‘Ik voel mij Justin Bieber, iedereen wil wat van mij’

Afrobeats

De Afrikaanse clubsound verovert de westerse pop. Rappers en zangers uit de afrobeats-scene hebben sterke banden met de diaspora. Zoals de Nigeriaanse ster Davido.

Davido Foto Roger Kisby / Getty Images

Davido is zeker van zijn zaak. „2016 is het jaar van afrobeats. We zijn klaar om de rest van de wereld te laten genieten van onze clubmuziek.” Dat is meer dan alleen grootspraak van een van Afrika’s populairste popsterren. Afrobeats (niet afrobeat!) is het urban, pan-Afrikaanse clubgeluid dat opeens overal opduikt. Grote labels sluiten contracten met Nigeriaanse en Ghanese rappers, Beyoncé en Alicia Keys flirten met de stijl en in Nederland klinkt het door in de nieuwe generatie hiphop.

„Via sociale media gaat het zo hard”, vertelt producer, rapper en zanger Davido (David Adedeji Adeleke, 24 jaar) aan de telefoon vanuit New York. „Sinds dit jaar komt opeens iedereen naar mijn shows: zwart, wit, Chinees, Mexicaans.”

Hij speelde in voorgaande jaren al door heel Afrika, maar het succes buiten het continent is nieuw. Davido woont in Lagos waar hij door het leven gaat in peperdure auto’s, met persoonlijke beveiligers en een entourage van assistenten. „Ik moet wel, iedereen wil wat van me. Het is een soort Justin Bieber keer drie.”

Miljonairszoon

Er is ook een andere kant. Davido, geboren in Atlanta en opgegroeid in Lagos, pendelt al zijn hele leven heen en weer naar Amerika, waar hij vanaf zijn zestiende lang de anonieme ‘African kid’ was. „Ik sleutelde aan beats, gewone Amerikaanse hiphopbeats. Mijn eigen geluid vond ik pas toen ik terugging naar Lagos.” Het is typisch voor de afrobeatsgeneratie. Davido, zoon van een Nigeriaanse miljonair, maakte in Amerika kennis met de technologie en het westerse popgeluid en produceert nu moderne Afrikaanse muziek die aansluiting vindt in Europese en Amerikaanse mainstreammuziek.

De genrenaam afrobeats ontstond een paar jaar geleden in de Londense dj-scene en is ietwat misleidend. Afrobeat (enkelvoud) is de funk- en jazzstijl van de Nigeriaan Fela Kuti uit de jaren zeventig, afrobeats (meervoud) lijkt daar totaal niet op. Kenmerkend zijn het hoge tempo, de stuiterende ritmes en de auto-tune-zang. „Eigenlijk is het niet te definiëren, het is een containerbegrip voor Afrikaanse clubmuziek”, zegt Davido. Het is de sound van ‘Africa Rising’ in de 21ste eeuw: een beat die je net niet kunt grijpen. Denk aan Caribische dancehall en soca met house en hiphop, maar het kantelt steeds op een afwijkend ritme dat is ontleend aan traditionele Afrikaanse dansmuziek. Raps klinken in pidgin English of Afrikaanse talen (Yoruba in het geval van Davido).

Het gebruik van autotune als instrument lijkt op Amerikaanse hiphop en r&b. Dat geldt ook voor de beeldcultuur. Davido’s recentste clip ‘Gbagbe Oshi’ zit vol clichés: de vertraagde beelden van dikke terreinwagens, ronkende motoren, het inhaleren van rook, champagne drinken en de verplichte scène in de club. Er is één verschil: de schaarse kleding van de dansende vrouwen is van West-Afrikaanse snit.

Foto Roger Kisby/Getty

Foto Roger Kisby/Getty

Davido: „Ik noem het zelf afro fusion, maar afrobeats is de term geworden waarmee we het in Europa en Amerika aan de man kunnen brengen. Prima.” En dat gaat lekker. Waren het decennia lang vooral Caribische en Latijns-Amerikaanse stijlen die de westerse pop wisten te bereiken, nu is het tijd voor West-Afrika.

Diaspora

Via de clubs sijpelt afrobeats door naar de hitlijsten. ‘Common’, een single van Alicia Keys’ nieuwe album Here heeft sterke afrobeats-invloeden. Ze stuurde ook een video de wereld in waarin ze met haar man danst op een nummer van Wizkid, Davido’s rivaal in Nigeria. In interviews hint ze naar een samenwerking. Beyoncé nam in 2013 met ‘Grown Woman’ al een afrobeats-track op en werkt ook in haar clips graag samen met kunstenaars uit de Afrikaanse diaspora.

