Een nieuwe start voor India, met Frank Rijkaard op doel

Voetbal

Nederlandse bedrijven helpen India aan kunstgrasveldjes. Voetbalbond KNVB levert de coaches.

Frank Rijkaard (onder) geeft aanwijzingen tijdens de opening van het Nederlandse kunstgrasveld in New Delhi.

De Indiase minister van Sport en Jeugdzaken knijpt zijn ogen tot spleetjes achter zijn brilletje. „Geen matchfixing?” Hij moet de blik omhoog richten om zijn minstens twee koppen grotere tegenstander in de ogen te kijken. „Nee, geen matchfixing”, zegt Frank Rijkaard lachend, voordat hij zijn colbertjasje dichtknoopt en naar het doel loopt.

Medewerkers van de minister leggen de bal op de stip. De minister schiet en raakt een van zijn medewerkers. Doelman Rijkaard buigt een knie om de bal weg te tikken die via de aangeschoten man zijn kant op komt. Gejuich van de omstanders, van wie de meesten in net pak. Johan Neeskens, in sportkleding maar zonder de lange lokken van weleer, kijkt stoïcijns toe. Met het schot van de minister is een modern kunstgrasveldje, een gift van Nederland aan India, officieel in gebruik genomen.

Initiatief van de ambassade

Het ‘Colourfield’, werd het gedoopt. Nederlandse bedrijven, waaronder Philips Lightning en Ten Cate voor het kunstgras, sloegen de handen ineen bij ontwerp en uitrusting van het veldje van 20 bij 40 meter. De Nederlandse ambassade in Delhi benutte haar politieke contacten. Met succes: het Colourfield, geflankeerd door een knal-oranje scheepscontainer waarin kunstgras, verlichting, hekwerk en andere onderdelen als een bouwpakket werden geleverd, is aangelegd op een prominente plek: pal naast het reusachtige Jawaharlal Nehru Stadion.

„Het Colourfield is een innovatief multipurpose-veld”, zegt Vincent van Noort. Hij is coördinator van Dutch Sports Infrastructure waarin vijftig bedrijven samenwerken. Tien daarvan richten zich samen op India. Van Noort woont er al ruim tien jaar, en hij weet: hier liggen kansen. „Er is een schreeuwende behoefte aan moderne sportfaciliteiten.”

Indiase sport uit het slop

Tijdens de Olympische Spelen in Rio haalde het land slechts een zilveren en een bronzen medaille, op 1,2 miljard inwoners. Nu India op economisch en geopolitiek gebied steeds belangrijker wordt, beginnen de belabberde sportprestaties te steken. „We willen er werk van maken”, zegt de minister.

Rijkaard is meegekomen als promotor van het World Coaches-programma van de KNVB. „Het idee is dat Nederlandse coaches hier lokale trainers opleiden”, zegt de oud-voetballer. „Niet alleen op voetbalgebied, maar ook op het sociale vlak. Life skills willen we ze meegeven.” Sekse-gelijkwaardigheid en hygiëne, om het verspreiden van ziekten tegen te gaan, zijn belangrijke onderwerpen voor de Indiase jeugd, denkt hij. Neeskens is een van de twee KNVB-trainers die nu een groep Indiase wereldcoaches opleidt.

Ook oud-tophockeyer Floris Jan Bovelander is enthousiast. Al een jaar geeft hij door heel India hockeyles aan kinderen met zijn programma One Million Hockey Legs. „Dit is een goed geoutilleerd sociaal veldje”, zegt hij. Kinderen vinden het prachtig.” India was een vermaard hockeyland, maar miste de aansluiting toen kunstgras de norm werd. Door de jeugd te trainen, kan India weer opklimmen, hoopt hij.

Waterzuivering onder het veld

De minister is met name enthousiast over een ingenieuze vinding waarmee het Colourfield is uitgerust. Onder het kunstgras bevindt zich een systeem om water op te vangen dat vervolgens gezuiverd wordt. Dat kan met regenwater, maar ook water uit een vervuild riviertje, dat over het veld wordt verspreid om het te koelen. Het water onder het veld drukt de temperatuur van het gras met zo’n 4 graden – dat is prettig in de 40-plus-hitte van India. De vinding is Nederlands, en heet Green Source, geleverd door Drain Products uit Amsterdam. „We gaan dit soort infrastructuur over het hele land verspreiden”, zegt de minister.

5000 van deze veldjes

India zou 5000 veldjes willen laten aanleggen. Goed nieuws dus voor Indiase kinderen. Of dat ook geldt voor de betrokken Nederlandse bedrijven is de vraag. Blijft India uitsluitend met Nederlandse bedrijven en sportinstellingen samenwerken? Vraag het de minister en zijn ogen worden weer spleetjes. „We hebben met veel landen overeenkomsten op sportgebied afgesloten. U kunt ervan op aan dat al dit soort initiatieven bij ons zeer welkom zijn.”