Sint, mag ik een vrijer als cadeau? Sinterklaas was ooit ‘goedhuwelijksman’

Sint en Piet

Sinterklaas was ooit huwelijksmakelaar, tonen oude ansichtkaarten. Pepernoten strooien is een vruchtbaarheidssymbool. Dat staat in het boek ‘1000 jaar Sinterklaas’, over de steeds veranderende traditie rond Sint en Piet.

Sinterklaas als koppelaar en 'goedhuwelijksman', ansichtkaart uit 1900 Kaart uit boek '1000 jaar Sinterklaas'

Dat we Sinterklaas een ‘goedheiligman’ noemen, komt niet omdat we hem zo heilig vinden – het is een verbastering van ‘hylick’ man, huwelijk man. Sint is een goedhuwelijksman: zeker tot rond 1900 werd Sint in Nederland, Frankrijk en België als huwelijksmakelaar gezien. Neem deze ‘Meysjesbede’ uit 1875: „Sint Nicolaas Goedheiligman! …/ U roep ik heel droevig an;/ Niet om zoete koek of vijgen,/ Of om kinderpoppengoed./ Laat mij maar een vrijer krijgen/ Die mijn minnelust voldoet.”

Er werden vroeger rond 5 december Sint- ansichtkaarten gestuurd aan ongetrouwde mannen en vrouwen, met de wens dat ze snel zouden trouwen. Die rol als koppelaar heeft de Sint tegenwoordig helemaal niet meer; die wordt de laatste tijd overgenomen door Sint Valentijn, een vage heilige, op Valentijnsdag op 14 februari, een traditie die uit Amerika is komen overwaaien.

Dat Sint aanvankelijk de koppelaar was, hangt samen met de oudste legende over Sint Nicolaas; hij zou als rijke, gulle jongeman (nog niet als bisschop) goudstukken door de ramen hebben gegooid bij een huis, drie avonden opnieuw, om te voorkomen dat een arme man zijn drie dochters in de prostitutie zou dwingen; de man had geen geld voor een bruidsschat, en dan kon een meisje niet trouwen. De goedhuwelijksman Sint strooide goudstukken, zodat ze netjes trouwen konden. En dat allemaal in het vroegchristelijk gebied dat nu Zuidwest-Turkije is, rond 300 na Christus. Daar begint het Sint-verhaal, dat zich steeds lijkt te veranderen en aan te passen, hoewel de kern – barmhartigheid, gulheid – blijft.

Vruchtbaarheidsbevorderaar

De vroege Sint was meer dan een koppelaar, hij was beschermheer van varensgasten, handelaren en vooral een kindervriend, die ook nog als beschermheilige van een vruchtbaar huwelijk gezien werd: hij was de man die een rijke kinderzegen bevorderde. Vandaar dat er nu nog steeds pepernoten rondgestrooid worden tijdens het Sinterklaasfeest. Die pepernoten zijn symbool voor de vruchtbaarheid, rijkelijk gestrooid zaaigoed.

Bovendien was ‘pepernoot’ vroeger een woord voor ‘penis’, schrijft journalist Peter van Trigt in zijn pas verschenen boek 1000 jaar Sinterklaas … en nu het ware verhaal van Sint Nicolaas en zijn knecht. Het biedt een helder beschreven en mooi geïllustreerd overzicht van de vele veranderingen die Sint Nicolaas de afgelopen eeuwen onderging. Sommige aspecten van Sint, zoals zijn rol als vruchtbaarheidsbevorderaar, gaan terug tot heidense gebruiken, schrijft hij; Sints baard en paard lijken zelfs terug te gaan op Wodan, de Germaanse god die te paard door de hemel reed.

In stukken gehakte scholieren

Sint brengt in stukken gehakte kinderen tot leven; als mirakelspel veel op scholen gespeeld

Sint brengt in stukken gehakte kinderen tot leven; als mirakelspel veel op scholen gespeeld

De basis voor het boek van Van Trigt is zijn enorme verzameling aan Sint gewijde ansichtkaarten. Hij toont recente ontwikkelingen en volgt het spoor van de populaire verbeelding terug naar de oorsprong, iconen en schilderijen van de goedheiligman. Zo zijn er veel ansichtkaarten uit Frankrijk en België van rond 1900, waarin Sint te zien is bij een vat met drie kinderen. Dat gaat terug op de legende dat Sint drie vermoorde en in stukken gehakte scholieren, die in een pekelvat zaten, weer tot leven wekte. Als mirakelspel werd dat verhaal op veel scholen nagespeeld, met Sint als ware kindervriend in de hoofdrol.

Ook de veranderende rol van de knecht van Sint komt in het boek aan de orde. Pas in de Middeleeuwen kreeg Sint in carnavaleske kinderoptochten helpers, vaak een duivel of boeman, die stoute kinderen met straf dreigde. Er zijn witte knechten, bosgeesten, zwarte sinten, die in katholieke streken in Duitsland nog populair zijn; Van Trigt toont de plaatjes.

Tijdens de Reformatie werd in Nederland het Sintfeest vooral binnenshuis gevierd. Op straat vertoonde Sint zich niet – hij was immers een paapse heilige, en die waren niet geliefd in protestant Holland.

Studenten in pofbroeken

Maar als opvoeder maakte de Sint een comeback in de 19de eeuw in Nederland. Dat in die tijd een slaaf voor Zwarte Piet model stond, betwijfelt Van Trigt. Hij vindt dat wetenschappers die dat beweren een te beperkte blik hebben. In de mengeling van folklore en religie die het Sintfeest is, spelen allerlei invloeden mee op de vorming van Zwarte Piet, van de Moorse koning uit de Driekoningen-optochten, tot 19de-eeuwse studentenoptochten waarbij de overwinning op de Spanjaarden gevierd werd, met edelen en pages in pofbroeken en gepluimde baretten – het pietenpak.

Sints knecht: in Duitsland soms ook de duivel.

Sints knecht: in Duitsland soms ook de duivel.

Maar Pietermanknecht kreeg geleidelijk wel steeds meer het karikaturale uiterlijk van een zwarte man. Dat kwam ook door de commercie en reclamebeelden die na de crisis in de jaren dertig van de vorige eeuw het sintfeest vormgaven. Sint en Piet werden aanjagers van de handel.

Dat die Zwarte Piet nu door de discussie over discriminatie weer een ander uiterlijk krijgt, als Roetvegenpiet, past eigenlijk in de steeds veranderende sinttraditie, schrijft Van Trigt. De roe en rammelende kettingen, die vroegere sintknechten hadden, of de dreiging dat stoute kinderen in de zak gestopt zouden worden om naar Spanje (of de hel) gestuurd te worden, zijn ook zo goed als verdwenen.

Dat Sint en Piet steeds veranderen, dat is de traditie, laat dit boek duidelijk zien.

Peter van Trigt: 1000 jaar Sinterklaas … en nu het ware verhaal van St. Nicolaas en zijn knecht. LM Publishers, 224 blz. € 24,50