Gek van de appgroep

Tweehonderd berichten wanneer je de telefoon aanzet. De WhatsApp-groep drijft mensen tot wanhoop.

Illustratie Tjarko van der Pol

Jennifer Delano (33) zucht bij de gedachte aan die „stomme klotegroepjes”. Zakelijke WhatsApp-groepen. Groepen van haar cursussen, zoals zwangerschapsyoga en babymassage, waarin moeders babyfoto’s delen. Een groep met mensen van de kerk. Een familieapp. Familie&Co: familie plus aangetrouwden. De schoonfamilieapp. „En dan probeer ik zen te blijven”, vertelt ze aan de telefoon.

Veel communicatie gaat tegenwoordig in groepschats via WhatsApp, een app waarmee gebruikers via hun telefoon kunnen chatten. Een paar uur zonder telefoon levert daardoor zo tientallen of zelfs honderden gemiste berichten op, waaronder smiley’s, ok’s of haha’s. Het leidt bij veel mensen tot irritatie; zo schreef een vrouw uit Velsen-Noord begin dit jaar op Facebook uit de buurtpreventie-app te stappen, vanwege „te veel nodeloze berichten”. Maar de groep verlaten, dat doe je niet zomaar. „Dan mis je toch dingen”, zegt Danielle Ouwejan (36) uit Enschede, beheerder van de ouderapp van de klas (groep 3) van haar zoon. Jennifer Delano: „Eruit stappen is very not done.

Merel (38) uit Haarlem, moeder van twee kinderen van 6 en 3, wordt er gek van, vooral van de groepsapps „over kinderfeestjes en ander moedergereutel”. Twee weken voor een partijtje begint het al, vertelt ze. „Dan wordt er een app aangemaakt: ‘Verjaardag Iris’, en dan denk ik: oh nee, daar gaan we weer. Vervolgens gaat het helemaal los: wat wil Iris hebben? Hoe laat moeten we er zijn? Een keer kreeg ik plaatjes doorgestuurd uit de Intertoys-catalogus, als verlanglijstje.”

Het zijn altijd de moeders, zegt Merel. „Ik klaag weleens tegen mijn man: jij hebt het makkelijk, jij wordt nergens ingezet. Ik word de hele tijd lastiggevallen. ” Tijdens het partijtje: foto’s van cakejes versierende kinderen, filmpjes van een voorstelling in een poppentheater. Na het partijtje: Sanne vond het feestje fantastisch, Anna ook, bedankt hoor, Charlotte heeft het heel fijn gehad. „Ik zeg ‘bedankt’ en ga er zo snel mogelijk uit.”

Ontbrekende dierenplaatjes

Danielle Ouwejan beheert de klassenapp van de klas van haar zoon. Als iemand te veel appt, of over zaken die niet de hele klas aangaan, zegt ze daar wat van in een privébericht. Zoals die keer dat een ouder de ontbrekende nummers uit hun dierenplaatjescollectie (van Albert Heijn) doorstuurde. Maar ze vindt het een lastige grens: wanneer is veel, té veel? Als ze in de app een vraag stelt, zoals wie de speurtocht kan begeleiden, sturen ouders ‘ok’ of een smiley van een duimpje als het is geregeld – „en dat dan keer dertig.”

Ook in de straatapp gebeurt dat. Is er een gezamenlijk project, zoals een demonstratie van drie soorten boomverlichting waaruit ze kunnen kiezen, dan appt de halve straat ‘ok’. En bij elke reactie zoemt de telefoon. „Na afloop: wij vonden optie drie het mooist, wat vonden jullie?”

whatsapp2-klein

Irritant, maar je moet bijna wel in die groepsapp zitten, zegt Ouwejan. „Je voelt precies wie er niet in zitten, bijvoorbeeld als er een straatfeest is. Dat is op school ook zo. Als je er niet in zit, mis je iets. Daarom probeer ik strikt te zijn: alleen nuttige berichten en verder niks.”

Richard Schoot Uiterkamp (22) heeft een heel andere tactiek om het overzicht te bewaren: hij maakt voor elk onderwerp een aparte groepsapp, al is het met dezelfde vriendengroep. Een groep voor wat ze vrijdag gaan doen, een voor wat ze zaterdag gaan doen, een voor een verjaardag of een gezamenlijk cadeau. „Dan weet ik tenminste waar het over gaat. Anders heb ik na een drukke dag werken tweehonderd ongefilterde berichten.” Hij zit in 82 groepsapps, waarvan ongeveer de helft actief is.

Zijn vrienden worden er weleens gek van. „Dan zeggen ze: hou nou op, we hebben er al zo veel. Ik kan ook geïrriteerd raken als iemand niet in de juiste groep over een onderwerp praat.” Uit protest stappen zijn vrienden soms direct uit de groep. Hij stopt ze er een dag later weer in. „Ze kunnen er ook wel om lachen hoor; dan zeggen ze: Ries heeft wéér een groep aangemaakt.”

Beate Volker is hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Amsterdam en gespecialiseerd in vriendschap en relaties. Haar valt het op dat haar kinderen niet meer al hun WhatsApp-berichten lezen, zoals volwassenen dat wel doen. „Zij gaan er al anders mee om.”

Internet is een mooie manier om relaties te onderhouden, zegt ze, maar leidt ook tot „een explosie aan zwakke bindingen”. „Mensen die je nooit zou bellen zitten wel in je online netwerk. Dat leidt soms tot een te veel aan informatie, vooral aan informatie die onbelangrijk is.” Het scheiden van belangrijke en onbelangrijke informatie moeten we vaak nog leren, zegt Volker. „Er is wel steeds meer onderling begrip voor uit een groep stappen.”

Zoals Karin de Jonge (29) uit Amersfoort. Toen ze acht maanden geleden haar telefoonabonnement moest verlengen, koos ze bewust voor een aansluiting zonder internet, ook al moest ze daarvoor naar een andere aanbieder. Ze zat te vaak op haar telefoon en wilde meer genieten van wat er om haar heen gebeurt.

Het levert rust op en aandacht voor haar omgeving. „Vorige week vroeg een oudere vrouw in de trein of ze moest overstappen; de omroep was heel zacht. Iedereen zat zo gefocust op zijn schermpje, ik was de enige die haar hoorde.”