Film over stokoude, Dordtse tuin gaat de wereld over

Cinema

Portret van een Tuin, het debuut van de Rotterdamse regisseur Rosie Stapel, oogstte een jaar lang grote successen op buitenlandse festivals.

De documentaire laat vier seizoenen in de Dordtse tuin zien. Foto uit de trailer op youtube

Portret van een Tuin is gewijd aan zeventiende-eeuwse moestuin op landgoed Dordwijk in de Dordtse kern Dubbeldam. Decennialang verkeerde die in geheel verwaarloosde staat, totdat Daan van der Have zich erover ontfermde. Hij besteedde twintig jaar aan de reconstructie, grondverbetering en de nieuwe beplanting ervan. Om dat levenswerk tot in perfectie uit te voeren, ontwikkelde de nu 65-jarige horecaondernemer (mede-oprichter van Hotel New York in Rotterdam en Villa Augustus in Dordrecht) zich gedurende die periode stukje bij beetje tot een allround-tuinder.

Geld en tijd mochten bij de verwezenlijking van zijn ideaal geen rol spelen, wél het verwerven van zo veel mogelijk theoretische en ambachtelijke kennis om zijn missie te doen slagen. Een van de experts van wie Van der Have tussentijds het hoveniersvak leerde, is Jan Freriks (86). Meester in de teelt en de ‘beredeneerde snoei’ van leifruit, en als zodanig een beroemdheid in zijn beroepsgroep. Over deze twee mannen, maar in de eerste plaats over het anderhalve hectare grote complex zelf, maakte de Rotterdamse Rosie Stapel (44) haar Portret van een Tuin.

Op Dordwijk groeien tientallen soorten fruit, groenten, noten en kruiden. Sommige ervan, zoals oude Franse, Belgische, Engelse en Nederlandse appel- en perenrassen, zijn in supermarkten of elders allang niet meer te verkrijgen. Toch is het Van der Have bepaald niet te doen om allerlei ‘vergeten’ gewassen in zijn borders en boomgaard te verzamelen. De diversiteit aan vruchten, kool, prei, sla, uien, kersen en aardappelen op Dordwijk dient eerst en vooral een praktisch nut: gasten van het restaurant en de eigen groentewinkel van Villa Augustus laten proeven hoe rijk en verschillend in smaak al die met toewijding en liefde geteelde rassen op hun bord zijn.

‘Zen-meditatie’

De 100 minuten durende film, die vier seizoenen op Dordwijk in kaart brengt, kan als documentaire, hymne of zelfs als ‘zen-meditatie’ worden ervaren, schreef The New York Times onlangs nog. Tegelijk blijken ook cinemaliefhebbers, amateur-tuinders en botanici erdoor gegrepen. Het mag verklaren waarom hij in het buitenland zowel op wetenschappelijke, culinaire en Heimat-festivals te zien was als in arthouses.

Een wereldwijd bioscooppubliek is er bevattelijk voor gebleken. Na de première op het International Film Festival Rotterdam in 2015 reisde Portret van een Tuin onder meer door naar festivals in Berlijn, Parijs, Oostenrijk, New York, Brazilië, Vancouver en Toronto. De meeste recensenten waren ontroerd, de e-mails van bezoekers van de film stromen nu nóg bij Rosie Stapel binnen. En Jan Freriks, die zich in het echt doorgaans alleen in ouderwetse, blauwe werkmansoverall en alpinopet in boomgaarden laat zien, is er nog een stukje beroemder door geworden, ook al wil hij het nog steeds niet weten.