Strafzaak Holleeder is een schaakspel dat veel tijd kost

JudasHet verhoor van de zusjes Holleeder is weer uitgesteld. Willem Holleeder zegt nog wel wat over Astrids boek Judas: „Leugens en laster!”

Rechtbanktekening van topcrimineel Willem Holleeder in de rechtbank van Amsterdam. Illustratie: Aloy Oosterwijk/ANP

Willem Holleeder oogt tijdens de zitting in de Amsterdamse rechtbank woensdag wat nerveus en zit constant met zijn bril te spelen. Hij heeft aangekondigd dat hij wat wil zeggen maar eerst krijgt de officier van justitie het woord, zoals gebruikelijk.

Dat betoog gaat grotendeels over het uitstel van de verhoren van Astrid en Sonja Holleeder, de zussen van Willem die zich tegen hem hebben gekeerd. Justitie vindt het vervelend dat het allemaal zo lang duurt. Holleeder zit inmiddels bijna twee jaar vast, de verklaringen zitten al anderhalf jaar in het dossier.

Ook bespreekt de officier van justitie de overvloedige media-aandacht voor de zaak-Holleeder, die na de publicatie van het boek Judas van Astrid Holleeder een nieuw hoogtepunt heeft bereikt. Beeldvorming speelt een belangrijke rol in het leven van Holleeder die een eerdere veroordeling voor afpersing wijt aan het negatieve beeld dat over hem is geschetst in de media.

Als de officier een lange lijst media-optredens opsomt, met als hoogtepunten Willems goed betaalde column in de Nieuwe Revu en het veelbesproken optreden in collegetour in 2012, neemt de irritatie bij Holleeder toe. Zijn bril gaat op, en dan weer af. Of hij laat de bril aan een pootje ronddraaien tussen duim en wijsvinger.

Ze verkoopt praatjes, leugens en laster.

De zitting is al anderhalf uur bezig als rechtbankvoorzitter Frank Wieland het woord tot Willem richt. „U wil zelf ook nog wat zeggen toch?” vraagt Wieland. Ja, zegt Willem. En hij heeft er ook geen bezwaar tegen dat zijn tekst wordt opgenomen. „Als ik zelf maar niet in beeld kom”, zegt hij.

Holleeder reageert eerst op de officier van justitie die vertelde dat hij zelf de publiciteit heeft gezocht. „Wat Astrid doet in de media is anders”, zegt hij. „Ik heb nog nooit iemand beschuldigd.” En die column in de Revu? „Daar heeft het Openbaar Ministerie zelf toestemming voor gegeven.”

Dan begint hij over Judas, het boek van Astrid, waarover hij iets op papier heeft gezet. Willem zet zijn donkere hoornen bril op als hij begint voor te lezen. Hij begrijpt alle negatieve publiciteit naar aanleiding van dat boek wel. „Ik zou ook schrikken als dit over iemand anders ging”, zegt Willem. „Maar het klopt niet. Ze verkoopt praatjes, leugens en laster.”

Willem bevestigt dat hij wel eens schreeuwt als hij kwaad wordt en dat dat niet goed is. Maar zegt hij, ik ben niet de enige. „Zo zijn wij opgevoed.” Maar dat betekent niet dat hij zijn familie heeft geterroriseerd. „Ik heb altijd alles voor ze gedaan.”

Onze misdaadredacteur Jan Meeus las het boek van Astrid: In ‘Judas’ draait alles om macht

Nu dit zo naar buiten is gekomen, zegt hij, „moet Astrid zo flink zijn om vragen te gaan beantwoorden”, zegt Willem. „Maar ze wil bepaalde vragen niet beantwoorden omdat ze niet wil dat de waarheid op tafel komt. Je kan je afvragen of Astrid de waarheid nog wel kan vertellen.”

Als de zitting eindigt is er veel gezegd maar weinig gebeurd. Zo gaat het al twee jaar. De strafzaak is een schaakspel met Willem en Astrid als belangrijkste spelers. Over drie maanden is er een nieuwe sessie. Nu al is duidelijk dat de geplande verhoren van de zussen Holleeder voor november en december niet doorgaan. En de start van de inhoudelijke behandeling laat waarschijnlijk ook nog wel een jaar op zich wachten.

Het lijkt Willem niet te deren. Nadat de rechters zijn vertrokken maakt hij nog een gebbetje met zijn bewakers. „Moet ik nou staan of zitten?” vraagt hij grijnzend. Daarna loopt hij met zijn bril in de hand, zacht zingend de rechtszaal uit.