Column

Wat wilde Hillary?

Hoe reageer je als journalist op een aangekondigde boycot door de nieuwe president van de Verenigde Staten? Het overkwam columniste Maureen Dowd van The New York Times. In een gesprek met de redactie van die krant zei Donald Trump vorige week dat ze hem altijd konden bellen, behalve Maureen Dowd. „Zij behandelt mij te grof.” Dowd had Trump eerder onder meer beschuldigd van het uitlokken van geweld bij verkiezingsbijeenkomsten. „Maffe Dowd”, twitterde Trump toen, „die mij nauwelijks kent, en dingen verzint die ik nooit heb gezegd voor haar saaie interviews en columns. Een neurotische halvegare!”

De redactie reageerde, merkwaardig genoeg, zonder enig protest op de boycot. Kennelijk zit daar de schrik er goed in, na de overwinning van Trump. Dowd zelf volstaat in haar column van afgelopen zaterdag met een zakelijke vermelding van Trumps kritiek.

Daarna gaat ze over op de tweede uitbrander die ze die dagen kreeg: van haar conservatieve broer Kevin. Ze trof hem bij de familiebijeenkomst voor Thanksgiving, waar haar hele conservatieve, Republikeinse familie (van Iers-katholieke afkomst) zich tegen haar keerde. „My little basket of deplorables”, noemt ze die familie naar de omstreden uitlating van Hillary Clinton over de zielige aanhang van Trump.

Vervolgens geeft ze in haar column, zoals vaker, haar broer de ruimte om in een eigen column tegen progressief Amerika tekeer te gaan. „De verkiezingen waren een complete afwijzing van Obama: zijn fantasiewereld van politieke correctheid, de politisering van het ministerie van Justitie en de belastingdienst, een ongecontroleerde EPA [het Amerikaanse milieuagentschap], zijn castratie van het leger, zijn afzijdigheid van de politie en zijn fixatie op onderwerpen als wc’s voor transgenders.”

Kevin neemt grimmig afscheid van een aantal prominente Democraten met een citaat van Eddie Murphy uit de film 48 Hrs.: „There’s a new sheriff in town.” Hij voegt eraan toe: „En die zal er 1.461 dagen blijven. Gelukkige Kerst.”

Ik vroeg me af waarom Dowd haar broer zo uitgebreid citeerde. Ik vermoed omdat ze vindt dat hij bij al zijn overdrijving terecht een Democratische zenuw raakt. Kevins kritiek heeft overeenkomsten met de kritiek op Obama en Hillary Clinton die zij zelf twee weken eerder in haar column spuide.

Zij vroeg zich daarin af: hoe komt het dat Obama aan het einde van zijn presidentschap zijn eigen Obama-revolutie niet begrijpt? In 2008 hadden juist veel kiezers op hem gestemd omdat ze van de Clintons af wilden. En wat deed hij nu? Hij voerde ze aan de arm terug naar dezelfde Clintons. Obama, aldus Dowd, verloor het contact met zijn revolutionaire kant en werd een chique elitaire figuur die graag met beroemdheden omging, het Congres berispte en de kunst van de politieke overreding minachtte.

En Hillary? Dowd citeert uit een gelekte e-mail van Hillary’s chef-strateeg Joel Benenson tijdens de voorverkiezingen: „Hebben we enig idee wat zij gelooft of welke kernboodschap zij wil?” Hillary, concludeert Dowd, had minder tijd moeten besteden aan geldinzamelingen op Wall Street en meer aan het verzamelen van stemmen in Wisconsin.

Langzaam lijken de puzzelstukjes van de Amerikaanse verkiezingsuitslag in elkaar te vallen: Trump won dankzij Hillary.

Frits Abrahams schrijft elke week een column