Pensioenen

Solidariteit gaat van oud naar jong

Steven van Weyenberg (D66) maakt gehakt van het voorstel van de partij 50plus om een minimum rekenrente van 2 procent voor pensioenfondsen in te voeren (26/11). Een onverantwoorde bevoordeling van de gepensioneerden ten koste van de jongere, volgens Van Weyenberg. Maar hoe zit het nu echt in elkaar? In 2008, voor de Lehman-crisis, hadden de pensioenfondsen ongeveer 650 miljard euro in kas en was de gemiddelde dekkingsgraad 125 procent. Nu is de gemiddelde dekkingsgraad onder de 100. Waar is al dat geld? Niet in slechte beleggingen, de Dow Jones-index staat op het hoogste punt ooit. Het geld is niet weg, de pensioenfondsen hebben nu 1,3 miljard in kas. Het probleem is de lage rekenrente die de Nederlandse Bank voorschrijft. Die maakt pensioen duur. Maar de duurte is ongelijk verdeeld, Als de rekenrente 2 procent daalt, wordt het pensioen van een 65-jarige 22 procent duurder. Dat van een 25-jarige die naar verwachting nog 60 jaar te leven heeft, is 170 procent duurder geworden. Een groot deel van de pensioenreserve die door de ouderen bijeen is gespaard is gebruikt om de explosief gestegen pensioenkosten van de jongeren te financieren. Het premietekort van jongeren wordt aangevuld door verder in te teren op de reserves van het pensioenfonds. En dat gaat ten koste van de indexatie voor de gepensioneerden. De waarheid is dat de solidariteit in de pensioenwereld de afgelopen jaren vooral van oud naar jong is gegaan en niet andersom.


Pensioenfondsbestuurder