Weg met de president, het nepotisme en de Koreaanse klassenmaatschappij!

Politieke crisis

De woede van de Zuid-Koreaanse betogers zit dieper dan het schandaal rond president Park. Het gaat hen ook om nepotisme, over de macht van de conglomeraten. Hun land blijkt nog steeds geen meritocratie.

Foto Reuters

Doet ze het of doet ze het niet? Die vraag houdt iedereen al de hele week bezig in Zuid-Korea. Dinsdag zei president Park Geun-hye in een live op tv uitgezonden toespraak dat ze vrijwillig zal opstappen als het parlement met een goed tijdspad komt voor een ordelijke machtsoverdracht. Wanneer dit dan zal zijn, is volop onderwerp van speculatie.

Volgens Chris Park (24), student fotografie, is de nu maandenlange politieke crisis zowat het enige waar hij en zijn medestudenten over praten. „We discussiëren erover in groepchats, op de universiteit hangen we berichten op wanneer er weer een demonstratie is en we werken aan een musical, waarin we dit schandaal vermengen met het verhaal van Les Misérables.

De crisis draait om een omstreden vriendin van de president, Choi Soon-sil, die Park vermoedelijk toegang gaf tot regeringszaken. Daarnaast wordt de dochter van de sekteleider ervan verdacht dat ze haar positie misbruikte om miljoenen euro’s aan donaties bij bedrijven af te troggelen voor liefdadigheidsstichtingen op haar naam.

Sommige commentatoren vonden Parks ogenschijnlijke kniebuiging van dinsdag een strategisch slimme zet. Op deze manier kan de president, wier termijn tot volgend jaar december loopt, niet alleen tijdrekken, maar misschien ook een afzettingsprocedure voorkomen. Want hoewel de drie oppositiepartijen vrijdag hiertoe een motie zullen indienen, is het nog maar de vraag hoeveel leden van haar eigen verdeelde Saenuri partij zullen meestemmen om de benodigde meerderheid te krijgen in het parlement. Een afzettingsprocedure kan maanden duren en moet ook nog goedgekeurd worden door het grondwettelijk hof. Dat kan het land dus maanden lamleggen – geen aantrekkelijk vooruitzicht.

Kelen schor roepen

De onrust houdt het land al weken in zijn greep. De zaterdagse demonstraties worden elke week groter en groter. Ondanks het invallen van de winterkou stroomden afgelopen zaterdag weer honderdduizenden Koreanen naar het plein dat leidt naar de twee grote paleizen in het centrum van de hoofdstad.

Over de precieze aantallen zijn de organisatoren en de politie het overigens steevast oneens: volgens de vakbonden waren er dit keer 1,5 miljoen demonstranten, volgens de politie een paar honderdduizend. Zeker is dat de bereidheid van Zuid-Koreanen om week in, week uit, met hun kaarsjes uit te rukken en hun kelen schor te roepen, bijzonder groot is. Wat ook opvalt: het zijn niet alleen jongeren of studenten die komen opdagen. Vooral onder de zaterdagse demonstranten bevinden zich ook veel ouderen en ouders die zich, ondanks het gevaar op verdrukking, met hun kleine kinderen in de mensenmassa wagen.

De afkeer wordt breed gedragen. Veel ouderen stemden bij de vorige verkiezingen nog op Park uit sentimentele overwegingen over haar vader, generaal Park Chung-hee, dankzij wie de economie van Zuid-Korea in de jaren zeventig een grote vlucht nam. Die ouderen zijn erg teleurgesteld dat – ondanks Parks beloften voor de minder draagkrachtigen – voor hen weinig is verbeterd. Bijna de helft van de 6,4 miljoen ouderen in het land leeft in armoede. Op straat en in metrostations in Seoul zie je overal zestigplussers zitten achter fruitstalletjes, in hun schoenmakershokje, of op de grond met stapels groente die ze proberen te verkopen.

Hun slechte economische positie hebben ze gemeen met jongeren – de jeugdwerkloosheid is bijna twee keer zo hoog als het landelijk gemiddelde.

Corpocratie

Young Chul Cho, onderzoeker internationale politicologie aan Chonbuk University, denkt dat veel Koreanen niet zozeer boos zijn, als wel teleurgesteld dat Zuid-Korea ondanks de economische vooruitgang nog steeds een klassenmaatschappij is. Het schandaal onthult volgens hem de donkere kant van de Koreaanse samenleving, waarin nepotisme en de nauwe banden tussen overheid en bedrijven duidelijker dan ooit naar voren komen. Zo zou Choi haar nabijheid tot de president ook hebben misbruikt om haar dochter bij Ehwa University binnen te krijgen.

„Koreanen dachten dat hun land een meritocratie geworden was, waar je door hard werken hogerop kan komen. Nu zien ze dat hun eigen sociaal-maatschappelijke positie soms stagneert als je niet tot een bepaalde elite behoort. Het gaat er toch nog steeds heel erg om wie je kent in dit land. Deze affaire is daar het ultieme voorbeeld van.”

De Leidse hoogleraar Remco Breuker is het daarmee eens. „De echte reden achter de volkswoede is misschien wel het feit dat Zuid-Korea eigenlijk een corpocratie is. De ongebreidelde invloed van de chaebols [familie-conglomeraten] is iets waarover Zuid-Koreanen zich wel zorgen maken. Want met die invloed komt een zeer ongelijke verdeling van de welvaart en dat betekent weinig toekomstperspectief voor mensen zelf en hun kinderen.”

Politiek bewustzijn

Toch heerst er niet een algeheel gevoel van malaise. Met Samsung in zwaar weer wegens ontploffende mobieltjes, rederij Hanjin die op het punt staat van faillissement, en een regering die op het punt van omvallen staat, kan het voor de buitenwereld misschien lijken alsof het hele land in een neergaande spiraal zit. Natuurlijk zijn er zorgen over de economie, die minder hard groeit dan een paar jaar geleden en het uitblijven van investeerders als het gevolg van een instabiel klimaat. Maar wie demonstranten spreekt, merkt dat mensen ook hoopvol zijn. Er heerst een soort eensgezindheid dat het tot nu toe vreedzame karakter van de protesten meer impact heeft op de regering dan wanneer ze zouden ontaarden in rellen.

Student Park ziet de huidige crisis dan ook juist als een kans.

„Dit kan een omslag zijn in de toekomst van ons land. Uiteindelijk is Park ook maar een marionet van degenen die achter de schermen aan de touwtjes trekken. Dit is hét moment voor ons om uit te zoeken wie nu echt de macht in handen hebben en het hele systeem te ontdoen van corruptie.”

Onderzoeker Cho verwacht dat het schandaal – ongeacht de uitkomst – de Koreanen op lange termijn in ieder geval politiek bewuster zal maken. „Koreanen zijn de afgelopen jaren heel gericht geweest op geld verdienen en consumeren. Ik verwacht dat onderwerpen als welvaartsdeling en economische democratisering de komende verkiezingen zeker een rol gaan spelen. En dat mensen in het vervolg beter opletten op welke volksvertegenwoordigers ze stemmen.”