Om te winnen is elke truc toegestaan

Football Leaks Ze belichamen de glamour van het internationale voetbal. Maar grootheden als Ronaldo en coach Mourinho zijn óók meesters in het verbergen van hun geldstromen voor de belastingen. Geheime documenten tonen hoe.

Foto Javier Soriano/ AFP

Vergeet Messi. Sommige mensen denken nog steeds dat Lionel Messi de beste van de wereld is. Maar waarom eigenlijk? Omdat hij vijf keer Voetballer van het Jaar is geweest en Cristiano Ronaldo maar drie keer? Omdat Messi vier keer de Champions League won en Ronaldo maar drie keer? Omdat Messi vijftig keer scoorde in een enkel seizoen en Ronaldo 48 keer?

Allemaal waar, maar wie de waarheid over voetbal alleen op het veld zoekt, heeft geen idee. De waarheid is dat Lionel Messi onderuit is gehaald. Getackeld, om het in voetbaltermen te zeggen. Deze zomer legde een rechtbank in Barcelona hem een voorwaardelijke celstraf van 21 maanden op wegens belastingfraude. Ook moest hij twee miljoen euro boete betalen omdat zijn vader en hij voor 4,1 miljoen de belasting hadden ontdoken.

En Ronaldo? Of Cristiano Ronaldo dos Santos Aveiro, zoals hij op zijn Spaanse belastingaanslag genoemd wordt? Die streek in 2014 in stilte 63,5 miljoen euro op, zonder er een euro belasting over te betalen. Misschien komt hij er zelfs mee weg. Misschien is het wel legaal.

Dus wie is er beter in voetbal? Ronaldo. Zo lang er tenminste niet alsnog een Spaanse belastinginspecteur opstaat die zegt dat het niet moet mogen: een brievenbusfirma opzetten zoals die van Ronaldo op de Maagdeneilanden. De 63,5 miljoen euro die daar waren gestald ontbreken op zijn belastingaangifte, evenals de Zwitserse bankrekening die hiervoor gebruikt werd.

Ronaldo geen uitzondering

Ronaldo is bepaald geen uitzondering als het gaat om belastingontwijking. De voetballers die de sluipwegen om minder belasting te betalen nog niet hebben gevonden, zijn de losers van het wereldje. Wat Ronaldo met een bal kan, is vaak alleen te volgen door de beelden in slow motion terug te kijken. Maar hij belichaamt de glans én de hebzucht van het hedendaagse voetbal. Het maakt niet uit hoe je het doet, zolang de fiscus maar niets doorheeft.

Daar komt nu verandering in. Het klokkenluidersplatform Football Leaks heeft het Duitse weekblad Der Spiegeleen aantal harde schijven met 1,9 terabyte (1,9 miljoen megabyte) aan informatie gegeven. Het is de grootse verzameling gelekte data in de geschiedenis van het voetbal. Omdat het om zoveel informatie gaat, en omdat er zoveel landen in voorkomen, heeft Der Spiegel besloten die informatie te delen met zijn partners in het netwerk European Investigative Collaborations (EIC), waarin voor dit project zestig onderzoeksjournalisten van twaalf Europese media-organisaties, waaronder NRC, samenwerken.

Veel van deze informatie is ook nieuw voor de Spaanse belastingdienst. De documenten op de harde schijven onthullen hoe Ronaldo miljoenen euro’s naar een brievenbusfirma in de Caraïben doorsluisde om belasting te ontwijken. Daarbovenop nam hij miljoenen aan marketing-inkomsten op in zijn belastingaangifte over 2014, terwijl hij die pas in de periode 2015-2020 zou verdienen. Op deze manier kon hij nog net gebruik maken van een zeer gunstig belastingtarief in Spanje, dat op het punt stond te worden afgeschaft.

Mourinho’s wegsluisconstructie

De documenten onthullen verder hoe een andere Europese voetbalgrootheid een meester blijkt te zijn in het verstoppen van geld: José Mourinho, de Portugese coach die FC Porto, Chelsea, Inter Milan en Real Madrid grote overwinningen bracht. Hij noemt zichzelf ‘De Bijzondere’, en is inderdaad een van de meest excentrieke mannen in de dug-out.

Mourinho’s geld staat geparkeerd op een Zwitserse bankrekening, die eigendom is van een brievenbusfirma op de Maagdeneilanden, die is verpakt in een fonds in Nieuw Zeeland. De Football Leaks-documenten laten zien dat hij in Spanje miljoenen aan naheffing en boete moet betalen.

