‘In Amsterdam is het ruige er wel af’

Tattookoning

Henk Schiffmacher, bijna 65, zet al veertig jaar tattoos. Hij heeft zijn klantenkring in die tijd drastisch zien veranderen. „Een tattoo is een bijou geworden.” 

Tattookoning Henk Schiffmacher in 2012. Foto Andreas Terlaak

Spijt? De Amsterdamse tattookoning Henk Schiffmacher grijnst zijn gouden voortanden bloot als hem gevraagd of hij wel eens spijt heeft. Ja, hij heeft tot nu toe een ruig leven gehad. Hij was cokeverslaafd („Als ik het gif dat ik in m’n lichaam stopte in een tuin stort, heb ik mannen in witte pakken nodig om het af te voeren”). Hij dronk („Twee flessen wodka per dag”). Hij trouwde verschillende vrouwen („Maar ik ben nu heel gelukkig”). En zijn gekoesterde droom – een tattoomuseum – flopte. („Een dikke, diepe teleurstelling.”)

Maar spijt.. „Ik vind dat zo’n slechte eigenschap. Ik poets mijn kamer wel op met wat goede doelen.”

Waar Schiffmacher vroeger om 14.00 uur zijn eerste biertje zou hebben besteld en waarschijnlijk al „een snuif” achter de rug zou hebben, drinkt hij nu koffie en eet hij pepernoten. Plaats: café Bloemers, aan de Ceintuurbaan in De Pijp, tegenover zijn tattooshop. Schiffmacher is bijna 65 en tatoeëert 40 jaar – oud-Parool journaliste Corrie Verkerk schreef er recent een boek over: Schiffmacher.

Lees ook over het fotoboek dat Schiffmacher maakte: Tatoeages voor de vunzigen

Het neemt je mee in de wondere wereld van de Amsterdamse tattookoning. Want wie is deze man?

Zijn lichaam telt er minstens honderd en komen uit alle plekken die hij bezocht. Want dat is hij: een man met een hang naar avontuur, „een amateur antropoloog” – gefascineerd door de zelfkant van de samenleving. Een schilder, voormalig fotograaf van Nieuwe Revu, typograaf en tekenaar.

Wat hij ook is: de man die zich op jonge leeftijd ontworstelde aan het Gelderse en van oorsprong streng gereformeerde Harderwijk. Daar groeide hij op in een katholiek slagersgezin met vijf jongere broers en twee jongere zussen. Hoogtepunt uit die tijd: de zomers. Dan kwamen de Amsterdamse glazenwassers, inclusief dochters, met de caravan naar Harderwijk. Beetje rommelen in de bosjes. Want die meiden waren veel minder preuts, zegt Schiffmacher, dan het vrouwelijk volk uit eigen streek.

Al vroeg lonkte de grote stad. Schiffmacher raakte gefascineerd door de paradijsvogels uit de tattoowereld en liet in 1974 bij Tattoo Peter zijn eerste tatoeage zetten: een afbeelding uit een biologieboek. Een aantal jaren later tatoeëerde Schiffmacher zelf zijn eerste afbeelding.

Fietsen in de stad doet hij al lang niet meer, te gevaarlijk.

Hij zag de scene de afgelopen veertig jaar flink veranderden, zegt hij. Waar een tatoeage vroeger het resultaat was van een avondje eten, zuipen en snuiven – de klandizie bestond voornamelijk uit hoeren, bonkige zeelui, punkers, bikers, truckers, en stadsindianen – is de tattoo tegenwoordig mainstream. Een beetje zoals een horloge: iedereen loopt ermee rond.

Jammer? Mwaaaaaah, niet echt vindt Schiffmacher – hij heeft bovendien zelf aan die vercommercialisering meegeholpen, realiseert hij zich. Ergerlijk? Soms een beetje. Schiffmacher: „Tegenwoordig komen ze een dag na de tattoo bij je terug, omdat er iets niet klopt. Dan hebben ze met hun telefoon de hele dag dat ding lopen analyseren. Ze zeggen (Schiffmacher zet een hoge stem op): ‘Je bent een puntje vergeten.’ Het is echt een bijou geworden.”

Die verandering valt hem ook op in Amsterdam – het ruige is eraf. Het bruine café is verpest door „blèrende kinderen”, zegt Schiffmacher. Fietsen in de stad doet hij al lang niet meer, te gevaarlijk. En als hij op de stoep loopt moet hij uitkijken dat hij niet wordt geschept door, wat hij noemt, een „larvenbak” – een ouder in bakfiets.

Zijn dit niet de kwalen van een ouder wordende man, voor wie de grote stad te snel wordt? Nee, zegt hij. De tattookoning is meer in vorm dan ooit. Schiffmacher snuift sinds vijf jaar niet meer en drinkt minder. Hij tatoeëert tegenwoordig weliswaar met een brilletje op, maar zijn hand is nog steeds heel vast. Een productiebedrijfje boekte hem voor 2017. Dan zal hij langs veertig theaterzalen in Nederland trekken om verhalen te vertellen. En in 2018 wacht een wereldtoer. Schiffmacher: „Ik heb mijn zaken wel weer op de rails.”