Het huis dat op een museum lijkt

Binnenkijker fotografeert elke week een bijzonder interieur. Deze week een huis met vijf ateliers.

Huis. Het huis van Mirko Krabbé is in 1936 gebouwd als ‘opvul-pand’ in de Amsterdamse Pijp. Het moest de ruimte opvullen tussen SDAP-bakkerij ‘De Volharding’ en een ander pand en is daardoor vrij breed. Tegenwoordig is het huis (zes verdiepingen) een soort museum. Vol kunst van familie en vrienden en met vijf ateliers, een bibliotheek en woonruimte. „Als we na een maand of zes een bepaald schilderij niet meer zien, eraan gewend zijn geraakt, vervangen we het door een ander kunstwerk. Door zo te rouleren, blijft het huis fris.”

Nalatenschap. Mirko (56) en zijn vrouw, edelsmid Anke Akerboom (59), hebben zorgvuldig nagedacht over de bestemming van hun huis als zij overleden zijn. Ze hebben geen kinderen en zullen het nalaten aan de Prins Bernhard Stichting. „We willen dat kunstenaars hier dan verblijven als ‘artist in residence’.” De lichtval in de ateliers is mooi.

Verbouwen. Ze zijn altijd bezig met verbouwen en gebruiken daarvoor de beste materialen, zegt Krabbé. Er zijn geen schakelaars in huis; de verwarming, verlichting en ventilatie besturen ze met een computerprogramma. „Dat kan zelfs vanuit Timboektoe.”

Van IKEA? „We hebben een metalen afwasbak van IKEA en een opklapbare kledinghaak.”

Meenemen bij brand? Mijn vrouw en enkele portretten van mijn vader Maarten Krabbé.”