Andere voetballers die hun geld in exotische oorden hebben ondergebracht zijn drie spelers die deze zomer Europees kampioen zijn geworden met Portugal: Pepe, Fabio Coentrão en Ricardo Carvalho. Ook de Colombiaan James Rodríguez, topscorer bij het afgelopen WK in Brazilië, doet mee. Alle vier spelen of speelden ze voor Real Madrid.

Vorige week werd bekend dat Real zelf ook onderdeel is van een belastingonderzoek. Met vier andere Spaanse clubs zou Real voor in totaal 52 miljoen euro de belasting hebben ontdoken bij betalingen aan spelersmakelaars.

Megalomanie

Profvoetbal is de grootste show business ter wereld, en wordt alleen maar groter. De transfersommen groeien, net als de salarissen en advertentie-omzetten. Ronaldo verdient 38 miljoen euro per jaar bij Real. Het bedrag dat Real als ondergrens gesteld heeft om hem weg te kopen, is 1 miljard euro.

Zulke bedragen brengen megalomanie teweeg. Om zo min mogelijk belasting te betalen verkennen voetballers en hun adviseurs alle hoeken van het belastingrecht. Wie niet meedoet aan dit spel – bijvoorbeeld omdat hij een zekere verantwoordelijkheid naar de samenleving voelt – wordt gezien als te zwak om succesvol te zijn.

Illustratief is een e-mail van de Noor Hans Erik Odegaard, geschreven in december vorig jaar, toen Real Madrid zijn zestienjarige zoon Martin contracteerde. Martin was een van de grootste talenten van Europa. Spaanse advocaten wilden zijn beeldrechten onderbrengen in een speciaal op te richten vennootschap; een standaardmethode voor mensen als Ronaldo en Mourinho om hun belastingen te drukken.

Vader Odegaard dacht er anders over. „Hij zal hoe dan ook veel geld verdienen”, schreef hij over zijn zoon, „dus is het een morele vraag hoe hard hij moet proberen zijn belasting omlaag te krijgen, terwijl andere mensen veel moeite hebben om hun rekeningen te betalen.” Het is hard zoeken naar een mail als deze in de miljoenen Football Leaks-documenten.

De vele sponsors van Ronaldo

Ronaldo verdient veel meer dan alleen zijn salaris bij Real Madrid. In de afgelopen jaren is hij het gezicht geweest in reclamecampagnes van onder andere Toyota, Armani, horlogemaker TAG Heuer en Unilever-shampoomerk Clear. De Amerikaanse levensmiddelengigant Herbalife betaalt hem, afgaande op de contracten, in vijf jaar tijd meer dan 16 miljoen dollar. Luchtvaartmaatschappij Emirates betaalt hem 1,1 miljoen plus vijftien eersteklas tickets.

Nike, zijn belangrijkste sponsor, met Hilversum als Europees hoofdkwartier, brengt elk jaar een nieuwe voetbalschoenenlijn op de markt met het logo CR7; de ‘7’ staat voor Ronaldo’s rugnummer. Van elk paar verkochte CR7-schoenen draagt Nike 5 procent aan hem af. Tussen september 2010 en augustus 2011 was dit bijna 2,6 miljoen euro.

Dat is slechts één onderdeel van de overeenkomst. Verder betaalt Nike hem een basissalaris van 1,6 miljoen euro per jaar, plus bonussen als hij een extra goed seizoen heeft. Als hij bijvoorbeeld topscorer van de Spaanse competitie wordt, krijgt hij 250.000 euro extra.

Daartegenover stelt de sponsor strikte eisen. Als Ronaldo geblesseerd is en meer dan negentig dagen niet speelt, mag Nike zijn basissalaris halveren. Dat mag ook als hij minder dan dertig wedstrijden per seizoen voor zijn club speelt. En toen hij in 2014 ondanks een blessure toch naar het WK vertrok, was dat natuurlijk omdat hij altijd wil spelen en altijd wil winnen, maar thuisblijven zou hem ook de helft van zijn winstdeling met Nike gekost hebben.

Doolhofconstructies

Het is moeilijk om belasting te ontwijken over het salaris dat een club aan een speler betaalt. De regels op dat vlak en de geldstromen zijn behoorlijk overzichtelijk. Met beeldrechten zit het anders. Europese fiscalisten zijn tegenwoordig meesters in het opzetten van doolhofconstructies voor beeldrechten, waarin belastinginspecteurs moeilijk de weg kunnen vinden.

