‘De foutjes in mijn werk vind ik juist mooi’

Kunstenaar Marijn van Kreij, winnaar van de ABN AMRO Kunstprijs, borduurt voort op klassiekers uit de kunstgeschiedenis. Zoals van „zwaargewicht” Picasso.

Detail uit Untitled (Picasso, Reclining Nude with a Man Playing the Guitar, 1970), 2016 Foto Hermitage

Eigenlijk begint alles bij het verlangen om los te komen van jezelf. Vergeet dat je als kunstenaar wordt geacht authentiek te zijn, oorspronkelijk, uniek. In het atelier van beeldend kunstenaar Marijn van Kreij (1978) - dit jaar onderscheiden met de ABN AMRO Kunstprijs - hangt boven de tekentafel een citaat van de Amerikaanse kunstenaar Richard Tuttle: ‘If I can free a humble material from itself, perhaps I can free myself from myself.’

Voor Van Kreij is de uitspraak een dagelijkse herinnering aan de dubbelzinnige positie waarin hij als kunstenaar verkeert: „Aan de ene kant is alles wat ik maak heel persoonlijk – mijn werk komt uit mijzelf voort.” Aan de andere kant wordt zijn werk duidelijk óók gedicteerd door de kunsthistorische traditie en lijkt het alsof de kunstenaar hierin volledig wil verdwijnen. De schilderingen, tekeningen, collages en een enkel beeld of video waarmee Van Kreij na zijn verblijf aan de Amsterdamse Rijksakademie in 2005 en 2006 furore maakt, kenmerken zich door de blik op de twintigste eeuw.

Reproductie stapelt zich op reproductie

In Van Kreij’s werk duiken iconische werken uit de moderne kunst op als referentie, geest, krachtbron én als vehikel om volstrekt nieuw werk mee te maken. Dit nieuwe werk herinnert alleen heel in de verte nog aan de voorbeelden van Picabia, Klee, de kunstenaars rondom het Bauhaus of het door Ad Reinhardt geciteerde beroemde Zwarte Vierkant van Malevitsj. Reproductie stapelt zich op reproductie. Elementen uit de strip- en popcultuur, tekstfragmenten, muziek dartelen lustig rond. Van Kreij voelt zich „absoluut niet” belemmerd door de grootheden van vroeger: „Ik vind het een rijkdom”, zegt hij. „Het is zoals Reinhardt schrijft: ‘Iedereen kan zijn eigen Zwarte Vierkant schilderen’.”

In De Hermitage in Amsterdam zijn op de tentoonstelling die Van Kreij ter ere van zijn prijs heeft ingericht, vooral adaptaties van het late werk van Picasso te zien. Dit „zwaargewicht” onderzoekt hij als „eeuwige twijfelaar” pas sinds kort. „Ik vond Picasso altijd zo’n typische machokunstenaar, hij maakte zoveel en leek niet na te denken over wat hij maakte, alles stond in het tentoonspreiden van zijn virtuositeit.”

De late werken van Picasso trokken zijn aandacht: „Die schilderijen zijn interessant, omdat ze soms ook zo lelijk zijn.”

Een aantal motieven die Picasso herhaaldelijk schilderde, zoals een man die gitaar speelt en zijn eigen atelier, is door Van Kreij veranderd in niet-verhalende grids. Een piepklein decoratief fragment of een uitzicht vanuit een raam in Picasso’s atelier, is tientallen keren vermenigvuldigd op grote, losjes geschilderde gouaches. Zo ontstaat een hallucinerend patroon van hokjes, gevuld met motieven die op het eerste gezicht hetzelfde lijken maar nooit hetzelfde zijn. Daarvoor is de hand van de schilder te persoonlijk, zijn stemming te wispelturig.

Imperfectie onderzoeken in Japan

Anders dan Picasso kiest Van Kreij bewust niet voor olieverf op doek. „Papier heeft niet de zwaarte van linnen. Met olieverf kun je eindeloos poetsen. Gouache dwingt mij door te werken, ik kan er niets aan verbeteren. Ik doop mijn penseel in de verf en de verf op papier: klaar. De verf lost op, streken lopen over in elkaar. Er ontstaan foutjes en verschillen: dat is mooi.”

Om de esthetiek van de imperfectie te onderzoeken is Van Kreij drie maanden naar Japan geweest. Hij is net terug. „Schoonheid zit daar ook in een soort verweerde ouderdom. Dat is een contrast met het Westen, waar veel draait om nieuw, vlekkeloos en volmaakt.” In Japan heeft hij zich in een klooster verder in het zenboeddhisme verdiept en lessen in kalligrafie gevolgd. Van Kreij neemt een potlood en tekent een karakter voor.

„Dit is ‘Ma’,” zegt hij. „De twee buitenste tekens van het karakter verbeelden twee deuren, en deze in het midden staat voor maan of zon. Dit karakter betekent: het maanlicht dat door de deur naar binnen schijnt. Maar ook: je kijkt door de deur het universum tegemoet. ‘Ma’ staat voor de ruimte tussen structurele elementen, de stilte tussen twee noten bijvoorbeeld, of de relaties tussen mensen. ‘Ma’ gaat dus over vorm en niet-vorm, over datgene wat tussen dingen onderling ontstaat. Het is ontroerend dat in Japan woorden bestaan waarvan niemand precies kan zeggen wat ze betekenen. Daar gaat mijn werk ook over.”

ABN AMRO Kunstprijs 2016: Marijn van Kreij – Reclining Nude with a Man Playing the Guitar. T/m 28 mei in de Hermitage, Amstel 51, Amsterdam. Catalogus € 20,00. Inl: hermitage.nl