‘Ik ben geen traditionele fadista’

Wereldmuziek De Portugese zangeres Dulce Pontes stond aan de wieg van de revival van Portugese volksmuziek. Deze week is ze op tournee in Nederland.

De Portugese zangeres Dulce Pontes Foto Sony

De avonden waarop ze als klein meisje naar de haven ging waren de mooiste. Dulce Pontes (47) herinnert zich de fado’s die werden gezongen aan de lange tafels buiten, wanneer de pannen Portugese vissoep waren leeg geschraapt. De zangeres heeft een sterke hang naar het oude Portugal, ze was een van de eersten die de traditionele liedjes moderniseerde. „Fado zit diep in onze familie, maar ik ben geen fadista.”

Ze spreekt opgewekt door de telefoon vanuit de tot studio omgebouwde wijnkelder onder haar huis in Noord-Portugal. „Het is me nog nooit gebeurd dat ik tevreden ben over een nieuw album, maar nu wel.” Pontes nam het album op in de kelder. „In de donkere stilte, tussen hout en stenen.” Peregrinaçao (Bedevaart) is een dubbel-cd: één schijf met Portugese nummers, één in het Spaans, Galicisch en Engels. Ze begint haar Europese tour deze week met vijf concerten in Nederland.

„Mijn studio geeft me rust, net als deze regio, een uithoek van Portugal. In Trás-os-Montes leven mensen gezonder, met de natuur, op traditionele wijze. Als ik buiten kom staan er bergen aan de horizon en zijn er vooral veel koeien. Ik heb die ruimte nodig.” Volksliedjes hebben altijd een belangrijke plek ingenomen in haar oeuvre, ook op de nieuwe plaat, en niet alleen de Portugese folklore. Er staat ook muziek op uit de Spaanse regio Asturias, Andalusische flamenco en Argentijnse tango.

Achtste op het Songfestival

Met haar interpretaties van het erfgoed heeft ze een mondiaal publiek bereikt. Het begon allemaal bij het Eurovisie Songfestival van 1991, waar ze de achtste plek behaalde met het nummer Lusitana Paixão. Liever vermijdt ze het onderwerp. „Ik zing dat liedje niet meer, het is een soort popsong zonder uitdaging. Ik wist toen niet wat ik wilde. Maar het was de eerste keer dat ik met een orkest samenspeelde, en dat was een mooie ervaring. Vanaf toen ben ik verliefd geworden op het orkestrale geluid.”

Haar eigen stem vond ze toen ze de fado’s en de verdwijnende volkscultuur van haar land als uitgangspunt nam. „Ik ben geen purist. In 1993 heb ik fado’s opgenomen met drums en elektrische gitaar. Dat werd in de traditionele fadowereld door lang niet iedereen geaccepteerd.”

Maar voor een jongere generatie was het een nieuwe kennismaking met het genre. Dat reikte tot buiten de landsgrenzen. „Portugal was begin jaren negentig nog heel gesloten. Internationaal gezien had je de groep Madredeus en ik. Dat was het.” Haar optredens en albums leidden tot prijzen en loftuitingen in Europa, Noord- en Zuid-Amerika en onder meer een intensieve samenwerking met soundtrackcomponist Ennio Morricone.

Ze werd al snel de nieuwe Amalia Rodrigues genoemd, haar grote voorbeeld, volgens velen de grootste fadista. „Dat vond ik een lastig compliment, die last wilde ik niet dragen.” Bovendien vond en vindt ze zichzelf helemaal geen fadozangeres, ook al wordt ze overal ter wereld nog steeds zo genoemd. „Ik heb in mijn leven nog nooit een album met uitstuitend fado’s opgenomen. Het is een trend om alles waar een Portugese gitaar in zit fado te noemen.”

Geen echte fado

In haar voetsporen volgden veel zangeressen die ook onder de fado-vlag aan een internationale carrière begonnen, zodat er sinds enkele jaren sprake is van een new wave in de fado. Wat vindt ze daarvan? „Ik woon hier een beetje op Mars, ik luister vooral naar de stilte en soms naar klassiek of jazz. Maar wat ik er van meekrijg is dat veel Portugese popmuziek met melisma’s (een over meerdere noten gezongen lettergreep -red.) als fado wordt verkocht. Dat is het natuurlijk niet.”

Die ‘nieuwe fado’, is volgens haar vooral een modeverschijnsel buiten Portugal. Binnen de landsgrenzen is ze blij met de toegenomen aandacht voor traditionele muziek. „Er is een revival onder jongeren gaande. De volksliedjes bestaan in een orale traditie en ze worden nu weer doorgegeven aan een nieuwe generatie. Als dat niet gebeurt, verdwijnen ze. Er zijn ook veel jongeren die nu weer oude traditionele instrumenten leren bespelen.”

Als ze oude vrouwen en mannen in haar woonplaats zingend door het berglandschap ziet wandelen, kan ze zich verliezen in droombeelden van oude muziek. „Ik beeld me vaak in dat vroeger, voordat er taal was, iedereen communiceerde via muziek. In oude Portugese liedjes hoor je Afrikaanse, Braziliaanse en Keltische invloeden. Het is allemaal verwant.”

De titel van haar nieuwe album die zich laat vertalen als ‘bedevaart’ of ‘pilgrimage’, heeft ook alles te maken met die holistische kijk op muziek en de wereld. „Ik ben sinds 2011 aan het toeren geweest, maar voor mij was het ook een spirituele reis. Ik heb veel bijzondere mensen ontmoet: dichters, zangers, muzikanten. Dit album is daar een weerslag van. Muziek is voor mij een zoektocht naar het goddelijke.”

Tour Dulce Pontes in december: 6 (Parkstadlimburg, Heerlen), 7 (Oosterpoort, Groningen), 8 (Doelen, R’dam), 10 (Muziekgebouw, Eindhoven), 11, Tivoli/Vredenburg (Utrecht)
    • Leendert van der Valk