Topspelers dragen meestal meer dan 50 procent van hun salaris af aan de belasting. Over inkomsten uit beeldrechten hoeft daarentegen minder dan de helft betaald te worden. Als de speler tenminste de juiste structuur optuigt. Volgens die structuur dragen spelers hun beeldrechten over aan een bedrijf dat die rechten namens hen beheert. Als zo’n speler dan een mueslireep omhoog houdt voor een camera, gaat het geld dat hij daarmee verdient naar dat bedrijf. Dat draagt dan vennootschapsbelasting af, een veel lager tarief dan de inkomstenbelasting. In Ierland is het bijvoorbeeld maar 12,5 procent.

De animatie hieronder legt uit hoe Ronaldo zijn miljoenen wegsluist. De tekst gaat verder onder de video.

Ook de clubs betalen voor de beeldrechten van hun spelers. Real Madrid koopt bijvoorbeeld vaak een deel van de rechten. In geval van Ronaldo is het 40 procent. In ruil betaalt de club de spelers een vaste vergoeding die ook volgens het lage vennootschapstarief belast wordt. Zo gaat het in alle grote Europese divisies.

Belastingdiensten lopen hierdoor miljoenen mis, en onderzoeken of spelers op deze manier belasting ontduiken. Het is een grijs gebied. De fiscus moet bekijken of de beeldrechten die een club van zijn sterspeler koopt het geld dat de club ervoor betaalt waard zijn.

Rol Jorge Mendes

De voordelen van beeldrechten-bv’s zijn dus enorm, maar het risico om in aanvaring met de fiscus te komen is ook groot. Iemand die daar alles van weet is Jorge Mendes. Behalve Ronaldo en coach Mourinho vertegenwoordigt de Portugees onder anderen de keeper van het Spaanse nationale elftal, David de Gea, en de eerdergenoemde James Rodríguez. Verder heeft hij het halve nationale elftal van Portugal in zijn stal, onder wie Pepe, André Gomes en Ricardo Carvalho.

Het is niet moeilijk te begrijpen waarom spelers met Mendes weglopen. Hij slaagt er beter dan wie ook in om hen bij de grote clubs te krijgen en enorme contracten voor ze te sluiten. Hij is betrokken bij talloze transfers vanuit de Portugese topclubs Benfica, Sporting Lissabon en FC Porto naar het echt grote geld in Engeland en Spanje.

Daarnaast lijkt hij ook de meest gewaagde belastingconstructies te bedenken. Coach Mourinho was een van de eerste klanten voor wie hij dit deed. Mendes hanteerde hierin dezelfde principes als Mourinho in het voetbal: verliezen bestaat niet, en elke truc die nodig is om te winnen is toegestaan.

Apotheek

In 2004 vertrok Mourinho van FC Porto naar Chelsea, dat hem naast zijn miljoenensalaris ook 1,5 miljoen pond voor zijn beeldrechten betaalde. Dit werd overgemaakt naar Koper Services, een brievenbusfirma die gevestigd is op de Britse Maagdeneilanden, in een kantoortje boven een apotheek op het eiland Tortola. Het kantoor wordt gehuurd door een advocatenkantoor dat duizenden van deze brievenbussen beheert.

Mourinho droeg zijn beeldrechten over aan Koper, dat ze sindsdien exploiteert. Adverteerders, zoals Adidas in het geval van Mourinho, willen niet in verband gebracht worden met belastingparadijzen als de Maagdeneilanden. Daarom werden twee andere bedrijven in de constructie geschoven: Multi-Sports and Image Rights (MIM) en Polaris Sports, beide gevestigd in Dublin. Die sloten de deals met de adverteerders en stuurden de opbrengsten door naar Koper.

Foto AFP via Stringer

José Mourinho. Foto AFP via Stringer

De aandelen van Koper zijn eigendom van een fonds in Nieuw Zeeland, Kaitaia genaamd. De begunstigden: Mourinho’s vrouw en kinderen. Het geld van Koper, zo’n 12 miljoen euro eind 2013, staat ondertussen veilig op een Zwitserse bankrekening. Officieel is het niet eens van Mourinho, maar van zijn familie, toevertrouwd aan een bankrekening van Koper.

