Na het pietengedoe eist Sint weer de hoofdrol op

Sinterklaas

NRC-redacteur Bas Blokker liep een aantal weken ’embedded’ mee met Sinterklaas in Amsterdam. Zijn constatering: na het gedoe rond zijn knechten eist Sinterklaas weer zelf de hoofdrol op.

Sinterklaas, op tournee in Amsterdam, ontvangt in Het Grachtenhuis. Foto Sint in Amsterdam

De Riekerhof, 23 november

„Dag dondersteen!” Meneer Kramer komt naar voren en krijgt een hand van Sinterklaas, die hem begroet als een jochie. Meneer Kramer is 89, onbeschroomd en hij vraagt na een poosje schudden „mijn tengels” terug van de goedheiligman. Het gelach komt vooral van het personeel van woon-zorgcentrum De Riekerhof in Amsterdam. De bewoners horen niet alles even goed meer.

Als Sinterklaas afscheid neemt, met eerst een daverend meegezongen ‘Aan de Amsterdamse grachten’ en daarna ‘Dag Sinterklaasje’, wandelt hij met de pieten de deur uit. Meneer Kramer met zijn ribfluwelen jasje trekt een sprintje en zegt buiten tegen de pieten: „Dank jullie wel. Het was veel leuker dan vorig jaar.”

In verzorgingshuizen, op grachten, in ziekenhuizen, in boekhandel Scheltema, in het Muziekgebouw aan het IJ, het Scheepvaartmuseum, het huis Van Loon – Sinterklaas, zijn paard en de pieten zijn de afgelopen weken op allerlei plekken in Amsterdam opgedoken.

Een paar jaar geleden was het Sinterklaasfeest in Amsterdam nog net als in de meeste Nederlandse plaatsen: een intocht met paard en donkergeschminkte knechten, en een paar weken later pakjesavond. En misschien nog wel meer dan alle andere intochten was de Amsterdamse mikpunt van protesten tegen de figuur van Zwarte Piet.

Zo zag de intocht – begonnen in 1934 met zeven pieten en koekletters voor de kleintjes – sponsors vertrekken door de discussie en vrijwilligers opstappen toen het bestuur het uiterlijk van de pieten besloot te veranderen. 2014 werd met verlies afgesloten en de organisatie moest zichzelf opnieuw uitvinden.

Vanaf dat jaar, toen Adriaan Krans, in het dagelijks leven adviseur en change manager, voorzitter werd van de stichting Sinterklaas in Amsterdam, is Zwarte Piet omgevormd naar de Schoorsteenpiet van nu. Maar het belangrijkst is dat het comité het Sinterklaasfeest een compleet nieuwe invulling heeft gegeven. Het organiseert niet alleen meer de intocht, maar het organiseert ook drie weken lang ruim twintig evenementen voor alle kinderen van de stad, eindigend op 6 december als Sinterklaas wordt uitgezwaaid vanaf het Museumplein.

Het bestuur van de stichting formuleert het zo: Sinterklaas en de kinderen staan centraal, niet Zwarte Piet en de grote-mensendiscussie over diens uiterlijk. En als barmhartige kindervriend gaat Sinterklaas juist naar minderbedeelde, zieke, kwetsbare en eenzame kinderen – waarbij we niet moeten vergeten dat voor Sinterklaas ook donderstenen van 89 nog kinderen zijn.

Marineterrein, 13 november

De Zwolse trommelslager, de brandweerman uit Krommenie, de fietsenmaker uit Amsterdam, ze lopen al jaren in pietenpak mee met de intocht. De Amsterdamse fietsenmaker was vorig jaar afgehaakt omdat het gedoe rond de kleur van piet hem te veel werd. Hij had toen wel langs de route gefietst, de intocht van buiten bekeken en vastgesteld dat hij het feest te mooi vond om de rug toe te keren. Dit jaar is hij commandant van de fietspieten.

Na afloop, ’s avonds terug op het Marineterrein, kijken 500 pieten moe maar voldaan terug op de intocht. Niemand heeft het boven de dozen met pizza’s nog over roetvegen of schmink. Ze zijn gewoon pieten geweest. Ze zijn toegejuicht door honderdduizenden Amsterdammers langs de grachten en in de straten. Ze hebben zich „voetballers in de Arena” gevoeld, of „koningin Máxima”. Elfhonderd vrijwilligers helpen het intochtcomité, ze komen om mee te doen met „het sprookje”, zoals velen van hen het noemen. En dit is hun beloning: de vrolijke dankbaarheid van een hele stad.

Dit is waar het bestuur van de stichting voor wil vechten, zegt bestuurslid Christiaan Bramer, die over de „maatschappelijke activiteiten” van de stichting gaat. . Sinterklaas heeft de potentie de hele stad te verbinden. GroenLinksleider Jesse Klaver pleitte onlangs voor een „verbindend collectief moment ongeacht religie”. Maar dat hebben we al, zegt Bramer. „Sinterklaas is zo’n collectief moment. En het verbindt, omdat het Sinterklaasfeest al generaties lang in ons geheugen ligt.”

Het Grachtenhuis, 18 november

De barmhartige kindervriend zit in een zeventiende-eeuwse stijlkamer in museum Het Grachtenhuis. Onder de mijter en de tabberd, en in paarse puntschoenen zit voorzitter Adriaan Krans. Hij drinkt water met een rietje.

