Commentaar

Verontwaardiging Terlouw is oprecht en dat werkt

Logo_Com_WitRood

Een pleidooi voor geborgenheid – dat is de kern van de oproep die Jan Terlouw, oud-minister, auteur van gretig gelezen jeugdromans en vooral raspoliticus, deed op initiatief van de talkshow De Wereld Draait Door. Hét symbool van zijn speech is het inmiddels spreekwoordelijke touwtje uit de brievenbus. Dat staat voor een nabij verleden waarin de burgers elkaar nog zo vertrouwden dat ze, naar verluidt, hun huizen niet afsloten.

Met zijn kleine krachtige toespraak richtte Terlouw zich tot iedere Nederlander. Inhoudelijk had zijn verhaal alles in zich om een preek te worden. Het was van A tot Z een waarschuwing, een morele aansporing voor allen om op onze schreden terug te keren. Maar Terlouw sprak niet van de kansel. Hij keek via de lens de tv-kijkers in de ogen, en richtte zich tot hen alsof hij tussen hen in de huiskamer zat.

Zijn optreden sloeg aan. Het was direct het gesprek van de dag, in de kranten en op straat. In de sociale media werd het een ongekend hoog aantal malen gedeeld en bekeken. De voorspelbare hatelijke tweets, die er – Twitter is nu eenmaal Twitter – waren, gleden af.

Het vroeger waar Terlouw naar verwijst, was zo aangenaam niet. Iedereen die erbij was, weet wel beter, Terlouw zelf ook. Maar waar populisten de nostalgie naar een verloren paradijs inzetten om de rijen te sluiten tegen nieuwe ideeën en ‘onnederlandse’ elementen, gebruikt hij het ter bevordering van het besef dat hier en nu de toekomst van de jeugd wordt ingevuld. Het onderlinge vertrouwen dat hij propageert is weemoedig maar niet klef. En het dient een duidelijk doel: „Politici, wees integer, draag uit het publieke belang te dienen, het belang van de toekomst is het belang van de jeugd.” En die jeugd, suggereert hij, is niet geholpen met een maatschappij waarin doorgeschoten controledrang en voor de zekerheid dichtgemetselde procedures initiatief en mededogen dreigen te smoren.

Oude mannen, zei de bejaarde singer-songwriter Leonard Cohen (1934-2016) bij zijn laatste concert-tour, worden bij het klimmen van hun jaren eerst onzichtbaar. Daarna worden ze weerzinwekkend. En dan volgt de beloning: ze worden cute. Oud is leuk, nu. Het vertedert. Het optreden van Terlouw (85) ondersteunt die theorie. Hij is inmiddels cute – en dan kun je veel bereiken. Hij moest zich wat bevoogding laten aanleunen, zoals een talkshowpresentator die bij herhaling benadrukte dat hij zijn toespraak „uit het hoofd” zou doen. Maar hij had de aandacht, dus daar zat hij niet mee. Terlouw beseft welk effect hij heeft: als levende legende kan hij optreden als een aartsvader des Nederlands. Daar maakt hij gebruik van door tussen de regels een serieuze waarschuwing af te geven. De burger voelt zich ernstig veronachtzaamd door de politiek. Dat heeft in Terlouws visie als gevolg dat het Nederland wordt bedreigd, zoals hij en zijn generatie het hebben opgebouwd in reactie op de gruwel van Hitlers Derde Rijk en de daaruit voortgevloeide Tweede Wereldoorlog.

Terlouw bracht zijn boodschap indrukwekkend, met een brok in de keel tot slot. Dat was geen toneelspel, hier klonk oprechte verontwaardiging. En die komt aan. Zal de indruk die hij maakte van lange duur zijn? Het is te betwijfelen. Terlouw gedraagt zich, om het nostalgisch te houden, als Hans Brinker. Alleen steekt hij zijn vinger in de dijk in de hoop een zondvloed te stoppen.

Iedereen weet allang wat hij te zeggen had, maar hij nam de gelegenheid te baat om zichzelf af te vuren als een geheim wapen. Dat Jan Terlouw dat deed, verlicht de donkere dagen voor Kerstmis, enigszins.