Tussen 2010 en 2013 werkte Mourinho voor Real Madrid, waarna hij terugkeerde bij Chelsea. De inkomsten uit zijn beeldrechten in die tijd heeft hij nooit opgegeven aan de belasting. Toen de Spaanse fiscus in 2014 een onderzoek begon, leidde dit dan ook tot grote nervositeit bij makelaar Jorge Mendes, en bij Julio Senn, partner bij accountantskantoor Senn Ferrero. Senn, die jarenlang directeur was van Real Madrid, is vermoedelijk de best ingevoerde belastingadviseur in het Spaanse voetbal. Mendes is een belangrijke klant van hem.

In juni 2015 rondde de belastingdienst het onderzoek af. Conclusie: Mourinho moest 5,8 miljoen aan naheffing en boete betalen, maar er kwam geen strafzaak voor belastingontduiking. Hoe groot de opluchting ook was dat Mourinho niet terecht hoefde te staan, zoals Messi moest, voor Senn was het niet goed genoeg. Hij ging in beroep tegen een deel van het oordeel. Volgens hem hadden de inspecteurs enkele dagen langer over het onderzoek gedaan dan wettelijk is toegestaan. Verliezen behoort nu eenmaal niet tot de opties. Het beroep loopt nog.

Brievenbusfirma’s

De lijst van voetballers die hun geld wegzetten in een beeldrecht-bv in de Caraïben is lang. Maar geen van hun brievenbusfirma’s is zo goedgevuld geweest als Tollin Associates, het bedrijf van Cristiano Ronaldo. Begin 2015 werd het plotseling opgeheven, maar dat maakt het niet minder interessant voor de Spaanse fiscus.

In de zomer van 2009 betaalde Real Madrid een recordbedrag van 94 miljoen euro aan Manchester United voor de transfer van de toen 24-jarige Ronaldo. Een half jaar eerder had hij al een contract getekend met Tollin, dat hem bijna evenveel zou opleveren als zijn spelerscontract bij Real. Het verschil was dat dit geld grotendeels verstopt zou blijven voor de Spaanse belastingdienst.

Deel van Ronaldo’s contract met Tollin:

Ronaldo verkocht zijn beeldrechten aan deze brievenbusfirma. In ruil zou Ronaldo alle inkomsten krijgen die Tollin de komende zes jaar zou krijgen uit de exploitatie van die rechten.

Net als bij Mourinho werden de Ierse marketingbedrijven MIM en Polaris verantwoordelijk voor het regelen van wereldwijde sponsor- en reclamecontracten. Bij hen kwam het geld binnen, waardoor niemand in de buitenwereld van het bestaan van Tollin hoefde te weten. En niemand rechtstreeks zaken hoefde te doen met een brievenbusfirma in een belastingparadijs.

Vanuit MIM en Polaris ging er in de jaren 2009-’14 ruim 70 miljoen euro naar Tollin. Jarenlang had de Spaanse belastingdienst geen idee van deze schatkamer. Pas in zijn belastingaangifte over 2014 nam Ronaldo een deel van het geld dat in Tollin zat op. Het ging om 11,5 miljoen euro.

Tekst gaat verder onder de graphic

NRC

NRC

Heeft Ronaldo met de overige bijna 60 miljoen de belasting ontdoken? Hij heeft in elk geval geprofiteerd van de zogeheten Lex Beckham, een wet die topwetenschappers en belangrijke zakenmensen naar Spanje lokte met een laag belastingtarief. David Beckham was een van de eersten die er in 2004 gebruik van maakte, toen hij in Madrid speelde. In de praktijk hielp die wet de Spaanse topclubs enorm in hun strijd om de beste spelers van de wereld.

Statushouders

De regeling was alleen bestemd voor buitenlanders die de afgelopen tien jaar niet in Spanje hadden gewoond. Deze ‘statushouders’ hoefden maar 25 procent belasting te betalen, en, het mooiste van alles: alleen over het geld dat ze in Spanje verdienden.

In 2010 trok de nieuwe socialistische regering de wet in, met een overgangsperiode tot 1 januari 2015. Dat betekent dat Mourinho een half jaar te laat in Spanje aankwam om er zijn voordeel mee te doen. Lionel Messi greep ook mis, omdat hij sinds 2005 naast de Argentijnse ook de Spaanse nationaliteit heeft. Ronaldo daarentegen haalde uit de overgangsperiode alles wat hij kon.

