Column

Soggenderwijs

Er zullen wel mensen zijn die momenteel eigenlijk een sinterklaasgedicht hadden moeten schrijven. Sterker, het had al af moeten zijn! Nu nog even de krant lezen, om je er uiteindelijk met een jantje-van-leiden vanaf te maken. Dit uitstelgedrag, daar is in het Engels een mooi woord voor, namelijk ‘procrastination’. Dat woord klinkt heel academisch en alsof alleen hoogleraren het gebruiken. Zeg maar het equivalent van idiosyncratisch of restitueren. Maar nee, procrastination is ook een woord van de gewone man. ‘To procrastinate’, kun je ook gewoon zeggen. Of ‘All I do is procrastinating. I hate myself.

Toen ik studeerde werd er wel eens gesproken van ‘soggen’, dat was een verwerkwoording van het acroniem ‘sog’, dat dan weer stond voor ‘studie-ontwijkend gedrag’. Het bedenken van het woord ‘soggen’ kan alleen maar tijdens voornoemd soggen ontstaan zijn.

Ook al hoor je je schuldig te voelen over alles wat je vanwege een algeheel gevoel van mañana, mañana hebt nagelaten – ik wil hier toch een lans breken voor het uitstellen van het sintgedicht tot het laatste moment. Want soms is het juist het tijdgebrek dat ervoor zorgt dat je met je sintgedicht helemaal los kunt gaan. Dat je halfrijm eindelijk accepteert als een mogelijkheid. Dat je logica niet meer noodzakelijk vindt.

Laat tijdgebrek echter geen reden zijn om de volgende rijmen te gebruiken: denken- schenken, Piet – had je vast nog niet, kopen – maak maar snel open. Die rijmen zijn echt te suf. In plaats daarvan heb je echter wel toestemming om ‘astma’ te laten rijmen op ‘vast maar’, mag stropdas gekoppeld worden aan ‘dat wordt wat’, en rijmt Sinterklaas op winterkaas. Winterkaas? Wat is dat nou weer? Precies, dat bedoel ik. Díe vrijheid van denken.

Paulien Cornelisse is cabaretier en schrijver.