De juf durft zich niet meer ziek te melden

Onderwijs

Minister Asscher kwam met een wet om flexwerkers te helpen. Maar in het onderwijs lijkt de Wet werk en zekerheid averechts uit te werken. „Er ligt een paniekpakket.”

Het docententeam van de Avonturijn in Hilversum kan zich niet permitteren ziek te zijn. Invallers zijn moeilijk te krijgen door de wet op de flexwerkers. Soms staat een leraar voor een groep van 40 leerlingen. Foto's Lars van den Brink

Er staat een juf voor de klas die deze week bij de kaakchirurg is geweest. Haar wang is dik en ze heeft al twee nachten niet geslapen van de pijn. Maar ze is wel naar school gekomen, vertelt Ellen van Dorssen, directeur van basisschool Avonturijn in Hilversum. Waarom? Omdat de juf er wil zijn voor haar leerlingen. Want als zij zich ziek meldt, is er geen vervanger. En moeten de kinderen naar huis.

Dat gebeurde ook de afgelopen weken op Avonturijn. Van Dorssen vertelt dat ze „met pijn in het hart” twee keer een klas naar huis heeft gestuurd. Er heerst een buikgriep op school, twee leerkrachten waren ziek, en er is „echt niemand te vinden” die voor de klas kan staan.

En daar hebben meer scholen last van. Neem de Willibrordusschool in Diessen bij Tilburg, waar directeur Nico Kools voor de herfstvakantie ook een klas naar huis stuurde omdat hij geen invalkracht kon krijgen. „Om half negen ’s ochtends moest ik de kinderen en ouders vertellen dat er geen les zou zijn. Vreselijk.”

Het gebrek aan invallers heeft alles te maken met de Wet werk en zekerheid (WWZ) van minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken, PvdA). De wet moet er voor zorgen dat flexwerkers sneller doorstromen naar een vaste baan. Maar scholen zeggen dat ze niet genoeg geld en werk hebben om meer mensen vast aan te stellen. En zodoende kunnen onderwijsinstellingen een invalkracht nog maar een paar keer vragen, tot dat er een vast contract moet komen.

Maximaal zes contracten in drie jaar

Voorheen konden invallers in het onderwijs drie jaar lang onbeperkt aan de slag. Sinds 1 juli mogen invalkrachten nog maar zes losse contracten in drie jaar tijd ontvangen. Per schoolbestuur. Daar vallen vaak meerdere scholen onder, maar die kan de invaller niet allemaal afgaan. De zes keren gaan er snel doorheen; één dag werk, of zelfs maar een paar uur werk, staat al voor één contract.

Dat leidt er toe dat scholen die plots een zieke juf of meester hebben, niet makkelijk meer aan een invaller kunnen komen. Want de contracten zijn snel op. En dat is een groot probleem, zo blijkt ook uit onderzoek van de PO-Raad (de vereniging van basisschoolbesturen) die een peiling hield onder haar leden. Circa 513 schoolbesturen, waar 4.500 scholen en een kleine 1 miljoen leerlingen onder vallen, deden mee - in totaal telt Nederland circa 7.400 basisscholen. Circa 90 procent van de ondervraagden geeft aan dat het lastig is om vervanging te regelen. Het merendeel wijt dit aan de WWZ. Maar ook het lerarentekort speelt een rol.

Veel schoolbesturen hebben een pool met invallers met een vast contract. Die gaan de scholen rond bij ziekmeldingen. Toch kunnen zij niet alle gaten vullen, zegt Wim Kuiper, voorzitter van Verus – de vereniging voor katholiek en christelijk onderwijs. Volgens hem is er veel vervanging nodig in de sector. Als een werknemer bij een bedrijf ziek is, blijft het werk vaak liggen. Maar in het onderwijs moet er iemand voor de klas staan. En het is een vak, je kunt niet zomaar iemand les laten geven. De werkdruk in het onderwijs is hoog, er heerst op scholen nog wel eens wat, en er zijn dus geregeld mensen ziek.