Vanaf 2015 zou hij het volle pond moeten afdragen, ook over de inkomsten uit het buitenland. Maar daar verzonnen zijn adviseurs iets op. Eind december 2014, vlak voordat de wet ongeldig zou worden, verkocht Ronaldo zijn beeldrechten over de jaren 2015 tot en met 2020 aan twee nieuwe bedrijfjes boven de apotheek op de Maagdeneilanden. Samen betaalden deze bedrijfjes, Arnel en Adifore, 75 miljoen euro aan Ronaldo.

Arnel kocht voor 11,2 miljoen de rechten voor Spanje, Adifore betaalde 63,5 miljoen voor de rechten in de rest van de wereld. Ze betaalden nog voor het eind van het jaar, zodat Ronaldo op de valreep gebruik kon maken van het belastingvoordeel voor buitenlanders. Door deze constructie bespaarde Ronaldo ongeveer 35 miljoen euro op zijn belasting.

Vermoedelijk heeft de Singaporese zakenman Peter Lim, die nauwe banden met Ronaldo’s zaakwaarnemer Mendes heeft, de 75 miljoen voorgeschoten om dit mogelijk te maken.

Geen woord over zijn Portugese huizen

De belastingaangifte die accountant Julio Senn voor Ronaldo opstelde over 2014 bevatte zijn salaris bij Real, zijn huis in Madrid, enkele bankrekeningen en zijn auto’s, waaronder een McLaren MP4, een Lamborghini Aventador en een Ferrari 599. Zijn buitenlandse bezittingen werden weggelaten. Geen woord dus over zijn vijftien huizen in Portugal of zijn Portugese, Luxemburgse of Zwitserse bankrekeningen.

Deel van Ronaldo’s Spaanse belastingaangifte over 2014:

Wel vermeldde Ronaldo de 11,2 miljoen die hij van Arnel had gekregen voor de Spaanse rechten. Ook nam hij de eerdergenoemde 11,5 miljoen uit Tollin op, het deel van zijn oude Spaanse beeldrechteninkomsten waarover hij bereid was belasting te betalen.

Hij deed dit zonder toelichting. De juristen van Senn Ferrero waren bloednerveus over de aangifte, blijkt uit interne e-mails. „Het belangrijkste is dat er niets in de belastingaangifte staat over Ronaldo’s verdiensten in Spanje tussen 2009 en 2014, uit de transfer van zijn beeldrechten naar Tollin”, schreef een van hen.

Eind 2015 begon de belastingdienst een onderzoek naar de jaren 2011 tot en met 2013. Senn Ferrero moest inzage in allerlei documenten geven. Het kantoor wist heel goed dat Tollin het zwakke punt in de constructie was.

Osorio de Castro, de fiscalist van Jorge Mendes die al deze constructies voor diens voetballers in elkaar zette, begreep dat ook. De juristen van Senn vroegen hem van wie Tollin eigenlijk was. Castro antwoordde : „De informatie over Tollin, dat ene stukje, het gevoelige stukje, daar moeten we over praten.” Enkele dagen later schreef hij aan Senns kantoor: „Zeg niets over de begunstigde van Tollin of de beheerder zonder eerst met mij te spreken.”

Ronaldo had geluk. Uiteindelijk besloot de belastingdienst dat ze hem niet als eigenaar van Tollin zouden beschouwen. De juristen van Senn Ferrero schreven:

“We hebben het gered. Goddank.”

Opluchting voorbarig

Hun opluchting kan voorbarig blijken. Tot op heden zijn alleen Ronaldo’s belastingaangiftes tot en met 2013 onderzocht. Als de inspecteurs ook 2014 bekijken, komen ze de rol van Tollin tegen, en de verkoop van de beeldrechten aan Arnel en Adifore.

Rafael Villena, een Duits-Spaanse jurist en deskundige in dergelijke constructies, zegt: „Ronaldo had al het geld dat bij Tollin binnenkwam vanaf 2009 jaar voor jaar moeten betalen, en niet alleen in 2014.”

Over Ronaldo’s huidige constructie zegt hij:

“Hij had dit niet in 2014 moeten mogen opgeven. Ik kan me niet voorstellen dat er een belastingdienst is die zoiets toestaat.”

Een andere Duitse jurist, de in sport gespecialiseerde Peter Duvinage, zegt: „Bij constructies met een belastingparadijs als de Maagdeneilanden moeten bij alle belastinginspecteurs de alarmbellen rinkelen.”