Ja én nee veranderen Italië

Referendum Italië

Omvallende banken? De EU in gevaar? Allemaal bangmakerij, zeggen kiezers over het referendum in Italië zondag.

Vraag vijf mensen in Rome waar het referendum over gaat en je krijgt vijf verschillende antwoorden. Foto Tony Gentile/ Reuters

Lisa Cappelli is in verwarring. „In het referendum zondag kunnen we gaan stemmen, maar waarover precies? Ze willen de grondwet wijzigen, zeker. Maar wat betekent dat? Als je een andere politiek wilt, moet je dan vóór stemmen? Net als al mijn vrienden wil ik dat Italië verandert. En dan zouden we, zoals de regering zegt, in hetzelfde kamp zitten als de mensen die niets willen veranderen als we nee stemmen?”

Cappelli, een dertiger die Pilatestraining geeft op sportscholen, zit in het zonnetje op de trappen van het postkantoor op piazza Bologna. Op de hoek delen mensen folders uit met de oproep nee te stemmen. Een voorbijganger roept geïrriteerd en nadrukkelijk: „Siii”.

Vraag vijf mensen in Rome waarover het referendum van zondag gaat, en je krijgt zeker vijf verschillende antwoorden. Over premier Renzi. De modernisering van het land. Het primaat van de grondwet. Jeugdwerkloosheid. Het gevaar van een Trump op z’n Italiaans.

Op straat in Rome hoor je het nauwelijks, maar in Brussel en op de beurzen zegt men ook nog dat het referendum gaat over het perspectief voor populisten in Europa. Over de spread, het verschil in de rente op staatsleningen die Italië en Duitsland betalen. En over de vraag of wankele Italiaanse banken overeind blijven of andere landen in de Eurozone meeslepen in een nieuwe crisis.

„Dat is allemaal bangmakerij, propaganda”, zegt Chiara Fiaschi, een studente filosofie, vlak voordat ze bij haar vriend achterop de scooter stapt. „Italië zal het heus wel overleven als Renzi wordt weggestemd.”

Het is een echo van de signalen uit het Quirinaal, het presidentiële paleis. De angst voor politieke instabiliteit in Brussel en in financiële kringen is ongegrond, bezweert president Matarella. Renzi mag dan wel hebben gezegd dat hij zal aftreden als het nee wint, dat maakt dit staatsrechtelijk nog niet tot een politiek referendum. Renzi’s Democratische Partij blijft een meerderheid houden in de Kamer van Afgevaardigden, dus het moet mogelijk zijn zo nodig een nieuw kabinet te vormen.

Toch schermt Renzi voorzichtig met de mogelijke gevolgen voor een aantal banken, in de hoop dat dit de vele weifelende kiezers overhaalt om toch maar ja te zeggen. Hij suggereert dat er een zakenkabinet kan komen als hij valt. In vertaling betekent dat: meer belastingen.

Renzi, die de afgelopen weken veel cadeautjes heeft uitgedeeld, hoopt ook op steun uit het buitenland. Daar zitten vier miljoen stemgerechtigden met een Italiaans paspoort. Die houden, hoopt hij, meer dan gemiddeld het grotere plaatje in de gaten, de plaats van Italië in Europa. Tot donderdagmiddag vier uur konden ze stemmen. Met veertig procent is de opkomst voor deze categorie hoog.

Lisa Cappelli en Chiara Fiaschi kijken liever naar de binnenlandse politiek. „De grondwet is een enorme verworvenheid, ik vertrouw die zelfingenomen Renzi daar simpelweg niet mee”, zegt Cappelli. En Fiaschi: „We moeten toe naar een hele nieuwe politieke klasse.” Zij is een van de vele jongeren die, hoewel Renzi een jonge premier aan het hoofd van een jong kabinet is met ongewoon veel vrouwelijke ministers, zich van hem afkeren. Marketingexpert Emanuele Vedere, 28, aarzelt geen moment op de vraag naar het waarom van deze paradox: „De Jobs Act, de nieuwe arbeidswet. Die heeft ertoe geleid dat jongeren alleen nog maar tijdelijke contracten kunnen krijgen. We hebben geen enkele bescherming meer, geen perspectief, geen garanties.”

De voorgestelde grondwetswijzigingen zijn bedoeld om de vaak stroperige Italiaanse politiek efficiënter te maken. „De grondwet moderniseren verhoogt de concurrentiekracht van het land”, zei koffie-ondernemer Riccardo Illy donderdag tegen La Repubblica. „Met het nee verandert niets. De bedrijven redden het niet, we verliezen arbeidsplaatsen, het populisme en de roep om autoritaire leiders nemen toe.” Bijna vertwijfeld over de richting die het debat heeft genomen zei Renzi ’s avonds in een tv-interview: „Ik ben minder belangrijk dan de grondwetshervorming. Italië is een land vol obstakels.” Een aantal daarvan wegnemen, dat is zijn doel.

Mario Mezzanotte, een gepensioneerde socialistische vakbondsleider, somt staccato op wat in zijn ogen de effecten zijn. Minder macht voor de Senaat betekent snellere besluitvorming en meer daadkracht. Meer macht voor de nationale overheid betekent minder bureaucratie voor investeerders die in verschillende regio’s willen werken. Minder en andere senatoren betekent dat de kosten van de politiek omlaag gaan.

Edward Lynch, een Italo-Amerikaanse universitair docent Engels die namens een linkse groep pamfletten voor een nee staat uit te delen, ziet dat anders. „De grondwetswijziging in deze vorm zou meer ruimte bieden voor een sterke man, voor een Italiaanse Trump. Dat willen we niet.”

Beppe Grillo, de regisseur/eigenaar van de Vijfsterrenbeweging, hoopt de grote winnaar te worden van dit referendum; hij heeft in ieder geval al het vertrouwen van Cappelli en Fiaschi. Grillo wijst iedere samenwerking met de ‘oude garde’ af en is daarom ook tegen. Hij noemt de ministers die de grondwetswijziging verdedigen „seriemoordenaars”. Zijn aanhangers riep hij op: „Stem niet met je hoofd. Kies voor je buik.” Ik begrijp dat wel, was het indirecte antwoord van Renzi: „Grillo is bang dat ze met hun hoofd stemmen. Want dan stemmen ze ja.”