Cultuur

Interview

Interview

Foto’s die Arnoud van Doorn zelf op Twitter zette van zijn bezoeken aan het Midden-Oosten.

Foto’s Arnoud van Doorn

‘Wij moeten schimmig zijn’

Arnoud van Doorn, islamitisch fondsenwerver

De hoogste Saoedische moslimgeleerde noemde hem een ambassadeur voor de islam. Oud-PVV’er Arnoud van Doorn zamelt wereldwijd geld in voor islamitische centra.

Meer transparantie over de financiering van moskeeën? „We gaan het juist schimmiger aanpakken”, zegt Arnoud van Doorn.

Hij is een van de fondsenwervers die geld uit het Midden-Oosten naar Nederland halen. Het kabinet wil deze buitenlandse financiering voor islamitische organisaties aan banden leggen. De vrees is dat met het geld een fundamentalistische vorm van de islam, het salafisme, wordt gepromoot.

Arnoud van Doorn (50) trekt zich hier niets van aan. De voormalig PVV-politicus bekeerde zich in 2013 tot de islam en kreeg met zijn islamitische Partij voor de Eenheid een zetel in de Haagse gemeenteraad. Zijn verhaal werd opgepikt in de Arabische wereld en sindsdien is Van Doorn een graag geziene gast in landen als Koeweit, Qatar en Saoedi-Arabië. Hij zit er aan tafel bij grote liefdadigheidsinstellingen, blijkt uit foto’s die hij geregeld twittert. „Ik breng ze in contact met partijen in West-Europa die op zoek zijn naar financiering”, zegt Van Doorn. „Je kunt me zien als een intermediair.”

Afgelopen juni was hij nog betrokken bij de komst van een islamitisch centrum in de Franse stad Mulhouse, zegt Van Doorn. Liefdadigheidsinstelling Qatar Charity kocht het voor 28 miljoen euro. Ook was Van Doorn betrokken bij een salafistisch lescentrum in Rotterdam. Nadat NRC had ontdekt dat dit was betaald door de controversiële Eid Charity uit Qatar, reisde burgemeester Aboutaleb persoonlijk naar Qatar om de koop terug te draaien. Met succes: de geldschieter heeft toegezegd dat de gemeente Rotterdam het pand mag kopen.

Van Doorn is er nog steeds boos om. „We hadden een goed gesprek gehad met Aboutaleb, waarin wij duidelijk hebben gemaakt dat hij van ons centrum niets heeft te vrezen. Het leek alsof er geen probleem was. En dan vliegt de burgemeester achter onze rug om naar Qatar!” Als Aboutaleb denkt dat het zo makkelijk gaat, heeft hij het mis, zegt Van Doorn. Met de opbrengst zal elders een nieuw gebouw worden gekocht – alleen zal nu geheim blijven wie de geldschieter is. „We hebben ondervonden dat transparantie niet werkt: dan proberen ze achter je rug om de koop terug te draaien. Daarom zal het nu slimmer worden aangepakt. Je kunt de financiering bijvoorbeeld via een offshore-rekening laten lopen, zodat niemand weet wie erachter zit. Die schimmigheid heeft niet onze voorkeur, maar we worden er op deze manier toe gedwongen.”

Drieënhalf jaar zat Van Doorn bij de PVV. Dat lag gevoelig bij zijn ouders en vrienden – „ik kom uit een keurig wit bovenmodaal gezin, ik zat op tennis en hockey”. Hij kende geen moslims. „Mijn beeld van de islam was gebaseerd op wat ik in de media hoorde. Ik vond het een intolerante en agressieve godsdienst.”

