Albumoverzicht: Eer voor sterren van weleer, behalve voor Prince

Neil Young lijkt in de voetsporen van Johnny Cash te treden en Schubert klinkt bijna tweehonderd jaar na zijn dood nog steeds sprankelend. Prince komt er minder goed vanaf op 4Ever.

  • ●●●●

    Roman Flügel: All the Right Noises

    All the Right Noises Dance: Het bestaan van een dj gaat over meer dan CO2-kanonnen en groupies. Tussen de hoogtepunten zijn minstens zoveel momenten van eenzaamheid en verstilling. Daarover heeft de Duitse producer Roman Flügel een album gemaakt. Het is diepe minimalistische house, waarin je de melancholie van urenlang alleen nachtelijk verpozen op een luchthaven hoort.

    All the Right Noises biedt ruimte tot introspectie, maar is ook verassend veelzijdig. Na ambient intro ‘Fantasy’, gaat het album meteen de versnelling in bij ‘The Mighty Suns’. Er loopt een verhalende rode draad door het album dat een stuk ingetogener is dan eerder werk. Na de versnelling volgt de verdieping in ‘Dead Idols’, een dub techno nummer met een vertraagde fabrieksbeat die uit de pas loopt bij de vierkwartskick. ‘Nameless Lake’ is daarna weer lichtvoetig. Zo wisselen momenten van introspectie, versnellingen en verdieping elkaar af tot het album zijn emotionele climax bereikt in de laatste drie nummers. Rolinde Hoorntje

  • ●●●●●

    Neil Young: Peace Trail

    Peace Trail Pop: In sommige opzichten lijkt Peace Trail een parodie op wereldverbeterende muziek uit de jaren zestig. Veel knulliger dan Youngs teksten over het milieu, Moslims en verdraagzaamheid, klonken de hippies destijds niet.

    Ook het samenspel van Young met coryfeeën als Jim Keltner en Paul Bushnell klinkt vaak als een eerste repetitie. Bijvoorbeeld in ‘Texas Rangers’, waar Young in dubbel gevouwen zinnen te veel woorden kwijt wil over bedreigde diersoorten en olieboringen. ‘Terrorst Suicide Hanggliders’ is ondanks alles indrukwekkend.

    Dankzij Youngs gitaarsolo’s die gieren als een sirene, wordt het lauwe akoestische deel opgepept. En ook de stem van Neil Young blijft bijna ondraaglijk teder. Het sobere ‘My Pledge’ zweemt naar de stijl van Johnny Cash. Young nam deze cd op met Cash-producer Rick Rubin. Misschien is dit een eerste stap voor Young, richting een mooie Cash-benadering. Hester Carvalho

  • ●●●●

    Andreas Staier | Daniel Sepec | Roel Dieltiens: Franz Schubert, Piano Trios

    Franz Schubert, Piano Trios Klassiek: Uniek en ongeëvenaard is hij, de tedere melancholie van Schubert. Zoals in het Andante van het Pianotrio opus 99. Of in de Nocturne in Es-groot met zijn onder de huid kruipende mineurmodulaties. Fortepianist Andreas Staier ontrolt hier kraakheldere arpeggio’s, en steeds is zijn spel voorbeeldig sprankelend en vertellend.

    Staier ging voor deze dubbel-cd met Schuberts Pianotrio’s opus 99 en 100 een gelukkige alliantie aan met stijlgevoelverwanten violist Daniel Sepec en cellist Roel Dieltiens. Hun Schubert is authentiek, weldenkend en meeslepend. Voor wie een fluwelige, meer ronkend romantische trioklank zoekt, is dit niet dé uitvoering. Maar het zijn juist de gefocuste energie, integriteit en intelligente vertelkracht van dit trio die je onweerstaanbaar meezuigen in Schuberts stemmingswisselingen, zijn bedachtzaamheid, gevoelserupties en weer uit het as verrijzende levenslust. Mischa Spel

  • ●●●●●

    DNCE: DNCE

    DNCE Pop: Met gekke kapsels en stoere poses richt het Amerikaanse viertal DNCE zich nadrukkelijk op een publiek van (pre-)tieners. Volwassenen mogen meegenieten van hun goed geconstrueerde kitschmuziek die raakt aan de exhibitionistische neodisco van Scissor Sisters.

    De Zweedse hitfabriek Mattman & Robin tekende voor de hit ‘Cake by the Ocean’, die eigenlijk ‘Sex on the Beach’ had moeten heten maar die door een breed uitgemeten ‘misverstand’ geschikt werd gemaakt voor de tienermarkt. Instant dansvloerfavorieten als ‘Body Moves’ en ‘Good Day’ stapelen cliché op cliché en doen dat op zo’n aanstekelijke manier dat Michael Jackson zich niet geschaamd zou hebben voor een album met deze dichtheid aan onontkoombare discohits. Het gaat pas mis als DNCE zich in de zoete ballade ‘Truthfully’ op Justin Bieber-terrein begeeft met kitsch van de verkeerde soort.
    Jan Vollaard

  • ●●●●●

    Prince: 4Ever

    4Ever Pop: Aan het oeuvre van Prince valt weinig te bederven, afgezien van een liefdeloze verpakking of selectie. En liefdeloosheid steekt de kop op bij de nieuwe compilatie van zijn hits. Want dit 4Ever, uitgebracht door de platenmaatschappij - Warner Music - die hem tot ‘slaaf’ had gemaakt (en waar hij in 1996 vertrok), presenteert een keuze die de uitzinnige muzikant geen recht doet.

    Ten eerste omdat nummers van ná 1993 ontbreken, ten tweede omdat de volgorde gehusseld is, de teksten ontbreken, en liedjes als ‘The Ballad Of Dorothy Parker’ ontbreken, ten gunste van het hier nogal schraal klinkende ‘Gotta Stop’ en ‘Let’s Work’. Op het dubbelalbum staat één niet eerder uitgebracht nummer. ‘Moonbeam Levels’ werd opgenomen in 1982, toen Prince werkte aan 1999. Het is een mooi contemplatief lied met zwaarmoedige tekst: ‘Please send all your moonbeam levels 2 me/ I’m lookin’ 4 a better place 2 die’. Hester Carvalho

  • ●●●●●

    The K Fellowship: Before The Dawn

    Before The Dawn Pop: Allereerst moet gezegd dat er bij zo’n audioregistratie maar een fractie overblijft van de impact die de overal met vijfsterrenrecensies bejubelde show in de zaal gehad moet hebben.

    Kate Bush is merkbaar onder de indruk van het ovationele welkom dat het publiek haar geeft. Haar zang is dramatischer, volwassener en bombastischer dan ze ooit geklonken heeft, met steun van zoon Bertie die haar overhaalde om eindelijk weer eens live te zingen.

    ‘Hounds of Love’ en ‘Top of the City’ zijn meteen al zo magistraal van uitvoering dat een simpele geluidsopname al dat muzikaal geweld nauwelijks kan bevatten. Een beheerst ‘Running up that Hill’ biedt een van de weinige concessies die Bush doet aan haar hitverleden. Lees de hele recensie: Met je oren naar Kate Bush kijken. Jan Vollaard