Verus is ongerust over het gebrek aan invallers en opende onlangs een meldpunt. Er zijn driehonderd berichten binnengekomen van scholen die in de knel zitten. Kuiper: „Deze wet schaadt de kwaliteit van het onderwijs.”

Vaste invallers

Veel besturen hebben overwogen om extra vaste invallers in hun pool te zetten. Maar dat is geen optie, zegt Arnoud van Leuven. Hij is bestuurder bij de Stichting De Oude Vrijheid in Hilvarenbeek, waar zes scholen onder vallen. „Dat is een te groot risico.” Hij worstelt dagelijks met de vervangingsproblematiek. Volgens Van Leuven komen er boven op de WWZ nog twee problemen samen: door de strengere eisen aan de pabo komen er minder leerkrachten de arbeidsmarkt op, dat maakt de pool aan invalkrachten kleiner. En het dalende leerlingenaantal willen besturen niet meer mensen aannemen.

Naast de eigen pool met invallers, zijn veel besturen ook aangesloten bij regionale invalpools. Die worden gerund door bureaus die onderwijzers werven, en bijhouden wie bij welk bestuur heeft gewerkt en hoe vaak. Sommige pools hebben moeite om genoeg invallers binnen te halen. Andere zijn wel goed voorzien.

Maar ook al hebben de bureaus genoeg mensen in de aanbieding, dan nog is dat het verre van ideaal, zegt Louis Zijderveld. Hij is bestuurder bij Mijnplein in Salland, waar 22 scholen onder vallen. Want er staan continu andere invallers voor de klas. Dat is vervelend voor de kinderen. Maar ook lastig voor de invalkrachten, die kennen de groep en de lesmethode niet. „Dat komt de onderwijskwaliteit niet ten goede.”

Zijderveld vertelt over een invaller die na zes keer niet meer mocht komen. Nu gaat ze naar een andere school van een ander schoolbestuur veertig kilometer verderop. En de invalkracht van die school, die komt nu bij een van de scholen van Zijderveld. „Dat is toch van de zotte? De mensen zijn er, het geld is er, maar het mag gewoon niet.”

Alleen nog langdurige inval

Maar niet alleen voor de scholen, ook voor de invalkrachten werkt de WWZ averechts. „We krijgen geen vast werk, maar minder werk”, zegt invaljuf Joke van Til uit Harderwijk. Ze wordt veel gevraagd voor losse dagen. „Bij een schoolbestuur ben ik al bijna zes keer geweest dus dat houdt straks op. Terwijl het schooljaar nog maar net is begonnen.”

Van Til hoort van andere invallers dat die voor een losse dag niet naar een school gaan. En alleen nog voor langdurige inval komen, een zwangerschapsverlof bijvoorbeeld.

Als een leerkracht ziek is, belt schooldirecteur Nico Kools in Diessen met leraren die parttime werken. „Maar die kunnen vaak niet op hun vrije dag, ze werken ook niet voor niets parttime.” De klassen verdelen is geen optie. „Dan zitten er 40 kinderen in één klas.” Kools ziet dat de werkdruk toeneemt. „Mensen durven zich niet meer ziek te melden.”

Op Avonturijn in Hilversum ligt nu een ‘paniekpakket’ klaar, vertelt directeur Ellen van Dorssen. „Als een leerkracht ziek is, en we willen de groep verdelen, dan hebben we in het pakket een stapel werkbladen die gekopieerd kunnen worden zodat de kinderen aan het werk kunnen.”

Onderwijsorganisaties zijn bezorgd. Straks is er een griepgolf, hoe gaan scholen dat opvangen, vraagt Rinda den Besten van de PO-Raad zich af. Ze heeft haar beklag gedaan bij het ministerie van Sociale Zaken. „Iedereen in het onderwijs zegt dat dit niet werkt. Wanneer luistert Den Haag eens naar het veld?”