„Dag Sinterklaas.” Schoolklas na schoolklas komt op bezoek. Wie niet bibberend achter zijn moeder gaat staan, mag de veters van Sinterklaas strikken, een liedje zingen, vragen stellen of gewoon iets zeggen („Wij hebben in de klas uitgerekend dat u 1.543 jaar oud bent. Wanneer bent u dan geboren?”) en op schoot komen voor de foto.

De nieuwe opzet van het feest kent ‘publieksactiviteiten’ zoals de intocht of Amerigo aaien in Museum Van Loon, en ‘maatschappelijke activiteiten’, gericht op kinderen „in een moeilijke siuatie”.

Terwijl in de zijkamer pieten handenvol werk hebben aan het kalmeren van de ene groep, neemt Sinterklaas binnen alle tijd voor de andere. Weten ze wel dat hij bij zijn afscheid een rondje boven de stad vliegt in een helikopter? En dat hij daarbij een kind meeneemt dat de mooiste tekening „upstuurt… of, Piet, hoe heet het ook alweer?” „Upload, Sinterklaas.”

De hele middag tilt Sinterklaas Finns, Flynns en Lynns op schoot. Misschien niet allemaal kinderen „in een moeilijke situatie”, waar de maatschappelijke activiteiten voor zijn bedoeld.

Muziekgebouw aan het IJ, 19 november

In 2015 organiseerde Sinterklaas in Amsterdam een concert in de Indische Buurt, ooit een volksbuurt in Oost, nu nog altijd een multiculturele wijk, maar ook ver-yupt. Het Nederlands Philharmonisch Orkest speelde er Sinterklaasliedjes. In de zaal, constateerde Adriaan Krans, zaten vooral kinderen die toch wel eens naar een concert zouden gaan. Dit jaar verwacht en krijgt hij een diverser publiek in de Indische Buurt. Maar hij is het meest tevreden over de middag in het Muziekgebouw aan het IJ, waar kinderen uit Amsterdam-Noord zijn uitgenodigd.

Foto: Tammy van Nerum

Foto: Tammy van Nerum

Terwijl het weer zo lelijk is, lopen Karim, Nermien, Gennaro, Trevor en hun vaders, moeders en grote zussen in de hal van het Muziekgebouw. Een piet met grijze pieken vanonder zijn zwarte pruik noemen Hassan en zijn zusje opa-piet. In twee groepen wordt muziek gemaakt op klankstaven, boomwhackers en op de holle pakjes die Sint heeft meegebracht.

Ze hebben Antilliaanse, Marokkaanse, Turkse, Iraanse, Ghanese wortels, maar hun „dankuwel, Sinterklaas”, klinkt even Amsterdams als dat van de kinderen in Het Grachtenhuis. Het enige verschil hoor je wanneer Sinterklaas als altijd vraagt: „En? Heb jij je schoen al gezet?” Dan blijven deze kinderen vaker stil.

Ouderendag, 23 november

De dag voor 23 november fietsen Yfke de Vroom en Martijn Schoonvelde de hele stad door naar Kruidvat-filialen waar ze nog marsepein verkopen. Het trappenhuis van De Vroom staat van begane grond tot zolder vol met jute zakken vol strooigoed en pakjes, die ze tot diep in de nacht met vriendinnen heeft ingepakt.

De twee organiseren de Ouderendag. Yfke de Vroom werkte twee jaar geleden nog als manager bij Ahold toen ze gegrepen raakte door Amsterdamse oplossing voor de pietendiscussie en aan Adriaan Krans liet weten: „Ik wil je helpen”. Zo is de vaart gekomen in de maatschappelijke evenementen. Net als voorheen worden dit jaar ernstig zieke kinderen in ziekenhuizen bezocht. Er is een sportdag in speelpark TunFun, na afloop waarvan de kinderen uit arme gezinnen gratis sportschoenen krijgen. Sinterklaas gaat op bezoek bij dakloze moeders.

Pieten en organisatoren vinden de Ouderendag het hoogtepunt dit jaar. Met tien pieten trekt Sint langs vier verzorgingshuizen, goed gebrieft over de bewoners. „Wat hoorde ik, spreekt u een beetje Spaans”, vraagt Sinterklaas dus aan de vrouw die naast hem zit. „Ja, maar ik ken beter Marokkaans leren”, antwoordt ze met een knikje naar het personeel.

In een ander huis heft een vrouw een Portugees fado-lied aan. Pieten gaan langs de tafels met cadeautjes. Anderen gaan op de foto met bewoners. Enkele bewoners houden hun handen op hun oren tegen de fado.

Elfhonderd vrijwilligers, onder wie zo’n 500 pieten, steken elk tientallen, soms honderden uren in het feest. In januari beginnen de drie hoofdpieten al aan de voorbereidingen. Yfke de Vroom weet nu al dat ze volgend jaar nog scherper gaat opletten dat echt juist de eenzaamste ouderen aan bod komen. „Niet dat we een feest vervangen dat anders ook wel zou zijn georganiseerd.”

Na het vierde adres, vraagt Sinterklaas of hij kan worden afgezet op de Zuidas. Achter de verduisterde ramen van het busje zet Adriaan Krans mijter, pruik en baard af, trekt hij zijn paarse broek en schoenen uit. Martijn Schoonvelde gooit hem deodorant toe. Krans trekt een overhemd met een subtiel ruitje aan en zijn lichtgrijze pak. De paarse schoenen gaan in een rolkoffer. Hij stapt uit, zwaait naar zijn pieten en loopt naar het gebouw waar hij een fusie moet helpen gladstrijken.