Hollande wil geen tweede termijn om Le Pen te kunnen stoppen

Franse presidentsverkiezingen 2017

Hollande gaat de strijd in zijn verdeelde partij niet aan. Hij is de eerste president sinds 1958 die niet voor een tweede termijn gaat.

Foto Reuters

Het besluit van François Hollande om zich niet te kandideren voor een tweede termijn als president van Frankrijk is „de keus van een staatsman”. Dat zei zijn premier Manuel Valls, die zich nu zelf warmloopt om het bij de verkiezingen volgend jaar op te nemen tegen de conservatief François Fillon en Marine Le Pen van het nationaal-populistische Front National. „Het gaat niet om een persoon, maar om de toekomst van een land”, had Hollande toen net in een korte televisietoespraak gezegd. De „risico’s” van een kandidatuur die „niet voldoende verenigt” vindt hij te groot.

Het trauma van de Franse socialisten heet 21 april 2002. Die dag haalde niet Lionel Jospin, maar Jean-Marie Le Pen met Jacques Chirac de tweede ronde van de presidentsverkiezingen. Dat dit scenario zich in 2017 met de dochter van Le Pen kan herhalen, betwijfelt niemand meer. Maar sinds de Amerikaanse verkiezingen weet links Frankrijk dat 2002 klein bier was. Als een zwakke linkse kandidaat de tweede ronde niet haalt en Marine Le Pen tegenover de conservatieve Fillon staat, is niet gegarandeerd dat het linkse electoraat onder het mom van een ‘republikeins front’ haar verkiezing verhindert. Dat zou de EU in nog zwaarder weer brengen.

„Als socialist”, zei Hollande donderdagavond, „kan ik niet accepteren dat links uit elkaar valt.” Maar dat is wel wat tijdens zijn presidentschap is gebeurd. Als eerste secretaris van de Parti Socialiste slaagde Hollande er jarenlang in alle smaken links aan boord te houden. Maar hoezeer hij het ook probeerde, als president kon hij niet iedereen te vriend houden.

Nadat hij in een poging de structureel hoge werkloosheid aan te pakken een meer sociaal-liberale hervormingskoers ging varen, liet de linkerpartijvleugel hem hard vallen. Lastenverlichting die het Franse bedrijfsleven concurrerender moest maken zagen zijn tegenstanders als „cadeautjes voor de rijken”. Bescheiden maar in EU-verband onvermijdelijke hervormingen van de arbeidsmarkt kon Valls alleen per decreet door het parlement loodsen. Een meerderheid had de regering al lang niet meer.

Wat lost dit op voor links?

Het besluit van Hollande is uniek en in de Franse context niet mis te verstaan. Niet eerder in de in 1958 begonnen Vijfde Republiek zag een president af van een herverkiezingscampagne. Het erkennen van persoonlijk falen, al was het impliciet, is bovendien geen kwaliteit die in Frankrijk hoog aangeschreven staat.

Maar al maanden was Hollandes waardering dramatisch. Nog maar 4 procent van de Fransen zei in oktober tevreden met hem te zijn. Wilde hij kandidaat worden, dan moest hij in januari meedoen aan open voorverkiezingen: een unicum voor een zittende president. Zes anderen hadden zich al aangemeld, terwijl zijn oogappel Emmanuel Macron, ex-minister van Economie, buiten de partij om een kandidatuur begonnen was en uiterst links zich achter de eigen kandidaat Jean-Luc Mélenchon schaarde.

De vraag blijft alleen of het besluit van Hollande om zich niet te kandideren iets oplost. De voor velen te autoritaire Valls is er de laatste maanden evenmin in geslaagd links bij elkaar te brengen. Net als Hollande is hij binnen de PS een representant van de minderheidsstroming van pragmatisch, regerend links die volgens hem „onverzoenbaar” is met de getuigenispolitiek van de meer radicale vleugel. Links „kan sterven”, heeft Valls wel eens gezegd. Hij vreest een implosie van de partij en het verdwijnen van de sociaal-democratie uit het centrum van de Europese macht.

Maar wat is zijn medicijn? Wil hij eind januari in de voorverkiezingen een kans maken tegenover de door de linkervleugel gesteunde protectionist Arnaud Montebourg, dan zal Valls naar links moeten opschuiven.

„Geconfronteerd met (…) het idee dat links geen enkele kans heeft, wil ik het mechanisme breken dat ons naar verlies leidt”, zei Valls afgelopen weekend. Hij dreigde toen al Hollande uit te dagen en constateerde „ontreddering” bij Hollandes laatste steunpilaren na de publicatie van een al te openhartig interviewboek. Dat boek is Hollande nu fataal geworden.