Jeugdpsychologen stoppen met behandelen kinderen vanwege rompslomp

De administratie bijhouden kost twee tot drie keer zo veel tijd als vóór 2015, blijkt uit gesprekken van NRC met vijf behandelaars die hun kindpraktijk hebben gestopt of gaan stoppen.

Foto iStock

Tientallen vrijgevestigde psychologen en -psychiaters stoppen met het behandelen van kinderen vanwege de sterk toegenomen administratieve lastendruk. Dat zeggen de Landelijke Vereniging van Vrijgevestigde Psychologen (LVVP) en de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP). Precieze aantallen ontbreken: de verenigingen baseren zich op aanhoudende signalen uit hun ledenbestand, 2.400 psychologen (LVVP) en circa 500 jeugdpsychiaters (NVVP). Plaatsvervangend directeur van de LVVP Dick Nieuwpoort: „We krijgen veel vaker berichten over stoppende psychologen dan een aantal jaren geleden.”

De administratielast is toegenomen na de decentralisatie van de jeugdzorg naar gemeenten op 1 januari 2015. Jeugdpsychologen en -psychiaters moeten hun rekeningen en cliëntgegevens sindsdien niet langer indienen bij een klein aantal zorgverzekeraars, maar bij een groot aantal gemeenten. De administratie bijhouden kost twee tot drie keer zo veel tijd als vóór 2015, blijkt uit gesprekken van NRC met vijf behandelaars die hun kindpraktijk hebben gestopt of gaan stoppen.

Gemeenten of regio’s hebben vaak verschillende ict-systemen voor het administratief verkeer met behandelaars. Ook de administratieve eisen waaraan een factuur moet voldoen, lopen uiteen en veranderen bovendien geregeld. Daarnaast moeten behandelaars elk jaar of twee jaar deelnemen aan tijdrovende aanbestedingen om uitzicht te houden op een contract met de gemeente.

Lees ook het achtergrondstuk waarin behandelaars vertellen: Dag kinderen, helaas sluiten we de praktijk

De Groningse psycholoog Harmke Arnold (58) besteedde vóór 2015 twee uur per week aan administratie, en in de eerste helft van vorig jaar steeg dat aantal exponentieel – onder meer vanwege een veeleisend, nieuw ict-systeem van de Groninger gemeenten. Na een half jaar proberen liet ze de hoop varen. „Ik ben opgeleid voor het helpen van mensen, niet voor de ict.”

Jeugdpsychiater Dion Leiblum uit Zeist behandelde vorig jaar nog negentig kinderen, nu heeft hij dat teruggebracht tot twintig uit een tweetal gemeentelijke regio’s. „„Ik dreigde steeds minder tijd aan mijn patiënten, en steeds meer tijd aan de administratie te gaan besteden.” Leiblum voelde zich vorig jaar genoodzaakt een ondersteunende kracht in te huren om de administratie vóór hem te doen. Die ondersteuning kostte duizenden euro’s. „Een enorme kostenpost voor een kleine praktijk als de mijne.”

Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en staatssecretaris Van Rijn (VWS, PvdA) hebben bij herhaling laten weten de administratieve lasten in de jeugdzorg te groot te vinden. VWS en VNG hebben samen met zorgaanbieders een „werkagenda” opgetuigd om de lasten te verminderen.

Maar problemen blijven voortduren. De psychologen- en psychiaterverenigingen maken zich inmiddels zorgen over een tekortschietend aanbod aan vrijgevestigden voor kinderen. “Ik ken vijf psychologen om mij heen die ook zijn gestopt”, zegt de Groningse psycholoog Trijn Mulder, die ook zelf nauwelijks nog kinderen behandelt. “Kinderen die zich bij mij melden, stuur ik door naar praktijken die ik ken, maar die zitten zo langzamerhand overvol. En ook bij psychologen in dienst van grote instellingen kunnen kinderen niet snel terecht. Die hebben wachtlijsten.”