Gordon: ‘Ik stop als zanger uit protest’

Afscheid „Nederlandstalige muziek wordt niet serieus genomen, ” vindt Gordon. Daarom geeft hij maandag en dinsdag afscheidsconcerten als zanger. Maar dat zijn gehoor hapert, speelt ook mee bij zijn afscheid: „Ik hoor mezelf als echo.”

Foto Paul Levitton/ Hollandse Hoogte


Gordon stopt als zanger. Hij kondigde het een jaar geleden al aan. Maandagavond en dinsdag is het zover: dan neemt hij met twee concerten in een uitverkocht Concertgebouw in Amsterdam afscheid van zijn publiek. Out with a bang – dat is de bedoeling. Samen met het Metropole Orkest brengt hij Gordon 25 jaar volmaakt het einde!, een viering van zijn zilveren jubileum in greatest hits, van de single die zijn doorbraak markeerde (Kon ik maar even bij je zijn) tot de liedjes van wat volgens hem echt zijn allerlaatste album zal zijn..

Tussen repetities met het Metropole Orkest door - „prachtig, zingen met een orkest geeft altijd zo’n kick” – zegt de zanger dankbaar te zijn voor de mooie periodes in zijn carrière. Hij verkocht veel platen, kreeg gouden en platina awards en bouwde een fanbase op die hem door het land volgde. Maar de zanger maakt er al tijden geen geheim van: zijn afscheid van de muziekindustrie en de Nederlandse podia is tevens een al lang verkondigde aanklacht tegen de „respectloze manier waarop wordt omgegaan met artiesten van eigen bodem die zó hard werken en geen enkele kans krijgen. Die hun neus maar blijven stoten tegen formats van zenders.”

‘Laatdunkend over Nederlands’

Gordon blijft erbij: zijn muziek is nooit helemaal op waarde geschat: „Hilversum heeft nooit een blijk van waardering laten horen aan mij.” Zijn stoppen is dan ook een „protest”. Niet dat hij nou zo nodig op de barricaden moet springen voor de belangen van iedere Nederlandse artiest, maar hij heeft een punt te maken. Waar is nog de aandacht op de Nederlandse radio voor Nederlandstalige muziek? „Nederlandstalige muziek is cultuur, maar er wordt vooral laatdunkend over gedaan. In landen als Griekenland, Italië, Duitsland en Frankrijk wordt de taal beschermd door de overheid, en is de radio verplicht muziek volgens een muziekquota uit te zenden .”

Muziek opnemen heeft voor hem dan ook „geen enkele zin meer”. Naar zijn albums met de populair-klassieke zangformatie LA The Voices en zijn voorlaatste album luisterde immers „geen hond van de radio.” Gordon: „Er is vooral lacherig over gedaan. Ja, ik ben goed voor ‘het foute uurtje’. Wat is er dan fout aan, heb ik me altijd afgevraagd. Mensen vinden het toch leuk?”

Met ,,opgeheven hoofd” en goed, een beetje pijn in het hart, zingt hij alleen deze keer nog in het Concertgebouw. Daarbij speelt ook zijn gezondheid een rol: hij is suikerpatiënt en hij heeft een gehoorbeschadiging overgehouden aan het verkeersongeluk op een Grieks eiland waarbij hij werd aangereden. „Ik hoor mezelf in mijn hoofd, een soort echo, vreselijk.”

Direct schaterend: „Eigenlijk hoor ik nu wat iedereen hoort.”

Liever zanger dan kok

Gordon, in 1968 geboren als Cornelis Heukeroth, was de jongste in een gezin met acht kinderen. Zijn koksopleiding ten spijt wilde de blond gepoedelkrulde Gordon toch vooral zanger worden. Op zijn kamer was hij in de weer met een soundmixapparaat; hij hield van soul en van gospel.

Gordon in 1992

Gordon in 1992. Foto Paul Levitton/ Hollandse Hoogte

Zingend stond hij op de Albert Cuyp-markt in Amsterdam in de kraam van zijn ouders. Wát een stem heeft die jongen, hoorde hij vaak. In de deze week uitgezonden documentaire van Michiel van Erp is te zien hoe Gordon uitblinkt op talentenjachten.

Na zijn doorbraak in 1991 met Kon ik nog maar bij je zijn, dat vier weken nummer-1 stond, bijt de zanger zich vooral vast in Nederlandstalig repertoire met mierzoete liefdesliedjes als Omdat ik zoveel van je hou (een cover van Céline Dion), Jong voor altijd, Ik hou van jou en het luchtige Ik bel je zomaar even op. Het album Now is the Time (1994) brengt daar verandering in: Engelstalig, en Gordon zingt lyrisch en uitbundig met een gospelkoor. Met de jaren schuift hij dan ook op richting r&b, waar zijn zoetgevooisde, graag in ad-libs uitbarstende zang prima bij past. De samenwerking met de r&b groep Re-Play is behoorlijk succesvol, met het voor het Nationaal Songfestival opgenomen als Never Nooit Meer als hit.

Zes jaar maakt Gordon daarna deel uit van het razend populaire zangtrio De Toppers. Met de zangers Gerard Joling en René Froger dost hij zich uitzinnig uit om in reeksen van uitverkochte stadionconcerten eigen hits, popklassiekers en medleys van Songfestivalhits te zingen. De Toppers zijn totaal over the top, het is veel camp en kitsch overladen publieksamusement. Echter zeer populair. Met het door Gordon geschreven liedje Shine strandt het drietal als Nederlandse inzending voor het Eurovisiesongfestival in 2009. Met veel gebekvecht in de media breken ze op.

De behoefte van Gordon met anderen te zingen blijft. Hij richt de populair-klassieke zanggroep Los Angeles, The Voices op, dat naar voorbeeld van de Britse zanggroep Il Divo is gemodelleerd. Drie jaar, tot en met 2013, gaat hij met hen op pad, tot ook hier onderlinge onenigheid openlijk bevochten wordt.

Hij zou het niet weer doen

Nu zegt Gordon: hij zou het die goedlachse jongen van toen, die droomde van een carrière, hebben afgeraden. „Als ik toen had geweten welke prijs ik zou betalen in mijn privéleven had ik het nooit gedaan. Ik had er een andere voorstelling van: glitter, glamour en aardige mensen. Dat was het niet, het was vechten en elleboogwerk. Ja zeker, er waren mooie tijden. Ik heb Ahoy, Carré en de Arena volgezongen met collega’s. Maar het kostte me relaties, mijn familie is uit elkaar gevallen”, en een privéleven heeft hij amper meer, zegt hij.

De laatste jaren is Gordon veelvuldig op televisie: als presentator, hoofdpersoon in reality-tv, jurylid in talentenjachten. Geer & Goor: Zoeken Een Hobby! was genomineerd voor de Gouden Televizier-Ring. Op het podium staat hij al een tijd niet meer. Naast zijn tv-werk is hij ondernemer: hij heeft twee koffiehuizen (‘Blushings’). En zul je nu zien: draaien ze nu ineens zijn afscheidsplaat ‘Compleet’ op radiozenders als Radio 538 en zelfs NPO Radio 2. Gordon: „Ze zijn gewoon blij dat ik opsodemieter.” Maar hij zou Gordon niet zijn als hij de complimenten van radionestor Frits Spits toch niet weer als aanmoediging ervaart. „Jaarlijks met het Metropole Orkest”, droomt hij alvast hardop. ,,Maar geen optredens door het land en zeker geen platen meer.”