Softdrugs verkocht

Eind 2011 verliet hij de PVV. Daarna gebeurde er veel: hij kreeg een voorwaardelijke taakstraf omdat hij softdrugs had verkocht aan jongeren, naar eigen zeggen om te achterhalen wie hun dealer was die in de Haagse binnenstad voor problemen zorgde. Het bleef een tijd stil rondom Van Doorn totdat hij in 2013 plotsklaps de islamitische geloofsbelijdenis twitterde. De ex-PVV’er bleek moslim geworden. Achteraf, zegt hij, heeft hij die coming-out niet handig aangepakt. „Voor mijn omgeving leek het alsof ik van de ene op de andere dag was bekeerd, terwijl daar een proces van ruim een jaar aan vooraf was gegaan.” Hij kwam tot het geloof in de salafistische As Soennahmoskee in Den Haag, die hij nog steeds vaak bezoekt. Maar Van Doorn noemt zichzelf geen ‘salafist’ of ‘orthodox gelovige’. „Ik ben niet zo van die hokjes. Ik ben gewoon moslim.”

Lag zijn lidmaatschap van de PVV al gevoelig, sinds zijn bekering ziet Van Doorn een deel van zijn vrienden en familie helemaal niet meer. Voor sommige verjaardagen of vakanties wordt hij niet meer uitgenodigd. Elders maakte zijn bekering hem wél populair: het Saoedische koningshuis nodigde hem in 2013 uit voor een pelgrimstocht naar Mekka. Daar ontmoette hij diverse gezaghebbende moslimgeleerden. In Arabischtalige media verschenen interviews met hem. Van Doorn werd – ten onrechte – neergezet als een van de makers van anti-islamfilm Fitna die tot inkeer was gekomen en nu de islam had aangenomen. Alle Arabische commentatoren waren het erover eens: Van Doorns bekering bewijst dat de islam zelfs zijn grootste tegenstanders voor zich kan winnen. „Hij laat zien hoe groot en waar de islam is”, sprak een commentator.

Voor sommige verjaardagen of vakanties wordt hij niet meer uitgenodigd

De minister van Islamitische Zaken van de Maldiven noemde Van Doorn „een bron van inspiratie voor velen”. De hoogste geestelijke in Saoedi-Arabië, Abdul Rahman al-Sudais, gaf Van Doorn zelfs zijn eigen mantel op een internationale conferentie. „Hij zei dat ik de mantel kreeg omdat ik ambassadeur van de islam ben. Je kunt het vergelijken met geridderd worden. Mensen keken met tranen in hun ogen toe.”

Sindsdien zit hij aan tafel met sjeiks uit vrijwel alle Golfstaten. Maar niet als visitekaartje voor Nederland, dat hij bij zijn gesprekspartners afschildert als een intolerant land waar moslims het voortdurend moeten ontgelden. Zo zei hij vorig jaar op een regeringsconferentie op de Maldiven dat moslims in Nederland geen vrijheid van religie hebben. „Vanuit mijn eigen ervaring kan ik zeggen dat de moslimgemeenschap wordt onderdrukt in Nederland”, hield Van Doorn zijn toehoorders voor. Diezelfde boodschap draagt hij uit naar zijn andere Arabische contacten, zegt hij.

Boerkaverbod

Is dat niet een tikje ongenuanceerd? Moslims zijn hier toch vrij hun geloof te belijden? Nederland telt veertig islamitische scholen en honderden moskeeën. Van Doorn ziet vooral de andere kant: dat de overheid de komst van islamitische middelbare scholen in Den Haag en Amsterdam tegenwerkt. Dat er een boerkaverbod op komst is. Dat omstreden buitenlandse imams worden geweigerd. Al met al „neemt de tolerantie ten aanzien van moslims af”.

En is het dan heel gek, vraagt Van Doorn, dat islamitische landen geld sturen naar islamitische projecten in het Westen? „Ze doen dat om de moslimgemeenschap te ondersteunen. Zodat die hun eigen scholen, lescentra en moskeeën kunnen kopen. Want één ding laten we niet gebeuren: dat moslims hun geloof niet meer durven praktiseren onder druk van het Westen.”