het deze zomer soms alsof het hele eiland in brand stond.”

Zin heeft het niet meer, om brand te stichten. In het verleden werden, zoals ook elders, stukken bos in brand gestoken in de hoop zo weidegrond vrij te maken of gebieden waar lucratief gebouwd kan worden. Dat gebeurt in Italië een stuk minder sinds de wet bepaalt dat in brand gestoken gebieden vijf jaar volledig braak moeten blijven liggen, meestal afgesloten met grote hekken.

Daarom waren die branden volgens Antoci puur machtsvertoon van de maffia. Die verdient veel geld met landbouwfraude, onder andere met Europese subsidies. Ze claimen miljoenen voor bepaalde gewassen, voor bepaalde terreinen, voor bepaalde kuddes.

Sjoemelen met geografie

Een beetje sjoemelen met de geografie gaat nog wel; zo heeft een maffioso geld uit Brussel gevraagd voor ‘landbouwgrond’ die bij controle precies op het vliegveld van Trapani bleek te liggen. Maar het is prettig als je in ieder geval een officieel gebruiksrecht hebt op echte landbouwgrond. Daarom was en is de maffia zeer geïnteresseerd als de overheid landbouwterreinen in pacht uitgeeft.

„Dat zijn altijd openbare aanbestedingen”, zegt Antoci. „Maar mafiosi zorgden er dan voor dat bij een groep die samen een bod uitbracht, een paar beruchte namen stonden. Dan wisten de bona fide boeren en herders wel dat ze niet mee moesten bieden en kregen die maffiosi de grond in gebruik voor een belachelijk laag bedrag. Ze verdienden er dan met Europese subsidies tien tot twaalf keer zo veel op.” Dat was een effectieve manier om crimineel geld wit te wassen.

Voor contracten onder de 150.000 euro hoefde je bij zo’n aanbesteding geen „verklaring van goed gedrag” (lees: niet-maffia) af te geven. Na een lobby van Antoci is die bepaling vorig jaar geschrapt. Alle bieders voor alle contracten moeten nu zo’n verklaring van justitie kunnen overleggen.

Bedreiging en afpersing

De maatregel gold eerst voor een deel van Sicilië, maar nu voor het hele eiland. Antoci werd zo ernstig bedreigd (kogelbrieven, brandbommen) dat hij permanente beveiliging heeft gekregen. Dat was niet overdreven: in mei werd zijn kogelvrije auto onder vuur genomen.

Antoci en zijn bewakers bleven ongedeerd, en hij zet zijn strijd wat in Italië de agromaffia is gaan heten onverminderd voort. Daarbij gaat het maar deels om fraude met ten onrechte geclaimde Europese subsidies. Volgens een rapport van landbouworganisatie Coldiretti en onderzoeksinstiatuut Eurispes verdient de maffia in heel Italië jaarlijks ongeveer 15 miljard euro met landbouwfraude en -misdaad. Daartoe horen ook bedreiging en afpersing, diefstal, en vooral: gesjoemel met producten.

Staart in de fik

In Sicilië heeft justitieel onderzoek naar de brandstichtingen overigens weinig opgeleverd. Dat komt ook doordat de maffia huiveringwekkende manieren gebruikt om haar sporen uit te wissen. Een kennis in de badplaats Cefalu vertelt: „Ze steken katten in brand. Levende katten! Die rennen dan krijsend door zo’n kurkdroog bos en dat vliegt op verschillende plaatsen in brand. Zo kan je nooit meer zien waar de brand precies is begonnen. En ze doen het bij voorkeur ’s avonds, want ’s nachts kunnen de Canadairs (de blusvliegtuigen, ML) niet vliegen, dat is te gevaarlijk.”

Antoci beaamt het verhaal. „Inderdaad. Het zijn wrede praktijken. Dan steken ze de staart van een kat in de fik en voordat dat beest dan dood is, is er op meerdere plaatsen brand ontstaan, terwijl de daders alle tijd hebben om veilig weg te komen.”