Recensie

Secuur onderzoek naar uitgeknipte Beatles

Furore

Laurel & Hardy, Le Ballon Rouge en The Beatles: in ‘Furore’ komen alle obsessies van maker Piet Schreuders aan bod

Ooit moet er een moment komen waarop alles over The Beatles bekend zal zijn. Maar als het aan Piet Schreuders ligt, is het nog lang niet zover. Schreuders, die jarenlang in het oog liep als vormgever van de omslagen van de VPRO Gids en schepper van De Poezenkrant is tevens de maker en uitgever van het hoogst onregelmatig verschijnende tijdschrift Furore, dat een extreme vorm van hobbyisme combineert met buitengewoon zorgvuldig onderzoek. En het nieuwe nummer, dat zondag verschijnt, bevat weer sterke staaltjes.

Bijvoorbeeld over de hoes van de langspeelplaat Revolver (1966) van The Beatles: vier portretten, met een fijnzinnig pennetje getekend door de Duitse vormgever Klaus Voormann, in wier kapsels een groot aantal uitgeknipte en opgeplakte fotootjes van het viertal is verwerkt. Een groot aantal? Schreuders is preciezer in die dingen: het zijn er 27, die hij allemaal heeft geïdentificeerd. Zelfs van de ogen en de mond die in het getekende portret van George Harrison zijn geplakt, weten we nu uit welke foto ze werden geknipt. Dat is het ware speurwerk.

Zo wordt elders in dit blad ook een kruispunt in Los Angeles aan nader onderzoek onderworpen, evenals de locaties in de film Another Fine Mess van Laurel & Hardy en het Parijse heuveltje waar de film Le ballon rouge eindigt.

Deze nieuwe Furore is nummer 22 in een reeks die al in 1975 begon. De vorige aflevering verscheen in de zomer van 2012, waarna Schreuders dus ruim vier jaar bleef zwijgen. Pas nu meent hij weer genoeg te melden te hebben. Op het omslag staat te lezen dat de infrequentie wordt veroorzaakt „door de hoge eisen, aan den inhoud gesteld”. Men zou willen dat ook bij andere tijdschriften de lat zo hoog lag, dat er niets verschijnt zolang er niets te melden valt.