Het ontgaat de grote labels niet. Davido heeft getekend bij Sony. Daar ging de eveneens in Amerika geboren Nigeriaan Ayo Jay hem al voor, hij had een grote hit in de VS met rapper Chris Brown. Roc Nation, het label van Jay Z, heeft onder meer Tiwa Savage, ‘de Beyoncé van Afrika’ onder contract. Al die contracten werden dit jaar getekend.

„Je ziet dat de labels Afrika willen penetreren, het is een interessante markt”, zegt Angelo Bromet. Hij organiseert Afrolosjes, feesten in club Air in Amsterdam waar voornamelijk afrobeats en het verwante afrohouse wordt gedraaid. „Ook in Nederland hoor je de laatste twee jaar dat afrobeats mainstream wordt. Luister maar naar Broederliefde.”

Broederliefde, waarschijnlijk de populairste Nederlandse rapact van 2016, bestaat uit Rotterdammers met Antilliaanse en Kaapverdische roots. Geen wonder dat het genre bij hen postvat, denkt Bromet. De Afrikaanse diaspora is cruciaal voor de verspreiding van afrobeats.

Veel van de artiesten die het nu maken, groeiden op in Europa en Amerika of hebben er familie. Vanuit de Engelstalige landen Nigeria en Ghana is sinds de onafhankelijkheid in 1960 een migratiestroom naar de VS en Engeland op gang gekomen, net zoals tussen francofoon Afrika en België en Frankrijk. De generatie die nu op de deur klopt, heeft meer middelen ter beschikking en mixt stijlen moeiteloos. Denk ook aan het Belgische-Rwandese hitwonder Stromae die een eigen geluid creëert van house, Afrikaanse pop en Jacques Brel.

Bromet: „Lange tijd had je Afrikanen die probeerden Amerikaanse rappers na te doen, maar de Afrikaanse muziekindustrie zat niet op hetzelfde niveau. Die deur is opengebroken. Er is een generatie met veel meer eigen inbreng. Ze komen uit voor hun dubbele nationaliteit. Dus je hebt gasten die de Engelse grime koppelen aan de stijl van hun ouders uit Nigeria. Of Trinidad of Kaapverdië, het maakt niet uit.”

Logisch dus dat afrobeats clubmuziek is, zegt Bromet. „Het is het vieren van de vooruitgang, de jongensdroom: feesten, geld verdienen. Of dat nou allemaal heel verantwoord is, doet er niet toe. De doelgroep wil gewoon even geen sores.”

Dat ziet ook Thomas Gesthuizen, die twintig jaar geleden pionierde met de website Africanhiphop.com en zo de hiphopcultuur van het continent als geen ander volgde en verspreidde. „In afrobeats staat commercie centraal. Ze gebruiken de beeldcultuur van de Amerikaanse popmiljonairs en de producties doen daar niet voor onder.”

De generatie die hij tien jaar geleden zag opkomen in Afrika is sterk geprofessionaliseerd. „Ze kwamen in een bijna lege muziekindustrie in de jaren negentig en zetten zelf kleine labels op, met behulp van de technologie uit de diaspora.”

Afrobeats heeft een ontegenzeggelijk Afrikaans geluid door de vernieuwing van de ritmes. De eerste hits kwamen vooral uit Ghana en Nigeria, maar het is inmiddels pan-Afrikaans, zegt Gesthuizen. „In de rest van Afrika hoorde je voorheen veel Congolese pop en dancehall, nu is afrobeats de standaard.”

Toch nog even terug naar afrobeat (zonder -s) dan. Want Fela Kuti, de grondlegger van dat genre, wilde met zijn muziek juist ook pan-afrikanisme uitdragen, en een trots Afrika. Verwijzen de genres dan toch naar elkaar? Bromet ziet die gelijkenis in de uitwisseling van stijlen met de diaspora. Zonder James Brown had Fela Kuti nooit zo funky geklonken.

Maar Davido neemt er meteen afstand van. „Mijn muziek is niet politiek. Fela was meer dan een muzikant, hij was een vrijheidsstrijder. Nee man, ik wil gewoon lol maken. Als ik met mijn band naar Amsterdam kom, zul je het wel horen. We gaan Europa definitief aan de Afrikaanse clubsound krijgen.”

Davido speelt 8 december in de Melkweg, Amsterdam