Elke vijf jaar komt er wel een sportteam om bij een vliegramp

Sinds de jaren vijftig vonden bijna dertig vliegrampen plaats met een sportploeg aan boord. Een overzicht van enkele bekende.

Het wrakstuk van het toestel van British European Airways, waarin de selectie van Manchester United in 1958 verongelukte. Foto AP

Het is even voor vieren in de ochtend als vlucht PY 764 van de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij op 7 juni 1989 de landing inzet. Door de dichte mist boven de luchthaven van Paramaribo moet de gezagvoerder de eerste drie pogingen afbreken. Bij de vierde gaat het mis. Het vliegtuig crasht en bijna alle inzittenden komen om. Onder hen zijn veel Surinaamse profvoetballers van het Kleurrijk Elftal.

De SLM-ramp is in Nederland een van de bekendste voorbeelden van een vliegramp waarbij een compleet sportteam om het leven komt. Maar het is zeker niet het enige. Sinds de jaren vijftig vonden zeker een kleine dertig vliegrampen plaats met een sportploeg aan boord. Het laatste ongeluk was dinsdag, waarbij veel spelers van het Braziliaanse voetbalteam Chapecoense omkwamen.

Zeker acht keer eerder ging het om voetbalteams, die voor internationale clubtoernooien vaak met het vliegtuig reizen. Het bekende eerste geval is de Superga-ramp in 1949, toen een toestel zich in een Turijnse basiliek (Basilica di Superga) boorde. Bijna alle spelers van Torino F.C. – een grootmacht destijds – kwamen om.

PSV-speler Bwalya zat niet in het toestel

Verreweg het bekendste ongeluk is de vliegramp bij München van 1958, met aan boord een groot deel van de selectie van Manchester United. De ‘Busby Babes’ van trainer Matt Busby golden destijds als een van de beste voetbalteams van zijn tijd. Acht spelers en drie stafleden overleefden de crash niet. De latere Britse stervoetballer Bobby Charlton kon door een ploeggenoot worden gered.

Alle vliegongevallen met sportteams in beeld. Tekst gaat verder onder de kaart.

De (tot dinsdag) laatste vliegramp die een compleet voetbalteam het leven kostte, vond plaats voor de kust van Gabon in 1993. Vlucht AF-319 vervoerde de nationale ploeg van Zambia, op weg naar een interland tegen Senegal. Aanvoerder Kalusha Bwalya, die destijds bij PSV speelde, zat niet in het toestel. Hij vloog rechtstreeks vanuit Eindhoven.

Een compleet ijshockeyteam weggevaagd

Toch waren het lang niet altijd voetballers die aan boord van een onfortuinlijke vlucht zaten. Ook ijshockeyteams, American footballploegen en renstallen in de autosport kwamen om bij vliegrampen. En in 1961 stierf de volledige Amerikaanse kunstschaatsploeg toen hun vliegtuig op weg naar het WK in België crashte.

Veel aandacht kreeg ook de vliegramp van een rugbyploeg in het Andesgebergte van 1972 in Argentinië. Een groot deel van de 45 inzittenden overleefde namelijk de crash, maar kon aanvankelijk niet worden gered. Meer dan twee maanden lang zaten zij op drieduizend meter hoogte in de sneeuw. Toen ze werden gered, waren nog 16 van hen in leven.

Een van de meest recente voorbeelden van een sportteam dat omkwam in een vliegtuigongeval is ijshockeyploeg Lokomotiv Jaroslavl uit Rusland. Bij een crash in 2011 kwam nagenoeg de hele selectie om. Kort daarop stelden alle andere teams in de Russische ijshockeycompetitie drie spelers beschikbaar, zodat Lokomotiv het seizoen alsnog kon afmaken. De club besloot zich echter terug te trekken, maar speelt sinds 2012 wel weer mee in de competitie.